<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAC:2020:185</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-24T10:31:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEAC" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Curaçao</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">CUR202001694</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2020:185">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2020:185</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-24T10:31:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAC:2020:185 Gerecht in eerste aanleg van Curaçao , 16-07-2020 / CUR202001694</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAC:2020:185:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De bestreden brief strekt ertoe verzoeker nadere informatie te verschaffen over de introductie </para>
        <para>van productieplafonds. Deze heeft dus een zuiver informatief karakter, vooral omdat verweerster </para>
        <para>daarin heeft vermeld dat te zijner tijd bij een apart schrijven zal worden geïnformeerd over het </para>
        <para>bedrag van het voor verzoeker geldende productieplafond.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAC:2020:185:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <bridgehead role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Uitspraak</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>van de voorzitter van de meervoudige kamer van het Gerecht (de voorzitter) op grond van artikel 87, derde lid, en artikel 94, eerste lid, van de Lar in de zaak tussen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">[verzoeker],</bridgehead>
    <parablock>
      <para>wonend in Curaçao,</para>
      <para>verzoeker,</para>
      <para>gemachtigden: mrs. E.R. van Arkel en A.J. Henriquez, advocaten,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Sociale Verzekeringsbank,</bridgehead>
    <para>verweerster.</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 28 februari 2020 (de bestreden brief) heeft verweerster de vrijgevestigde medisch specialisten ingelicht over de instelling van productieplafonds per 1 juli 2020. Voorts heeft verweerster die specialisten meegedeeld dat zij te zijner tijd een apart schrijven zullen ontvangen over het voor hen geldende productieplafond. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker heeft daartegen bezwaar gemaakt. Hangende dat bezwaar heeft verzoeker op 18 juni 2020 het Gerecht verzocht een voorlopige voorziening te treffen strekkende tot schorsing van de bestreden brief.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Op grond van artikel 3, eerste lid, van de Lar, wordt in deze landsverordening en de daarop berustende bepalingen verstaan onder beschikking: een schriftelijk besluit van een bestuursorgaan inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling die niet van algemene strekking is. </para>
    <para />
    <para>2. Aan de orde is allereerst de vraag of de bestreden brief een beschikking is in de zin van artikel 3, eerste lid, van de Lar.</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Uit de bestreden brief blijkt dat verweerster de Vereniging Medisch Specialisten Curaçao bij brief van 8 oktober 2019 heeft geïnformeerd over het voornemen een productieplafond in het jaar 2020 te introduceren. In de bestreden brief heeft verweerster alle vrijgevestigde medisch specialisten geïnformeerd over de ingangsdatum van de productieplafonds, de hoogte daarvan, de wettelijke grondslag waarop deze berusten en de manier waarop zij met rapportages, meldingen en dergelijke zal omgaan. De bestreden brief strekt er aldus toe verzoeker nadere informatie te verschaffen over de introductie van productieplafonds. Die brief heeft dus een zuiver informatief karakter, vooral omdat verweerster daarin heeft vermeld dat iedere medisch specialist te zijner tijd bij een apart schrijven zal worden geïnformeerd over het bedrag van het voor hem of haar geldende productieplafond. De bestreden brief is aldus niet op rechtsgevolg gericht, waardoor het naar het oordeel van de voorzitter geen beschikking is in de zin van artikel 3, eerste lid, van de Lar. Daarom is de voorzitter niet bevoegd om van het onderhavige verzoek om voorlopige voorziening kennis te nemen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>3.	Voor een proceskostenveroordeling ziet de voorzitter geen aanleiding.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzitter <emphasis role="underline">verklaart</emphasis> zich <emphasis role="underline">onbevoegd</emphasis> om van het verzoek om een voorlopige voorziening kennis te nemen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus vastgesteld door mr. N.M. Martinez, voorzitter, en uitgesproken te Curaçao op 16 juli 2020, in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen de beslissing op het verzoek om voorlopige voorziening staat geen hoger beroep open. Zie hoofdstuk 5 van de Lar. </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>