<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGHNAA:2010:BN5947</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:53:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BN5947</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GHvJAntil" scheme="psi.rechtspraak">Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-07-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">HLAR 083/09</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGHNAA:2010:BN5947">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGHNAA:2010:BN5947</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:53:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-09-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGHNAA:2010:BN5947 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba , 19-07-2010 / HLAR 083/09</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGHNAA:2010:BN5947:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Appellante heeft het bezwaarschrift niet binnen de daarvoor gestelde termijn ingediend. Hof acht de termijnoverschrijding niet verschoonbaar. In de beschikkingen is, anders dan appellante stelt, het door haar nader opgegeven adres vermeld. Het betoog ontbeert derhalve feitelijke grondslag. Hof bevestigt de uitspraak.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGHNAA:2010:BN5947:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>HLAR 083/09</para>
      <para>Datum uitspraak: 19 juli 2010</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE </para>
      <para>VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN EN ARUBA</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitspraak op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap Panaderia Filomena N.V., </para>
      <para>gevestigd op Curaçao,</para>
      <para>appellante,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, van 13 oktober 2009 in zaak nr. 2008/150 in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellante</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Sociale Verzekeringsbank.</para>
    <para />
    <para />
    <para>1. Procesverloop</para>
    <para />
    <para>Bij onderscheiden beschikkingen van 27, 28 en 30 mei 2002 heeft de Sociale Verzekeringsbank (hierna: de SVB) appellante (hierna: Filomena) naheffingsaanslagen premies ziekteverzekering en ongevallenverzekering over de jaren 1997, 1998 en 1999 opgelegd.</para>
    <para />
    <para>Bij beschikking van 18 november 2008, voor zover thans van belang, heeft de SVB het door Filomena daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.</para>
    <para />
    <para>Bij uitspraak van 13 oktober 2009 heeft het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, (hierna: het Gerecht) het door Filomena daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>Tegen deze uitspraak heeft Filomena bij brief, bij het Hof ingekomen op 25 november 2009, hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>De SVB heeft een verweerschrift ingediend. </para>
    <para />
    <para>Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 31 mei 2010, waar Filomena, vertegenwoordigd door A. Moenir-Alam, advocaat, vergezeld door […] en […], en de SVB, vertegenwoordigd door mr. M. Bonafasia, werkzaam in haar dienst, zijn verschenen.</para>
    <para />
    <para />
    <para>2. Overwegingen</para>
    <para />
    <para>2.1. Niet in geschil is dat het bezwaarschrift van 22 augustus 2006 niet binnen de daarvoor gestelde termijn is ingediend. Volgens Filomena heeft het Gerecht miskend dat zij heeft aangetoond dat de termijnoverschrijding het gevolg is van haar niet toe te rekenen bijzondere omstandigheden en het bezwaarschrift zo spoedig als dit redelijkerwijs kon worden verlangd heeft ingediend. Daartoe stelt zij dat - samengevat weergegeven - de beschikkingen van 27, 28 en 30 mei 2002 ten onrechte naar het voormalige bedrijfsadres zijn verzonden dat toen niet meer in gebruik was en zij dadelijk bezwaar heeft gemaakt, nadat zij van het bestaan ervan op de hoogte was geraakt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.1.1. Voor het antwoord op de vraag of de termijnoverschrijding verschoonbaar is, is, gelet op artikel 56, derde lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak, van belang of deze het gevolg is van Filomena niet toe te rekenen bijzondere omstandigheden en zij voorts het bezwaarschrift heeft ingediend, zo spoedig als dit redelijkerwijs kon worden verlangd. </para>
      <para>In de beschikkingen is, anders dan zij stelt, het door Filomena nader opgegeven adres vermeld. Het betoog ontbeert derhalve feitelijke grondslag. Dat de beschikkingen niet tijdig aan Filomena bekend zijn geworden door een haar niet toe te rekenen bijzondere omstandigheid, is aldus niet aannemelijk gemaakt. Dat zij, nadat zij bekend was geraakt met het bestaan ervan, als gesteld, zo spoedig mogelijk bezwaar heeft gemaakt, heeft onder die omstandigheden niet de betekenis, die zij daaraan gehecht wil zien.</para>
      <para>Het betoog faalt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2.2. Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van het Gerecht wordt bevestigd.</para>
    <para />
    <para>2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <para>3. Beslissing</para>
    <para />
    <para>Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba</para>
    <para />
    <para>Recht doende in naam der Koningin:</para>
    <para />
    <para>bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Aldus vastgesteld door mr. H.L. Wattel, voorzitter, en mr. R.W.L. Loeb en mr. A.W.M. Bijloos, leden, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Isenia, griffier.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>w.g. Wattel</para>
      <para>voorzitter</para>
      <para>w.g. Isenia</para>
      <para>griffier</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitgesproken in het openbaar op 19 juli 2010</para>
    <para />
    <para>Verzonden: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor eensluidend afschrift,</para>
      <para>de griffier,</para>
      <para>voor deze,</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>