<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAC:2024:29</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-07T10:45:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEAC" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Curaçao</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-02-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">CUR202301915</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2024:29">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2024:29</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-07T10:43:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAC:2024:29 Gerecht in eerste aanleg van Curaçao , 05-02-2024 / CUR202301915</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAC:2024:29:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tussen partijen heeft een overeenkomst bestaan op grond waarvan IMG diensten heeft verleend aan CMU. Een deel van de uit hoofde van die overeenkomst door IMG opgestelde facturen is door CMU onbetaald gelaten. CMU voert aan dat zij bereid is de facturen te voldoen, onder de voorwaarde van overlegging van bepaalde documenten. Ook stelt zij dat een deel van de gefactureerde bedragen al rechtstreeks aan de betrokken medische instellingen is betaald. Het gerecht gaat aan deze verweren voorbij en wijst de vordering van IMG (grotendeels) toe.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAC:2024:29:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: CUR202301915</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van 5 februari 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap naar het recht van de staat Illinois<emphasis role="bold"> INTERNATIONAL MEDICAL GROUP US LLC, </emphasis><?linebreak?>gevestigd in de Verenigde Staten,  <?linebreak?>eiseres, <?linebreak?>gemachtigde: mr. C.J. Koster, </para>
      <para>
        <?linebreak?>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap<emphasis role="bold"> CARIBBEAN MEDICAL UNIVERSITY (CMU) B.V., </emphasis></para>
      <para>gevestigd in Curaçao, <?linebreak?>gedaagde, <?linebreak?>gemachtigde: mr. R.E.F.A. Bijkerk. </para>
      <para>
        <?linebreak?>Partijen worden hierna IMG en CMU genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Inleiding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tussen partijen heeft een overeenkomst bestaan op grond waarvan IMG diensten heeft verleend aan CMU. Een deel van de uit hoofde van die overeenkomst door IMG opgestelde facturen is door CMU onbetaald gelaten. CMU voert aan dat zij bereid is de facturen te voldoen, onder de voorwaarde van overlegging van bepaalde documenten. Ook stelt zij dat een deel van de gefactureerde bedragen al rechtstreeks aan de betrokken medische instellingen is betaald. Het gerecht gaat aan deze verweren voorbij en wijst de vordering van IMG (grotendeels) toe.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop<?linebreak?></title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het procesverloop blijkt uit:<?linebreak?></para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het verzoekschrift van 22 juni 2023,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de per e-mail toegestuurde productie van CMU,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mondelinge behandeling van 4 januari 2024,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de pleitnotitie van IMG. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Vonnis is bepaald op 19 februari 2024, maar wordt vandaag bij vervroeging uitgesproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>CMU exploiteert een medische school in Curaçao.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>IMG drijft een onderneming die onder meer bemiddelt bij <emphasis role="italic">clinical rotations </emphasis>(stages) tussen medische universiteiten, studenten en ziekenhuizen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Op 1 januari 2022 is tussen IMG en CMU een overeenkomst tot stand gekomen op grond waarvan IMG bemiddelt bij het regelen van een <emphasis role="italic">rotation</emphasis> voor studenten van CMU (hierna: de <emphasis role="italic">Rotation Agreement</emphasis>). Als vergoeding zijn IMG en CMU US$ 300 per student overeenkomen per week dat de student in “clinical rotations” is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De facturen die IMG aan CMU heeft gestuurd voor de werkzaamheden die zij onder de <emphasis role="italic">Rotation Agreement</emphasis> heeft verricht zijn tot en met augustus 2022 door CMU betaald.  De facturen van 20 september 2022 zijn ondanks sommaties tot op heden onbetaald gebleven. Het gaat om een totaalbedrag van US$ 38.400. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Per 13 oktober 2022 is de overeenkomst door IMG beëindigd.  </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering en de standpunten van partijen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>IMG vordert – samengevat – dat het gerecht CMU veroordeelt tot betaling aan haar van een bedrag van US$ 38.400, te vermeerderen met rente (vanaf datum factuur) en kosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>CMU voert verweer en concludeert tot (gedeeltelijke) afwijzing van de vordering. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Aan de orde is de vraag of CMU gehouden is de facturen van 20 september 2022 voor een totaalbedrag van US$ 38.400 aan IMG te voldoen. CMU voert aan dat zij niet tot betaling is gehouden, zolang 1) door IMG niet de benodigde onderliggende stukken worden verstrekt (de <emphasis role="italic">Evaluations</emphasis> en <emphasis role="italic">Logbooks</emphasis>) en 2) voor zover de gefactureerde bedragen niet rechtstreeks aan de betrokken medische instellingen zijn betaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Met betrekking tot de eerste voorwaarde die CMU stelt overweegt het gerecht dat in artikel 2e van de <emphasis role="italic">Rotation Agreement</emphasis> als betaalvoorwaarde is opgenomen dat “<emphasis role="italic">Payment in full for each rotation shall be payable to IMG […] by CMU […] upon the submission of each invoice and must be received prior to the start of each rotation by electronic bank transfer</emphasis>.” Hieruit volgt dat de betaling van de factuur dient plaats te vinden voor aanvang van de <emphasis role="italic">rotation</emphasis>. Het overhandigen van <emphasis role="italic">Logbooks</emphasis> en <emphasis role="italic">Evaluations</emphasis> betreffende <emphasis role="italic">rotations</emphasis> die hebben plaatsgevonden kan daarmee niet als voorwaarde voor de betaling van de factuur worden gesteld. Dit verweer wordt daarom gepasseerd. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Wat betreft de tweede voorwaarde overweegt het gerecht als volgt. CMU stelt dat zij al US$ 18.000 heeft betaald. In dat verband voert zij aan dat zij dit bedrag rechtstreeks, buiten IMG om, aan de medische instellingen heeft betaald, omdat (door)betaling door IMG aan de instellingen uitbleef. Volgens CMU is zij daarom nog maximaal US$ 20.400 aan IMG verschuldigd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Voormeld standpunt van CMU wordt niet gevolgd. Op grond van de <emphasis role="italic">Rotation Agreement</emphasis> is CMU gehouden de betaling aan IMG te verrichten. Door rechtstreeks aan de medische instellingen te betalen handelt CMU daarmee in strijd en is geen sprake van een bevrijdende betaling jegens IMG. Daarbij komt dat IMG  betwist dat zij de medische instellingen niet heeft betaald en CMU heeft nagelaten die stelling voldoende gemotiveerd te onderbouwen. Dat IMG niet heeft betaald kan niet worden afgeleid uit de door CMU overgelegde tabel die door CMU zelf is opgemaakt. Ook is die tabel onvoldoende om te kunnen vaststellen dat CMU daadwerkelijk een totaalbedrag van US$ 18.000 rechtstreeks aan de medische instellingen heeft betaald. Betalingsbewijzen zijn niet overgelegd door CMU. Het gerecht ziet dan ook geen grond om te oordelen dat de vordering moet worden afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>De conclusie is dat de vordering wordt toegewezen. De daarover gevorderde rente zal, anders dan gevorderd, worden toegewezen vanaf de datum van het verzoekschrift. Op het moment dat de factuur is verstuurd kan van verzuim geen sprake zijn geweest en door IMG is niet gesteld wanneer CMU na verzending van de factuur met de betaling in verzuim is geraakt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten acht het gerecht conform het Procesreglement toewijsbaar tot 1,5 punt van het toepasselijke liquidatietarief.  Dit komt neer op een bedrag van NAf 1.875. Het meer gevorderde wordt als bovenmatig afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>Omdat CMU (grotendeels) in het ongelijk wordt gesteld, wordt zij veroordeeld in de proceskosten. De kosten van IMG worden tot aan deze uitspraak begroot op NAf 750 aan griffierecht, NAf 416,64 aan oproepingskosten en NAf 2.500 aan gemachtigdensalaris. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>De gevorderde wettelijke rente en de nakosten worden toegewezen zoals hierna onder de beslissing vermeld. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>De veroordelingen in deze uitspraak gaan meteen in en kunnen ook ten uitvoer worden gelegd als een van de partijen deze beslissing voorlegt aan het Hof.  </para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gerecht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt CMU tot betaling aan IMG van een bedrag van US$ 38.400, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 juni 2022 tot aan de dag van betaling;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt CMU om aan IMG te voldoen NAf 1.875 aan buitengerechtelijke incassokosten; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>veroordeelt CMU in de proceskosten van IMG van NAf 3.666,64, te vermeerderen met NAf 250 aan nakosten zonder betekening, verhoogd met NAf 150 in geval van betekening;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>bepaalt dat de proceskosten en de nakosten moeten worden betaald binnen veertien dagen en dat die kosten worden verhoogd met de wettelijke rente als niet op tijd wordt betaald;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <para>wijst af wat verder is gevorderd. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. O. Nijhuis, rechter, bijgestaan door mr. G. Benedictus, griffier, en in het openbaar uitgesproken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>