<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGHACMB:2024:85</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-06-13T16:07:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-06-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GHACSMBES" scheme="psi.rechtspraak">Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-06-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">SXM2023H00139</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGHACMB:2024:85">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGHACMB:2024:85</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-06-13T16:06:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-06-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGHACMB:2024:85 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba , 12-06-2024 / SXM2023H00139</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGHACMB:2024:85:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Hoger beroep tegen uitspraak over verzoek om nakoming uitspraak Gerecht. Het Hof verklaart zich onbevoegd. Op grond van de Landsverordening administratieve rechtspraak staat geen hoger beroep open tegen een uitspraak die op grond van artikel 98, derde lid, is gedaan. Dat het verzoek vereenvoudigd is afgedaan, kan die regel niet doorbreken.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGHACMB:2024:85:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>SXM2023H00139</para>
    <para>Datum uitspraak: 12 juni 2024</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="caps">gemeenschappelijk hof van jusTitie </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="caps">van aruba, CURAÇAO, SINT MAARTEN</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="caps">EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitspraak op het hoger beroep van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[appellant], wonend in Sint Maarten,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>appellant,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten (hierna: het Gerecht) van 17 juli 2023 in zaak nr. SXM202201108 verzet, in het geding tussen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>appellant</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening, Milieu en Infrastructuur (hierna: de minister)</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para>Bij uitspraak van 25 november 2022 in zaak nr. SXM202201108 heeft het Gerecht, met toepassing van artikel 79 van de Landsverordening administratieve rechtspraak (hierna: de Lar), het verzoek van [appellant] om te bepalen dat de minister alsnog gevolg geeft aan de uitspraak van het Gerecht van 20 juni 2022 in zaak SXM202101427), nietontvankelijk verklaard.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de uitspraak van 17 juli 2023 heeft het Gerecht het door [appellant] daartegen op grond van artikel 80 van de Lar gedane verzet ongegrond verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Hof heeft de zaak op een zitting behandeld op 19 april 2024. [appellant], vertegenwoordigd door mr. R.E. Duncan, advocaat, en de minister, vertegenwoordigd door mr. Z.J.A. Bary, advocaat, zijn verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>Op 11 juni 2020 heeft [appellant] de minister verzocht om openbaarmaking van bepaalde documenten. Dat verzoek heeft de minister niet-ontvankelijk verklaard omdat het onvoldoende gespecificeerd was. Het daartegen gemaakte bezwaar heeft de minister op 16 november 2021 ongegrond verklaard. Het daartegen ingestelde beroep is bij de uitspraak van 20 juni 2022 gegrond verklaard, de beschikking op bezwaar is vernietigd en de minister is opgedragen de door [appellant] gevraagde documenten binnen vier weken te verstrekken. Vervolgens heeft [appellant] het Gerecht op 29 september 2022 op grond van artikel 98, eerste lid, van de Lar verzocht te bepalen dat de minister alsnog gevolg geeft aan de uitspraak van 20 juni 2022. Dat verzoek heeft het Gerecht in de uitspraak van 25 november 2022 niet-ontvankelijk verklaard omdat de minister met de beschikking van 1 november 2022 uitvoering heeft gegeven aan de uitspraak van 20 juni 2022. [appellant] is tegen de uitspraak van 25 november 2022 in verzet gegaan en dat verzet is in de aangevallen uitspraak ongegrond verklaard. Daartegen heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Het Hof oordeelt, ambtshalve, dat het niet bevoegd is om kennis te nemen van dit hoger beroep. Artikel 75, eerste lid, van de Lar bepaalt tegen welke uitspraken van het Gerecht hoger beroep openstaat op het Hof. In die bepaling wordt artikel 98 van de Lar niet genoemd. Tegen een uitspraak die op grond van artikel 98, derde lid, van de Lar is gedaan, staat dus geen hoger beroep open. In dit geval doet zich de bijzondere omstandigheid voor dat het Gerecht het door [appellant] op grond van artikel 98, eerste lid, van de Lar gedane verzoek, met toepassing van artikel 79 van de Lar, vereenvoudigd heeft afgedaan. Artikel 79 van de Lar is echter niet van toepassing op een verzoek aan het Gerecht om te bepalen dat aan een eerdere uitspraak gevolg wordt gegeven en het Gerecht heeft daarom aan die bepaling ten onrechte toepassing gegeven. Dat tegen een uitspraak als bedoeld in artikel 79 van de Lar verzet openstaat en dat tegen een uitspraak op zo’n verzet vervolgens (wel) hoger beroep openstaat, doorbreekt daarom niet de regel dat tegen een uitspraak die op grond van artikel 98, derde lid, van de Lar is gedaan geen hoger beroep openstaat. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>verklaart zich onbevoegd om van het hoger beroep kennis te nemen.</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus vastgesteld door mr. W.H. Bel, voorzitter, en mr. T.G.M. Simons en mr. G.T.J.M. Jurgens, leden, in tegenwoordigheid van mr. R.M.C.S. van der Heide, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>w.g. Bel</para>
              <para>voorzitter</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>w.g. Van der Heide</para>
              <para>griffier</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitgesproken in het openbaar op 12 juni 2024.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>