<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAC:2024:180</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-11-27T12:23:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEAC" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Curaçao</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-10-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">CUR202304295</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ERF-Updates.nl 2024-0577</rdf:li>
          <rdf:li>VEAN-ERF-Updates.nl 2024-0577</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2024:180">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2024:180</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-24T08:00:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAC:2024:180 Gerecht in eerste aanleg van Curaçao , 07-10-2024 / CUR202304295</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAC:2024:180:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Machtiging tot verkoop van afgebrand, tot een nalatenschap behorend pand. Artikel 3:174 BW.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAC:2024:180:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO</bridgehead>
    <para>
      <?linebreak?>Zaaknummer: CUR202304295</para>
    <para>
      <?linebreak?>Beschikking van 7 oktober 2024</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende het verzoek inzake de onroerende zaak: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">PENSTRAAT 15, 17, 19A EN 19B,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gelegen in het Stadsdistrict van Curaçao te Nieuw Nederland, kadastraal bekend als Afdeling Stadsdistrict, Sectie A, nummer 321 (I-A-321) en register C, deel 475, nummer 54, groot 600 m2, met het daarop gebouwde, plaatselijk bekend als Penstraat 15, 17, 19A en 19B, in de openbare registers van het Kadaster geregistreerd op naam van Claries Pedrito da Costa Gomez (6/7 aandeel), geboren op 12 augustus 1879 en overleden op 11 juni 1956, verkregen in 1928 bij akte of proces-verbaal van verkoop en koop, en op naam van Henderik Dam (1/7 aandeel), geboren op 26 maart 1918 en overleden op 14 juni 2011, aan hem in 1986 overgedragen bij akte van scheiding en deling.</para>
      <para>hierna: <emphasis role="italic">het perceel</emphasis>,</para>
    </parablock>
    <para />
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="39b929fe-26d7-4019-b22a-949c03fd1c2d" depth="225" width="331" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">(foto van voor de branden in 2021 en 2023)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op verzoek van: <?linebreak?><emphasis role="bold">1. [VERZOEKSTER 1]</emphasis>,</para>
      <para>wonend in Miami, Florida, Verenigde Staten,</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">2. [VERZOEKSTER 2]</emphasis>,</para>
    <para>wonend in Curacao,</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">3. [VERZOEKSTER 3]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonend in St. Etienne Sur Chalaronne, Frankrijk,</para>
      <para>verzoeksters,<?linebreak?>gemachtigde: mr. L.L.A. Davelaar-Franklin. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het procesverloop blijkt uit:</para>
      <para />
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de tussenbeschikking van 18 maart 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de openbare oproep van belanghebbenden;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de tussenbeschikking van 9 juli 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het aanvullend verzoek van verzoeksters van 11 september 2024.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Uitspraak is bepaald op vandaag.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tussenbeschikking van 9 juli 2024</title>
    <parablock>
      <para>Bij de laatste tussenbeschikking is het volgende overwogen:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het verzoek </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verzoeksters verzoeken dat het Gerecht:</emphasis>
      </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">hen als gebruikers aanmerkt in de zin van artikel 3:200b lid 3 e.v. BW;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">verzoeksters in de gelegenheid zal stellen het perceel te verkopen tegen minimaal 75% van de getaxeerde waarde;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">bepaalt dat de verkoopopbrengst door de notaris zal worden verdeeld onder de staken van de deelgenoten, naar rato van ieders gerechtigdheid, waarbij geldt dat de aanspraken van de deelgenoten, bekend of onbekend, per datum van de beschikking opeisbaar zijn en vervallen nadat vijf jaar zijn verstreken nadat de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan;</emphasis>
          </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="italic">bepaalt dat de kosten van deze procedure in mindering worden gebracht op de verkoopopbrengst.</emphasis>
          </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het perceel</emphasis>
      </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het verzoek ziet op het perceel omschreven in de kop van deze beschikking. Op het perceel staat een door brand gedeeltelijk verwoest monumentaal pand.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">De grondslag van het verzoek</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verzoeksters leggen het volgende aan het verzoek ten grondslag. Het perceel staat op naam van op naam van Claries Pedrito da Costa Gomez (6/7 aandeel), overleden op 11 juni 1956, en op naam van Henderik Dam (1/7 aandeel), overleden op 14 juni 2011, hierna: de erflaters.</emphasis>
      </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verzoeksters stellen dat zij afstammelingen zijn van de erflaters en dat het perceel moet worden aangemerkt als een langdurig onverdeeld gebleven gemeenschap als bedoeld in artikel 3:200a e.v. BW. Zij willen het perceel te gelde maken en de opbrengst staaksgewijs onder de deelgenoten verdelen. Zij verwijzen hierbij naar een taxatierapport uit 2023, waarin de marktwaarde van het perceel op NAf 485.000 is gewaardeerd.</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De positie van het Land</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Artikel 3:200f BW bepaalt dat het Land in dit soort zaken belanghebbende is en moet worden opgeroepen. Artikel 3:200c lid 4 BW bepaalt dat de rechter het gevoelen inwint van het Land over de eventueel noodzakelijke ontwikkeling van de onroerende zaak waarop het verzoek betrekking heeft. Het Land is niet verschenen. Gelet op de aard van het verzoek en van het perceel waarop het verzoek betrekking heeft, alsmede gelet op de inhoud van deze beschikking, gaat het Gerecht ervan uit dat het Land zich refereert aan het oordeel van het Gerecht. </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Kan de regeling inzake langdurig onverdeeld gebleven gemeenschappen worden toegepast?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het verzoek is gebaseerd op de wettelijke regeling voor langdurig onverdeeld gebleven nalatenschappen (artikel 3:200a BW). Deze regeling is bedoeld om een oplossing te bieden voor terreinen met een onduidelijke eigendomssituatie en geeft de rechter de mogelijkheid grond aan ‘gebruikers’ toe te wijzen. Ook afstammelingen van de oorspronkelijk eigenaar kunnen als ‘gebruiker’ worden aangemerkt. De rechter kan ook grond toewijzen aan de overheid, die het vervolgens aan ‘gebruikers’ moet uitgeven in koop, erfpacht of huur, alles voor zover dat redelijk is.</emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vooralsnog zal het Gerecht in het midden laten of in deze zaak is voldaan aan de eisen om te kunnen spreken van een langdurig onverdeeld gebleven gemeenschap (veel deelgenoten, moeilijk op te sporen, geringe waarde van ieders erfdeel). Ook in het midden zal vooralsnog blijven of verzoeksters en de in het verweerschrift genoemde personen als gebruiker in de zin van artikel 3:200b lid 3 BW kunnen worden aangemerkt. </emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Zoals ter zitting besproken, acht het gerecht het onwenselijk dat bij de toepassing van de 3:200a-regeling een nieuwe onverdeeldheid in het leven wordt geroepen, wat het geval zou zijn als het perceel aan verzoeksters gezamenlijk in eigendom zou worden toegekend. Dit is welbeschouwd ook niet wat verzoeksters verzoeken: zij vragen niet om toekenning in eigendom, maar willen in de gelegenheid worden gesteld het perceel te gelde te maken. </emphasis>
      </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het Gerecht acht in dit geval, zoals ter zitting besproken, toepassing van artikel 3:174 lid 1 BW meer op haar plaats dan toepassing van artikel 3:200a e.v. BW.</emphasis>
      </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verzoeksters zullen, zoals ter zitting besproken, hun verzoek kunnen aanvullen met een verzoek ex artikel 3:174 lid 1 BW tot tegeldemaking door verzoekster sub 2, al dan niet met gebruikmaking van het modelverzoekschrift op de website van het Gemeenschappelijk Hof (onder Nieuws, Publicaties), en daarbij een koopovereenkomst – aangegaan onder voorbehoud van goedkeuring door het Gerecht – kunnen bijvoegen.</emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De verdere beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Verzoeksters hebben hun verzoek aangevuld met een verzoek tot tegeldemaking van het perceel door verkoop daarvan door verzoekster sub 2 aan SPF Playa Kalki voor NAf 700.000 kosten koper. Een concept-koopovereenkomst hebben zij bijgevoegd. Niemand heeft verweer gevoerd tegen het verzoek.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Mede gelet op hetgeen verzoeksters hebben aangevoerd over de toestand van het perceel, met daarop een deels door brand verloren gegaan monumentaal pand, is naar het oordeel van het gerecht sprake van gewichtige redenen als bedoeld in artikel 3:174 lid 1 BW om aan verzoeksters de verzochte machtiging tot verkoop te verlenen. Daarmee geraakt het perceel uit de onverdeeldheid en zal ontwikkeling/herstel kunnen volgen, hetgeen mede in het belang van omwonenden van de Penstraat en in algemeen belang kan worden geacht.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De bedongen koopprijs komt, afgaand op het overgelegde taxatierapport, redelijk voor, en niet nadelig voor de niet in deze procedure verschenen deelgenoten. Hun aanspraken op de opbrengst worden voldoende verzekerd geacht door de door verzoeksters in hun verzoekschrift  uiteengezette en voorgestelde afrekening (zoals bij hun aanvullend verzoek gecorrigeerd) binnen de staken van afstammelingen. Daarover zal worden beslist als hierna omschreven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Bepaald zal worden dat de door verzoeksters ten behoeve van de nalatenschap gemaakte kosten (taxatie, deze procedure) aan hen dienen te worden vergoed. Die kosten worden begroot op NAf 4.000.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gerecht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>verleent aan verzoekster sub 2 machtiging tot verkoop en levering van het perceel aan SPF Playa Kalki voor een koopsom van NAf 700.000 kosten koper conform de overgelegde concept-akte;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>bepaalt dat op de door de notaris te ontvangen koopsom in mindering komen de eventuele niet voor rekening van de koper komende notariskosten, de achterstallige op het perceel betrekking hebbende belastingen en een aan verzoeksters te betalen bedrag van NAf 4.000 ter tegemoetkoming in de door verzoeksters ten behoeve van de nalatenschap gemaakte kosten;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>bepaalt dat het restant van de koopsom door de notaris voor 2/5 deel aan verzoekster 1 wordt overgemaakt, voor 2/5 deel aan verzoekster 2 en voor 1/5 deel aan verzoekster 3, zulks ter verdeling door hen onder de overige deelgenoten, waarbij verzoekster 1 dient af te rekenen met de deelgenoten uit staken 6 en 7 als omschreven in het verzoekschrift, verzoekster 2 met staken 5 en 8 en verzoekster 3 met staak 3;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>bepaalt dat verzoeksters de overige deelgenoten bedoeld onder 4.3. het aan hen toekomende moeten betalen als deze deelgenoten, bekend of onbekend, zich binnen vijf jaren na heden bij verzoeksters melden en op betaling aanspraak maken;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>wijst af het meer of anders verzochte.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. P.E. de Kort, rechter, en in het openbaar uitgesproken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>