<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAC:2020:170</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-15T12:04:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEAC" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Curaçao</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">CUR201902305 tot en met CUR201902307</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2020:170">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2020:170</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-15T12:04:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAC:2020:170 Gerecht in eerste aanleg van Curaçao , 01-07-2020 / CUR201902305 tot en met CUR201902307</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAC:2020:170:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Belanghebbende woont in een woning waarvan zijn moeder de grond sinds 1986 in erfpacht heeft. Belanghebbende is in 2006 ter uitbreiding van de woning een hypothecaire lening aangegaan van NAf 229.000. Belanghebbende heeft voor het jaar 2015 rentekosten ter zake van de eigen woning in aftrek gebracht. Vaststaat dat belanghebbende in 2015 geen eigenaar is van de woning. Daarom is geen sprake van een eigen woning die belanghebbende ter beschikking staat. Dit betekent dat de Inspecteur de renteaftrek voor het jaar 2015 terecht heeft geweigerd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAC:2020:170:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Uitspraak van 1 juli 2020</para>
    <para>BBZ nrs. CUR201902305 tot en met CUR201902307</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>UITSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het beroep in de zin van de </para>
      <para>Landsverordening op het beroep in belastingzaken van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Belanghebbende]</emphasis>, wonende te Curaçao,</para>
      <para>belanghebbende,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gericht tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">DE INSPECTEUR DER BELASTINGEN</emphasis>, zetelend in Curaçao, </para>
      <para>de Inspecteur.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>PROCESVERLOOP</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Aan belanghebbende is met dagtekening 18 november 2016 een aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2015 opgelegd naar een belastbaar inkomen van NAf 124.500. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Aan belanghebbende zijn met dagtekening 18 november 2016 aanslagen premie AOV/AWW en premie AVBZ voor het jaar 2015 opgelegd naar een premie-inkomen van NAf 129.405. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 2 december 2016 bezwaar gemaakt tegen bovengenoemde aanslagen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>De Inspecteur heeft bij uitspraken op bezwaar van 12 april 2019 de aanslagen gehandhaafd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 26 juni 2019 beroep ingesteld tegen de uitspraken op bezwaar. Belanghebbende heeft daarvoor een bedrag aan griffierecht betaald van NAf 50.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6</nr>
      <para>De Inspecteur heeft op 13 mei 2020 een verweerschrift ingediend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7</nr>
      <para>De zitting heeft plaatsgevonden op 18 juni 2020 te Willemstad. Belanghebbende is verschenen, bijgestaan door [A]. Namens de Inspecteur is verschenen [B]. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>FEITEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Belanghebbende woont in een woning aan [KG] (hierna: de woning) waarvan zijn moeder de grond sinds 1986 in erfpacht heeft. De moeder van belanghebbende is sinds 1964 gehuwd met zijn vader. Laatstgenoemde is overleden op 6 december 2016.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Belanghebbende heeft in 2006 ter uitbreiding van de woning een leningsovereenkomst gesloten met de Centrale Hypotheek Bank ten bedrage van NAf 229.000. Ten behoeve van deze bank is op de woning een recht van hypotheek gevestigd tot zekerheid van nakoming door belanghebbende van zijn verplichtingen uit de leningsovereenkomst.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Belanghebbende heeft voor het jaar 2015 aangifte gedaan naar een belastbaar inkomen van NAf 105.371. Daarbij heeft hij een bedrag van NAf 16.163 als rente en een bedrag van NAf 1.050 als kosten brandverzekering ter zake van de eigen woning in aftrek gebracht.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Bij het vaststellen van de aanslag inkomstenbelasting 2015 heeft de Inspecteur het belastbaar inkomen als volgt gecorrigeerd:</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="2">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>Aangifte: belastbaar inkomen</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>NAf 105.371</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Geen aftrek rente en kosten eigen woning</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>17.213</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Correctie aftrek werknemersdeel AOV/AWW</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.914</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Aanslag: belastbaar inkomen</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>124.500</para>
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>GESCHIL</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>In geschil is of belanghebbende tijdig beroep heeft ingesteld, en zo ja, of de aanslagen tot het juiste bedrag zijn opgelegd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Belanghebbende stelt dat de rente en kosten van NAf 17.213 als persoonlijke lasten in aftrek moeten komen. De Inspecteur heeft de aftrek geweigerd omdat geen sprake is van een eigen woning van belanghebbende. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Belanghebbende concludeert tot vermindering van de aanslag naar een belastbaar inkomen van NAf 107.285. De Inspecteur concludeert tot handhaving.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>OVERWEGINGEN</title>
    <bridgehead role="italic">Ontvankelijkheid beroep</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Alvorens tot een eventuele inhoudelijke beoordeling van het geschil te kunnen overgaan, dient het Gerecht de ontvankelijkheid van belanghebbendes beroep te beoordelen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>In artikel 31, lid 1, Algemene landsverordening Landsbelastingen (hierna: ALL) is bepaald dat degene die bezwaar heeft tegen een door de Inspecteur gedane uitspraak, binnen twee maanden na de dagtekening van de uitspraak een beroepschrift kan indienen bij het Gerecht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>De onderhavige uitspraken op bezwaar zijn gedagtekend op 12 april 2019.  Het beroepschrift is op 26 juni 2019 ingediend. Dit beroepschrift is dus buiten de wettelijke termijn van twee maanden ingediend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Een niet-ontvankelijkverklaring van een beroep op grond van termijnoverschrijding blijft op grond van artikel 5, lid 4, Landsverordening op het beroep in belastingzaken (LBB) echter achterwege ingeval van bijzondere omstandigheden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>Belanghebbende heeft geen omstandigheden aangevoerd op grond waarvan de termijnoverschrijding verschoonbaar is te achten. Het beroep dient dan ook niet-ontvankelijk te worden verklaard. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Aftrek rente eigen woning </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6</nr>
      <para>Gelet op de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep, overweegt het Gerecht het hiernavolgende ten overvloede.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7</nr>
      <para>Ingevolge artikel 16, lid 1, letter h, Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 (hierna: LIB), zijn als persoonlijke lasten onder meer aftrekbaar de rente van schulden en kosten van geldlening aangegaan ter verkrijging, onderhoud of verbetering van de eigen woning die als hoofdverblijf ter beschikking staat.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8</nr>
      <para>Volgens artikel 4, lid 4, LIB wordt onder een eigen woning verstaan een woning die belastingplichtige ter beschikking staat en:</para>
      <para>a. waarvan de belastingplichtige eigenaar is;</para>
      <para>b. waarvan de belastingplichtige de grond in erfpacht of huur heeft;</para>
      <para>c. die de belastingplichtige in vruchtgebruik heeft, dat verkregen is krachtens het erfrecht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9</nr>
      <para>Blijkens het openbare register van het Kadaster heeft de moeder van belanghebbende de grond in september 1986 in erfpacht verkregen. Gesteld noch gebleken is dat het erfpachtrecht vóór 2016 is overgedragen aan belanghebbende. Daarmee staat vast dat belanghebbende in 2015 geen eigenaar is van de woning. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10</nr>
      <para>Ook overigens is niet gebleken dat één van de in artikel 4, lid 4, LIB genoemde gevallen zich voordoet. Daarom is geen sprake van een eigen woning die belanghebbende ter beschikking staat (vgl. GEA Curaçao 11 oktober 2019, ECLI:NL:OGEAC:2019:235). Dit betekent dat de Inspecteur de renteaftrek voor het jaar 2015 terecht heeft geweigerd. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>PROCESKOSTENVERGOEDING EN GRIFFIERECHT</title>
    <para>Het Gerecht ziet geen aanleiding voor een vergoeding van de proceskosten of het griffierecht.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>Het Gerecht:</para>
    <para />
    <para>- verklaart het beroep niet-ontvankelijk.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gegeven door mr. dr. A.J.H. van Suilen, rechter, en uitgesproken op 1 juli 2020, in tegenwoordigheid van de griffier M.M.M. Faro MSc.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier,	De rechter,	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschriften zijn per post/ per e-mail op  …………………………  aan partijen verzonden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">HOGER BEROEP</emphasis>
      </para>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen <emphasis role="bold">twee maanden</emphasis> na de verzenddatum hoger beroep instellen bij:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (belastingkamer)</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Wilhelminaplein 4</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Willemstad</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Curaçao</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>U wordt verzocht bij het indienen van het beroepschrift het volgende in acht te nemen: </para>
    </parablock>
    <para>1. Leg bij het beroepschrift een afschrift over van deze uitspraak; </para>
    <para>2. Onderteken het beroepschrift en vermeld het volgende: </para>
    <para>a. de naam en het adres van de indiener,</para>
    <para>b. de dagtekening,</para>
    <para>c. waartegen u in beroep komt, </para>
    <para>d. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het hoger beroep).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen hebben ook de mogelijkheid het ondertekende beroepschrift per e-mail in te dienen bij de griffie van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie: </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">belastinggriffieCUR@caribjustitia.org</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het instellen van hoger beroep is het volgende bedrag aan griffierecht verschuldigd:</para>
    </parablock>
    <para>- natuurlijke personen: 	NAf. 200 </para>
    <para>- personenvennootschappen en rechtspersonen: 	NAf. 500 </para>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>