<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:ORBAACM:2025:17</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-07T19:11:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Raad_van_Beroep_in_Ambtenarenzaken_van_Aruba_Curacao_Sint_Maarten_en_van_Bonaire_Sint_Eustatius_en_Saba" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA2024H00134</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_ambtenarenrecht">Bestuursrecht; Ambtenarenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:OGAACMB:2024:18" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Eerste aanleg: ECLI:NL:OGAACMB:2024:18</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:ORBAACM:2025:17">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:ORBAACM:2025:17</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-24T19:47:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:ORBAACM:2025:17 Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba , 20-10-2025 / AUA2024H00134</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:ORBAACM:2025:17:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>medewerker onderhoud bij KIA maakt zich schuldig aan mensensmokkel. Dit levert plichtsverzuim op. Disciplinaire straf van onvoorwaardelijk ontslag is niet onevenredig. Bevestiging aangevallen uitspraak.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:ORBAACM:2025:17:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="underline">Landsverordening ambtenarenrechtspraak (La)</bridgehead>
    <para>Uitspraakdatum: 20 oktober 2025                          </para>
    <para>Zaaknummer: AUA2024H00134</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RAAD VAN BEROEP</bridgehead>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">IN AMBTENARENZAKEN</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Uitspraak </bridgehead>
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">[Appellant],</bridgehead>
    <parablock>
      <para>appellant (hierna: [appellant]),</para>
      <para>gemachtigde: mr. P.M.E. Mohamed, advocaat,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen de uitspraak van het Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba (Gerecht) van <?linebreak?>15 april 2024, zaaknummer AUA202303731 (aangevallen uitspraak),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in het geding tussen:</para>
      <para>[Appellant]</para>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">de Gouverneur van Aruba,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>geïntimeerde (hierna: de gouverneur),</para>
      <para>gemachtigde: mr. V.M. Emerencia. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <parablock>
      <para>[Appellant] heeft hoger beroep ingesteld.</para>
      <para>De gouverneur heeft een contramemorie ingediend.</para>
      <para>De Raad heeft het hoger beroep behandeld op de zitting van 25 augustus 2025. Voor [appellant] is zijn gemachtigde verschenen. De gouverneur heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Waar gaat de zaak over?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. 	Voor de feiten die in deze zaak van belang zijn, verwijst de Raad naar de aangevallen uitspraak, gepubliceerd onder nummer ECLI:NL:OGAACMB:2024:18</para>
      <para>De Raad volstaat hier met het volgende.</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Op 9 maart 2022 is [appellant] strafrechtelijk veroordeeld voor mensensmokkel tot een gevangenisstraf van drie maanden, waarvan 41 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en een werkstraf van 60 uur. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De gouverneur heeft [appellant] met het Landsbesluit van 7 september 2023 met onmiddellijke ingang disciplinair ontslagen uit zijn functie van medewerker onderhoud bij het Korrektie Instituut Aruba (KIA). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Aan het ontslag heeft de gouverneur primair ten grondslag gelegd dat [appellant] zich schuldig heeft gemaakt aan mensensmokkel, dat hij daarover leugenachtige verklaringen heeft afgelegd en dat hij ongeoorloofd afwezig is geweest tijdens zijn schorsing. Dit levert volgens de gouverneur ernstig plichtsverzuim op. Subsidiair heeft de gouverneur [appellant] ontslagen op grond van functionele ongeschiktheid.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wat is het oordeel van het Gerecht?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>2. Het Gerecht heeft bij de aangevallen uitspraak het bezwaar van [appellant] tegen het ontslag ongegrond verklaard. Het Gerecht heeft daarbij overwogen dat het plichtsverzuim van [appellant] zo ernstig is dat de disciplinaire straf van ontslag daaraan niet onevenredig is. Het Gerecht wijst er daarbij op dat van alle medewerkers in de justitiële keten waarin [appellant] werkzaam is verwacht mag worden dat zij zich houden aan hun ambtelijke verplichtingen zodat aan hun integriteit niet hoeft te worden getwijfeld. Deze verplichtingen heeft [appellant] geschonden. Bij zijn oordeel heeft het Gerecht laten meewegen dat aan [appellant] eerder al voorwaardelijk ontslag is verleend met een proeftijd van twee jaar. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wat heeft [appellant] aangevoerd tegen de uitspraak van het Gerecht?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>3.	 [ Appellant] heeft in hoger beroep net als in bezwaar aangevoerd dat de straf van ontslag te zwaar is. Een schorsing uit zijn functie of een voorwaardelijk ontslag was meer op zijn plaats geweest eventueel met een overplaatsing. Hij wijst er daarbij op dat hij niet zoals een medewerker in de functie van bewaker direct contact met de gevangenen heeft. Zijn voorbeeldfunctie moet in die zin niet overschat worden. Verder moet rekening gehouden met zijn persoonlijke situatie, met name met het feit dat hij onder druk van de familie de verwijtbare handelingen heeft gepleegd. [Appellant] was dus niet uit op winstbejag. Volgens [appellant] hoeft er niet getwijfeld te worden aan zijn integriteit omdat hij zich niet eerder gedurende zijn dienstverband schuldig heeft gemaakt aan het handelen dat hem nu wordt verweten. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Hoe oordeelt de Raad?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <para>4. De Raad stelt voorop dat [appellant] de hem verweten gedragingen niet betwist. Op de zitting heeft hij nog vermeld dat hij geen hoger beroep tegen het strafvonnis heeft ingesteld. Het betoog van [appellant] komt erop neer dat een minder zware straf dan ontslag passender is in zijn situatie. De Raad volgt [appellant] daarin niet en motiveert dat als volgt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Als plichtsverzuim een ambtenaar kan worden toegerekend, is de gouverneur bevoegd een disciplinaire straf op te leggen. Een disciplinaire straf moet in verhouding staan tot de aard en ernst van het gepleegde plichtsverzuim. Bij de afweging welke disciplinaire straf passend is, heeft de gouverneur beoordelingsruimte. Slechts indien geoordeeld moet worden dat de opgelegde straf in redelijkheid niet passend kan worden geacht, kan de rechter tot vernietiging daarvan overgaan. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Het staat vast dat [appellant] zich schuldig heeft gemaakt aan mensensmokkel. Alleen al dit gedrag moet worden aangemerkt als zeer ernstig plichtsverzuim. Mensensmokkel raakt rechtstreeks de integriteitseisen die aan een ambtenaar en zeker een ambtenaar werkzaam binnen een penitentiaire inrichting worden gesteld. Integriteit en betrouwbaarheid zijn immers onmisbaar voor het functioneren binnen een justitiële organisatie. Dat [appellant] als medewerker onderhoud minder direct contact met de gevangenen heeft, maakt dat niet anders. Dat [appellant] niet uit financieel gewin, maar onder druk van zijn familie zou hebben gehandeld, doet aan de ernst van zijn handelen niet af. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De Raad onderkent dat het ontslag verstrekkende gevolgen voor [appellant] heeft. [appellant] verliest zijn baan en daarmee zijn inkomen. Gelet echter op de aard en ernst  van het door [appellant] gepleegde plichtsverzuim, acht de Raad het disciplinaire ontslag niet onevenredig. Het Gerecht is terecht en op goede gronden tot hetzelfde oordeel gekomen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>Conclusie</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>De slotsom is dat het hoger beroep niet slaagt. De Raad zal de aangevallen uitspraak bevestigen. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.  </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing </title>
    <para>De Raad van Beroep <emphasis role="underline">bevestigt</emphasis> de aangevallen uitspraak. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gewezen door mr. B.J. van Ettekoven, voorzitter, en mr. A.H.M. van de Leur en mr. P. Klik, leden, en uitgesproken in het openbaar op 20 oktober 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>