<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAM:2018:155</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-19T10:14:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-03-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ECLI:NL:OGHACMB:2018:151</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEASM" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-09-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">2018-99</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>GZR-Updates.nl 2018-0402</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAM:2018:155">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAM:2018:155</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-19T10:13:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-03-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAM:2018:155 Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten , 12-09-2018 / 2018-99</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAM:2018:155:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Beschikking van de Rechter-commissaris om de vordering tot machtiging verstrekking gevoelige gegevens af te wijzen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAM:2018:155:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>tijdelijk registratienummer 2018-99</para>
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">RECHTER-COMMISSARIS BELAST MET DE BEHANDELING VAN STRAFZAKEN</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>BESCHIKKING OP VORDERING VERSTREKKING GEVOELIGE GEGEVENS </title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Op <emphasis role="bold">11 september 2018 </emphasis>heeft de officier van justitie gevorderd dat de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken, een machtiging verstrekt tot het vorderen van gevoelige gegevens als bedoeld in artikel 177s van het Wetboek van Strafvordering in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>naam:</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="bold">NN</emphasis>
              </para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 177t van het Wetboek van Strafvordering (WvSv) luidt, voor zover hier relevant:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. De officier van justitie kan, indien het belang van het onderzoek dit dringend vordert, van degene van wie redelijkerwijs kan worden vermoed dat hij toegang heeft tot gegevens als bedoeld in artikel 177s, tweede lid, tweede volzin, deze gegevens vorderen, in geval van: </para>
    <para>a. verdenking van een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten, dat gezien zijn aard of de samenhang met andere vermoedelijk door de verdachte begane misdrijven een ernstige inbreuk op de rechtsorde oplevert; </para>
    <para>b. (…)</para>
    <para>2. Een vordering als bedoeld in het eerste lid kan noch worden gericht tot de verdachte noch tot de persoon, bedoeld in artikel 251, 252 of 253. </para>
    <para>3. (…) </para>
    <para>4. (…)</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 252, eerste lid, van het WvSv luidt, voor zover hier van belang, als volgt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>Van het (…) beantwoorden van bepaalde vragen kunnen zich (ook) verschonen zij, die uit hoofde van hun (…) beroep (…) tot geheimhouding verplicht zijn, doch alleen omtrent hetgeen waarvan de wetenschap aan hen als zodanig is toevertrouwd. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>(…)</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de vordering blijkt dat de Officier van Justitie vraagt om een machtiging om aan een arts van het Sint Maarten Medical Centre gegevens op te vragen over een (overleden) patiënt. De vordering is aldus gericht aan een verschoningsgerechtigde bedoeld in artikel 252 van het WvSv. Zoals uit het tweede lid van artikel 177t van het WvSv volgt, kan een vordering niet aan deze persoon worden gericht. De vordering van de Officier van Justitie moet daarom worden afgewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter informatie overweegt de rechter-commissaris nog dat deze materie in het Nederlandse WvSv anders is geregeld. Artikel 126nf van het Nederlandse WvSv betreft het vorderen van gevoelige gegevens. Het tweede lid van dit artikel verklaart artikel 96a van het Nederlandse WvSv van overeenkomstige toepassing. In dat artikel is, in het derde lid, bepaald dat –kort gezegd- verschoningsgerechtigden niet aan een bevel tot uitlevering behoeven te voldoen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook het WvSv kent in artikel 252 van het WvSv de bepaling, dat het aan de verschoningsgerechtigde wordt gelaten er voor te kiezen zich op het verschoningsrecht te beroepen. Het Nederlandse WvSv kent echter geen verbod om de vordering aan een verschoningsgerechtigde te richten, zoals het WvSv dat wel kent, in artikel 177t, tweede lid. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>B E S L I S S I N G :</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De rechter-commissaris:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wijst af de vordering van de Officier van Justitie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gegeven op Sint Maarten op  12 september 2018 door <emphasis role="bold">mr. C.W.M. Giesen</emphasis>, rechter-commissaris in strafzaken in het Gerecht in Eerste Aanleg.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>