<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGHACMB:2021:423</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-06T14:51:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-01-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GHACSMBES" scheme="psi.rechtspraak">Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-12-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">100.00501/20 (zaak A) en 100.00516/19 (zaak B)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verstek">Verstek</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGHACMB:2021:423">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGHACMB:2021:423</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-01-28T15:27:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGHACMB:2021:423 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba , 17-12-2021 / 100.00501/20 (zaak A) en 100.00516/19 (zaak B)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGHACMB:2021:423:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eendaadse samenloop diefstal in vereniging met braak en vernieling.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGHACMB:2021:423:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>Zaaknummer: H19/2021</title>
    <parablock>
      <para>Parketnummers: 100.00501/20 (zaak A) en 100.00516/19 (zaak B)	</para>
      <para>Uitspraak:  	17 december 2021		Verstek</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Vonnis </title>
    <para>gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten (hierna: het Gerecht) van 11 februari 2021 in de strafzaak tegen de verdachte:</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>[VERDACHTE],</title>
    <parablock>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1998 in [geboorteplaats],</para>
      <para>wonende in [woonplaats], adres: [adres].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Hoger beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Gerecht heeft de verdachte bij zijn vonnis ter zake van het onder zaak A en B ten laste gelegde veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 180 uren, subsidiair 90 dagen hechtenis, waarvan 60 uren voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren met aftrek van voorarrest. Daarbij heeft het Gerecht bijzondere voorwaarden gesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft hoger beroep ingesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Onderzoek van de zaak </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting. </para>
      <para>Mr. M.K.A. Hart, advocaat te Sint Maarten, was namens de verdachte bij de terechtzitting in hoger beroep aanwezig.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Hof heeft kennisgenomen van de vordering van de procureur-generaal, </para>
      <para>mr. R.H. den Haan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De procureur-generaal heeft gevorderd dat het Hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vonnis waarvan beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat het Hof tot andere beslissingen komt. Het Hof zal daarom het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat<emphasis role="italic">:</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Zaak A</emphasis>
      </para>
      <para>1.</para>
      <para>hij op of omstreeks 25 oktober 2020 in Sint Maarten, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een voertuig heeft weggenomen:</para>
      <para>een boormachine en/of een waterpas en/of een water houder en/of meerdere hamers en/of een gereedschapskist gevuld met diverse gereedschappen, althans een hoeveelheid aan gereedschappen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1] en/of [benadeelde bedrijf 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader,</para>
      <para>terwijl verdachte en/of zijn mededader zich de toegang tot de plaats van het</para>
      <para>misdrijf, te weten een voertuig, hebben verschaft en die weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op of omstreeks 25 oktober 2020, althans in of omstreeks de periode van 23 oktober 2020 tot en met 26 oktober 2020 in Sint Maarten, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen</para>
      <para>opzettelijk en wederrechtelijk een ruit en/of het paneel onder de stuurkolom van een voertuig (merk Ford, kenteken [kentekennummer]), in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 2] en/of [benadeelde bedrijf 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem verdachte en/of zijn mededader, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt, door een hard voorwerp te gooien, in elk geval kracht uit te oefenen op/ tegen voornoemde ruit en/of paneel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Zaak B</emphasis>
      </para>
      <para>hij op of omstreeks 20 september 2019 in Sint Maarten, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een aansteker in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de eigenaar van de boot genaamd [naam boot], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en zich daarbij de toegang tot die boot te verschaffen en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, </para>
      <para>door op/in voornoemde boot te klimmen en/of vervolgens een deur op voornoemde boot open te breken, althans geprobeerd om de deur open te breken,</para>
      <para>terwijl de uitvoering van dat door hem, verdachte voorgenomen misdrijf niet is voltooid.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Hof acht wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte het in Zaak A onder 1 en 2 en het in Zaak B ten laste is gelegd, met dien verstande dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Zaak A</emphasis>
      </para>
      <para>1.</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 25 oktober 2020 in Sint Maarten, tezamen en in vereniging met een ander, <emphasis role="strike-through">althans alleen,</emphasis> met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een voertuig heeft weggenomen:</para>
      <para>een boormachine en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een waterpas en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een water houder en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> meerdere hamers en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een gereedschapskist gevuld met diverse gereedschappen, <emphasis role="strike-through">althans een hoeveelheid aan gereedschappen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele</emphasis> toebehorende aan [benadeelde 1] en/of <emphasis role="strike-through">[benadeelde bedrijf 2]/of [benadeelde bedrijf 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader,</emphasis></para>
      <para>terwijl verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader zich de toegang tot de plaats van het</para>
      <para>misdrijf, te weten een voertuig, hebben verschaft en die weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 25 oktober 2020<emphasis role="strike-through">, althans in of omstreeks de periode van 23 oktober 2020 tot en met 26 oktober 2020</emphasis> in Sint Maarten, tezamen en in vereniging met een ander<emphasis role="strike-through">, althans alleen</emphasis></para>
      <para>opzettelijk en wederrechtelijk een ruit en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> het paneel onder de stuurkolom van een voertuig (merk Ford, kenteken [kentekennummer]<emphasis role="strike-through">), in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele</emphasis> toebehorende aan [benadeelde 2] <emphasis role="strike-through">en/of [benadeelde bedrijf 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem verdachte en/of zijn mededader,</emphasis> heeft vernield en/of beschadigd <emphasis role="strike-through">en/of onbruikbaar gemaakt</emphasis>, door <emphasis role="strike-through">een hard voorwerp te gooien, in elk geval</emphasis> kracht uit te oefenen op<emphasis role="strike-through">/ tegen </emphasis>voornoemde ruit en/of<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> paneel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Zaak B</emphasis>
      </para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 20 september 2019 in Sint Maarten, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om <emphasis role="strike-through">tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, </emphasis>met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een aansteker <emphasis role="strike-through">in elk geval enig goed, geheel of ten dele</emphasis> toebehorende aan de eigenaar van de boot genaamd [naam boot]<emphasis role="strike-through">, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte</emphasis> en zich daarbij de toegang tot die boot te verschaffen en/of <emphasis role="strike-through">die/</emphasis>dat weg te nemen goed<emphasis role="strike-through">eren</emphasis> onder zijn bereik te brengen door middel van braak<emphasis role="strike-through">, verbreking en/of inklimming, </emphasis></para>
      <para>door <emphasis role="strike-through">op/in voornoemde boot te klimmen en/of vervolgens een deur op voornoemde boot open te breken, althans geprobeerd </emphasis><emphasis role="italic">te proberen</emphasis> om de deur open te breken,</para>
      <para>terwijl de uitvoering van dat door hem, verdachte voorgenomen misdrijf niet is voltooid.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd (<emphasis role="italic">cursief</emphasis>). De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring, zijn niet in dit verkorte vonnis opgenomen. De bewijsmiddelen zullen worden opgenomen in een aanvulling op het vonnis, indien tegen dit vonnis beroep in cassatie wordt ingesteld en de Hoge Raad dat verzoekt. Het Hof wijst erop dat de verdachte, ingevolge artikel 10, tweede lid, van de Rijkswet rechtsmacht Hoge Raad voor Aruba, Curaçao, Sint Maarten en voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba, geen beroep in cassatie kan instellen tegen bij verstek gewezen vonnissen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid en kwalificatie van het bewezen verklaarde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het in Zaak A onder 1 bewezen verklaarde is voorzien bij en strafbaar gesteld in artikel 2:289 van het Wetboek van Strafrecht. Het in Zaak A onder 2 bewezen verklaarde is voorzien bij en strafbaar gesteld in artikel 2:334 van het Wetboek van Strafrecht. Het in zaak A onder 1 en 2 wordt als volgt gekwalificeerd:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>eendaadse samenloop van</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich </title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold"> 	de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold"> 	braak.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>en</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">medeplegen van opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het in Zaak B bewezen verklaarde is voorzien bij en strafbaar gesteld in artikel 2:288 van het Wetboek van Strafrecht. Het wordt als volgt gekwalificeerd:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>poging tot diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van </title>
    <bridgehead role="bold"> 	het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid van de verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep heeft mr. Hart aan het Hof en de procureur-generaal een brief van psychiater K. Pelswijk van Mental Health Foundation doen toekomen betreffende de persoon van de verdachte. Hieruit zou volgens mr. Hart moeten volgen dat de verdachte ontoerekeningsvatbaar was ten tijde van de gepleegde feiten. Weliswaar volgt uit deze brief dat de verdachte kampt met psychiatrische problemen, maar de inhoud van deze brief biedt verder geen handvatten om te komen tot het oordeel dat de verdachte ten tijde van de bewezen verklaarde feiten ontoerekeningsvatbaar was. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezen verklaarde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oplegging van straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de bepaling van de op te leggen straf wordt gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezen verklaarde is begaan, op de mate waarin de gedraging aan de verdachte te verwijten is en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarbij wordt rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals die onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijke strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft zich (op het zelfde moment) schuldig gemaakt aan de misdrijven diefstal met braak en vernieling, door samen met een ander onder meer de ruit van een auto te vernielen en vervolgens uit die auto goederen weg te nemen. Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan poging tot diefstal met braak door, toen hij op zoek was naar een aansteker, te proberen er een weg te nemen uit een boot. De verdachte heeft bij het lichtvaardig plegen van deze feiten (kennelijk) uitsluitend zijn persoonlijk gewin voor ogen gehad en niet stil gestaan bij de schade en andere vervelende gevolgen voor de eigenaren van de gestolen en vernielde zaken. Voorstelbaar is dat de bewezenverklaarde feiten naast materiële schade ook gevoelens van onrust en onveiligheid voor de betrokkenen hebben veroorzaakt of versterkt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte is, zo blijkt uit zijn strafkaart, niet eerder onherroepelijk veroordeeld voor een strafbaar feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan het Hof is de verklaring van de moeder van de verdachte ter kennis gebracht. Op grond van die verklaring, in het bijzonder bezien in verband met de inhoud van eerdergenoemde brief van psychiater Pelswijk gaat het Hof ervan uit dat de verdachte kampt met chronische psychiatrische problemen, dat zijn intelligentie beperkt is, en dat hij intensieve behandeling nodig heeft. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het bovenstaande is het Hof van oordeel dat bij de bestraffing van de verdachte het strafdoel van speciale preventie voorop dient te staan. Aldus zal van de door de procureur-generaal gevorderde straf alleen het voorwaardelijke deel aan de verdachte worden opgelegd, teneinde de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen. Daaraan zullen als voorwaarden worden verbonden dat de verdachte zich houdt aan de aanwijzingen, aan hem te geven door de reclassering dat hij psychologische behandeling ondergaat bij en begeleiding ontvangt van de Mental Health Foundation en dat hij zal meewerken aan het zoeken en houden van een positieve dagbesteding.</para>
      <para>Het Hof is, na dit een en ander te hebben afgewogen, tot de slotsom gekomen dat een voorwaardelijke taakstraf voor de duur van 120 uren passend en geboden is, met daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden zoals hiervoor genoemd. De verdachte zal daartoe dan ook worden veroordeeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Toepasselijke wettelijke voorschriften</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De op te leggen straf is, behalve op de reeds aangehaalde wettelijke voorschriften, gegrond op de artikelen 1:19, 1:20, 1:21, 1:22, 1:45, 1:46, 1:123; 1:133 en 1:136 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>vernietigt het vonnis van het Gerecht en doet opnieuw recht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de in Zaak A (parketnummer 100.00501/20) onder 1 en 2 en de in Zaak B (parketnummer 100.00516/20) ten laste gelegde feiten heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>kwalificeert het bewezen verklaarde als hiervoor omschreven;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en de verdachte daarvoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf, bestaande uit een werkstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">120 (honderdtwintig) uren,</emphasis> indien niet naar behoren verricht te vervangen door <emphasis role="bold">60 (zestig) dagen hechtenis</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd, van <emphasis role="bold">2 (twee) jaren</emphasis> aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of gedurende die proeftijd de hierna te melden bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>als bijzondere voorwaarden worden gesteld dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- de verdachte zich zal melden bij de SJIS-Afdeling Reclassering aan de A.J.C. Brouwers Rd. Nr. 4, Yogesh Commercial Building, Unit 2F/G;</para>
    <para>- de verdachte zich zal houden aan de instructies en aanwijzingen van deze instelling, zolang dit noodzakelijk wordt geacht;</para>
    <para>- de verdachte zal meewerken aan het ondergaan van psychologische begeleiding bij de Mental Health Foundation;</para>
    <para>- de verdachte zal meewerken aan het zoeken en behouden van een positieve dagbesteding, ook als dit inhoudt deelnemen aan het dagprogramma van de Mental Health Foundation;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>geeft de reclassering opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mrs. R.L.M. van Opstal, W.J. Geurts-de Veld en </para>
      <para>R. Veldhuisen, leden van het Hof, bijgestaan door mr. A.F. van der Heide (zittings)griffier, en op 17 december 2021 uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier ter openbare terechtzitting van het Hof in Sint Maarten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De uitspraakgriffier is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>