<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAC:2025:115</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-06-26T14:59:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-06-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEAC" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Curaçao</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-02-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">CUR202402095</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2025:115">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2025:115</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-06-26T14:58:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-06-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAC:2025:115 Gerecht in eerste aanleg van Curaçao , 17-02-2025 / CUR202402095</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAC:2025:115:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzetzaak, ontruiming, huurachterstand.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAC:2025:115:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: CUR202402095</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van 17 februari 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[Opposante], </emphasis>
        <?linebreak?>wonend in [woonplaats],  <?linebreak?>opposante, <?linebreak?>gemachtigde: mr. H.M.M. Alejandra,  </para>
      <para>
        <?linebreak?>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>[Geopposeerde 1], </title>
    <parablock>
      <para>wonend in [woonplaats], </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">2. [Geopposeerde 2]</emphasis>,</para>
      <para>wonend in [woonplaats], <?linebreak?>geopposeerden, </para>
      <para>procederend in persoon.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop<?linebreak?></title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het procesverloop blijkt uit:<?linebreak?></para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het vonnis van 13 mei 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het verzetschrift van 10 juni 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord in oppositie;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de nadere producties van opposante; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mondelinge behandeling van 6 januari 2025, waar opposante, bijgestaan door haar gemachtigde, en geopposeerde sub 1 zijn verschenen. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Vonnis is bepaald op vandaag. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Opposante huurde van geopposeerden de woning aan [adres 1] voor een bedrag van NAf 500,- per maand. Op enig moment is deze huurovereenkomst beëindigd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Bij exploot van 28 juni 2023, waarvan een afschrift blijkens die akte in persoon aan opposante is uitgereikt, hebben geopposeerden opposante gemaand om een bedrag van NAf 2.500,- aan huurachterstand te betalen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Daaraan heeft opposante geen gevolg gegeven. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Begin september 2023 heeft opposante de sleutels ingeleverd op het kantoor van de deurwaarder. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering en de standpunten van partijen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Opposante verzoek het gerecht om aan haar verlof te verlenen om kosteloos te procederen. Opposante vordert verder dat het gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis het verstekvonnis vernietigt en de vordering van geopposeerden alsnog afwijst, met veroordeling van geopposeerden in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Geopposeerden voeren gemotiveerd verweer en concluderen tot ongegrondverklaring van het verzet, met veroordeling van opposante in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, ingegaan.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Gezien het overgelegde bewijs van onvermogen, zal het gerecht aan opposante verlof verlenen om kosteloos te procederen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Het gerecht stelt vast dat opposante tijdig in verzet is gekomen tegen het verstekvonnis, waardoor zij in het verzet wordt ontvangen. Partijen zijn in essentie in geschil over het antwoord op de vraag of opposante, conform het verstekvonnis, is gehouden om aan geopposeerden bedragen aan achterstallige huur en schadevergoeding te betalen. Geopposeerden hebben het totaalbedrag van NAf 5.194,60 als volgt opgebouwd: NAf 3.000,- aan achterstallige huur, NAf 630,- aan afvalstoffenbijdrage, NAf 142,- aan nutsvoorzieningen en NAf 1.422.60 aan schadevergoeding. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Huurachterstand</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Opposante betwist dat zij over de periode van maart 2023 tot en met augustus 2023 achterstallige huurpenningen verschuldigd is aan geopposeerden. </para>
        <para>In het verzetschrift heeft opposante deze stelling zo toegelicht, dat zij erkent dat zij drie maanden huur verschuldigd is aan geopposeerden, maar dat partijen hadden afgesproken dat zij drie maanden vrij van huur in de woning mocht verblijven, ter verrekening van de schade die opposante had geleden. Ter zitting heeft opposante de volgende toelichting gegeven. Zij is tot en met mei 2023 in de woning gebleven. Voor de periode daarna, is zij dan ook geen huur verschuldigd. De huur over de maanden maart tot en met mei, moet worden verrekend met de schade die zij heeft geleden, onder meer als gevolg van een lekkage in de woning.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Geopposeerden stellen daartegenover dat opposante begin september 2023 de sleutels heeft ingeleverd. Tot die tijd is zij dus huur verschuldigd. Geopposeerden betwisten dat opposante enige schade heeft geleden, die voor verrekening in aanmerking komt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Het gerecht overweegt als volgt. Niet in geschil is dat opposante de sleutels begin september 2023 heeft afgegeven. Pas op dat moment heeft zij de woning weer ter beschikking aan geopposeerden gesteld. Tot die tijd is opposante dan ook huur verschuldigd. Dat zij de woning al eerder had verlaten en tevergeefs heeft geprobeerd met de deurwaarder in contact te komen om de sleutels af te leveren, zoals opposante stelt en geopposeerden betwisten, maakt dit niet anders. Het lag op de weg van opposante om desgewenst contact op te nemen met geopposeerden om de sleutels in te leveren en hen zo weer te laten beschikken over de woning. Desgewenst had opposante daarvoor ook gebruik kunnen maken van de gelegenheid waarbij zij voormeld exploot van de deurwaarder uitgereikt kreeg (zie 2.2.) Dat heeft zij niet gedaan, zo is ter zitting gebleken, zodat de omstandigheid dat geopposeerden vanwege opposante niet konden beschikken over de woning voor rekening en risico voor opposante blijft. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>Ten aanzien van de gestelde kosten die voor verrekening met de achterstallige huur in aanmerking komen, overweegt het gerecht als volgt. Opposante heeft niet nader toegelicht waar de gestelde kosten uit bestaan en waarom deze voor rekening van geopposeerden moeten komen. Zij heeft volstaan met het overleggen van enkele bonnetjes, zonder daarbij een nadere toelichting te geven. Daartegenover staat de gemotiveerde stelling van geopposeerden, dat de investeringen van opposante in de woning in totaal NAf 1.600,- bedroegen, en dat dit is verrekend met een maand borg, een maand huur en een korting van NAf 100,- op de huur gedurende zes maanden. Gelet hierop, zijn nog meer te verrekenen kosten niet vast komen te staan. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>Het voorgaande leidt het gerecht tot de conclusie dat de huurachterstand NAf 3.000,- bedraagt (zes maanden à NAf 500,-).  </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Schade</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>Opposante betwist dat zij bij haar vertrek goederen uit de woning heeft meegenomen of beschadigingen aan de woning heeft aangebracht. Zij voert in dit verband aan dat de woning in slechte staat was en dat zij toestemming had van geopposeerden om diverse meubels weg te doen. Geopposeerden stellen daartegenover dat de woning semi-gemeubileerd is verhuurd, dat de vloer in goede staat was bij aanvang van de huur en dat aan opposante alleen toestemming is gegeven om een kast in de slaapkamer elders te bewaren. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>Niet in geschil is dat na het inleveren van de sleutels door opposante uit de woning diverse spullen ontbraken en dat er zaken beschadigd waren. Bij de aanvang van de huur is geen beschrijving van de woning opgemaakt. Dit brengt met zich dat opposante wordt verondersteld de woning in goede staat te hebben ontvangen (artikel 224 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek; BW) en dat zij de woning in dezelfde staat diende op te leveren (lid 2). Verder wordt schade aan de woning vermoed te zijn ontstaan door een aan opposante toe te rekenen tekortschieten in de nakoming van verplichtingen uit de huurovereenkomst (artikel 218 lid 2 en lid 1 BW). Opposante heeft haar stellingen ter zake niet nader onderbouwd en ook geen bewijsaanbod gedaan. Voormelde wettelijke vermoedens zijn dan ook niet ontzenuwd. De hoogte van de gevorderde bedragen worden door opposante op zichzelf niet weersproken. Dat leidt ertoe dat opposante het gevorderde bedrag van NAf 1.422,60 aan schade aan geopposeerden verschuldigd is.  </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Afvalstoffen en Aqualectra</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10.</nr>
      <para>Niet in geschil is dat de afvalstoffenbijdrage en de nutsrekeningen gedurende de looptijd van de huurovereenkomst voor rekening van opposante komen. Opposante heeft erkend dat zij geen afvalstoffenbijdrage heeft betaald gedurende de looptijd van de huurovereenkomst. Geopposeerden hebben onweersproken gesteld dat dit voor de gehele huurperiode een bedrag van NAf 630,- betreft (NAf 35 per maand). Tussen partijen is voorts niet in geschil dat opposante vanaf februari 2023 de Aqualectra rekeningen niet heeft betaald. Geopposeerden hebben onweersproken gesteld dat het openstaande bedrag sinds die datum NAf 142,- bedraagt. Dit leidt tot de conclusie dat opposante deze bedragen aan geopposeerden verschuldigd is. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.11.</nr>
      <para>De slotsom is dat het verzet ongegrond zal worden verklaard. Het gerecht zal het verstekvonnis bekrachtigen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.12.</nr>
      <para>Opposante zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten worden aan de zijde van geopposeerden tot op heden begroot op NAf 1.000,- (2 punten in tarief 3).</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gerecht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>verleent opposante verlof om kosteloos te procederen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>verklaart het verzet ongegrond; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>bekrachtigt het door het gerecht tussen partijen onder zaaknummer CUR202304042 gewezen verstekvonnis;  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>veroordeelt opposante in de proceskosten van geopposeerden van NAf 1.000,-.;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <parablock>
        <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; <?linebreak?></para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M.E.B. de Haseth, rechter, en in het openbaar uitgesproken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>