<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAC:2018:144</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-07-03T11:51:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-07-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEAC" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Curaçao</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-06-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">BBZ nr. CUR201600246</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2018:144">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAC:2018:144</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-07-03T11:50:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-07-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAC:2018:144 Gerecht in eerste aanleg van Curaçao , 27-06-2018 / BBZ nr. CUR201600246</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAC:2018:144:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een voordeel kan slechts inkomen zijn indien er een bepaalde bron aan ten grondslag ligt. De Inspecteur stelt zich op het standpunt dat voor de nevenwerkzaamheden van belanghebbende een objectieve voordeelsverwachting ontbreekt. Vaststaat dat deze nevenwerkzaamheden jaarlijks steeds tot negatieve resultaten hebben geleid. Het inkomen wordt mitsdien niet verminderd met het negatieve resultaat uit de nevenwerkzaamheden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAC:2018:144:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Uitspraak van 27 juni 2018</para>
    <para>BBZ nr. CUR201600246</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURACAO</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>UITSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het beroep in de zin van de </para>
      <para>Landsverordening op het beroep in belastingzaken van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[ X ]</emphasis>, wonende te Curaçao,</para>
      <para>belanghebbende,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gericht tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">DE INSPECTEUR DER BELASTINGEN</emphasis>, zetelend te Curaçao, </para>
      <para>de Inspecteur.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>PROCESVERLOOP</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Aan belanghebbende is met dagtekening 2 oktober 2015 een aanslag premies AOV/AWW over het jaar 2013 opgelegd naar een premie-inkomen van Naf. 58.616.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 4 november 2015 bezwaar gemaakt tegen voornoemde aanslag. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>De Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar van 8 april 2016 de aanslag verminderd naar een premie-inkomen van Naf. 56.303. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 20 mei 2016 beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar. Daarbij is een bedrag aan griffierecht betaald van Naf. 50. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>De Inspecteur heeft op 16 november 2017 een verweerschrift ingediend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6</nr>
      <para>De zitting heeft plaatsgevonden op 30 november 2017. Belanghebbende is verschenen. Namens de Inspecteur is verschenen [ A ]. Belanghebbende heeft een pleitnota voorgedragen en overgelegd. Het onderzoek ter zitting is geschorst.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 13 december 2017 nadere stukken ingebracht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.8</nr>
      <para>De Inspecteur heeft op 25 mei 2018 per e-mail daarop gereageerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.9</nr>
      <para>Een nadere zitting heeft plaatsgevonden op 22 juni 2018. Belanghebbende is verschenen. Namens de Inspecteur is verschenen [ B ]. Het onderzoek ter zitting is gesloten.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>FEITEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Belanghebbende is als docent in dienstbetrekking werkzaam. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Daarnaast verricht belanghebbende onder de naam [ Z ] nevenwerkzaamheden, bestaande uit onder meer het begeleiden van studenten (hierna: de nevenwerkzaamheden). De met deze werkzaamheden behaalde omzetten en resultaten zijn als volgt:</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>Jaar</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>Omzet (Naf.)</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>Resultaat (Naf.)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2006</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>13.395</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 23.182</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2007</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>8.456</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 24.434</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2008</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 19.961</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2009</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 25.179</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2010</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>12.618</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 15.189</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2011</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>7.509</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 28.256</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2012</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>5.064</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 37.336</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2013</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>7.166</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 34.049</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2014</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>13.963</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 17.811</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2015</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>315</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>-/- 21.821</para>
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De zoon van belanghebbende is geboren in 1994 en volgt vanaf augustus 2013 een opleiding aan de Hanzehogeschool in Groningen. De zoon geniet in Nederland een basisbeurs en aanvullende beurs hbo/wo.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>GESCHIL</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>In geschil is of de Inspecteur het premie-inkomen naar het juiste bedrag heeft vastgesteld. In het bijzonder is in geschil of de nevenwerkzaamheden als een bron van inkomen kunnen worden aangemerkt en of belanghebbende de uitgaven voor de studiekosten van haar zoon als buitengewone lasten in aftrek kan brengen. Belanghebbende beantwoordt beide vragen bevestigend, de Inspecteur ontkennend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>De Inspecteur concludeert tot een vermindering van de aanslag AOV/AWW naar een premie-inkomen van Naf. 51.450. Belanghebbende concludeert tot een vermindering van dat premie-inkomen met Naf. 34.049 (verlies uit nevenwerkzaamheden) en Naf. 4.112 (studiekosten), zodat de aanslag AOV/AWW moet worden vastgesteld naar een premie-inkomen van Naf. 13.289. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>BEOORDELING VAN HET BEROEP</title>
    <bridgehead role="italic">Bron van inkomen</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Een voordeel kan slechts inkomen zijn indien er een bepaalde bron aan ten grondslag ligt. Volgens vaste jurisprudentie (vgl. HR 3 maart 1954, nr. 11.683, BNB 1954/125 en HR 1 februari 2002, nr. 36.238, ECLI:NL:HR:2002:AD8763) worden als uitgangspunt de volgende drie algemene voorwaarden gesteld aan een bron van inkomen: deelname aan het economische verkeer, het (subjectieve) oogmerk om voordeel te behalen, en de (objectieve) verwachting dat het voordeel redelijkerwijs kan worden behaald. De Inspecteur stelt zich op het standpunt dat een objectieve voordeelsverwachting ontbreekt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>In het kader van de objectieve voordeelsverwachting dient te worden onderzocht of de activiteiten van belanghebbende voorzienbaar blijvend verliesgevend zijn dan wel of daarvan redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij belanghebbende, zij het in de toekomst, positieve zuivere opbrengsten zullen opleveren (HR 14 oktober 2005, nr. 40.224, ECLI:NL:HR:2005: AR6821).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>De vraag of in een bepaald jaar sprake is van een objectieve voordeelsverwachting moet in beginsel worden beantwoord op basis van feiten en omstandigheden van dat jaar. Feiten en omstandigheden van andere jaren kunnen echter licht werpen op het antwoord op de vraag of in het betreffende jaar sprake is van een objectieve voordeelsverwachting en mogen daarom mede in aanmerking worden genomen (HR 24 juni 2011, nr. 10/01299, ECLI:NL:HR:2011: BP5707).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Vaststaat dat de nevenwerkzaamheden van belanghebbende van 2006 tot en met 2015 jaarlijks steeds tot negatieve resultaten hebben geleid (zie 2.2). Nu sprake is van een jarenlang negatief resultaat brengt een redelijke verdeling van de bewijslast mee dat belanghebbende feiten en omstandigheden aannemelijk dient te maken die de conclusie rechtvaardigen dat sprake is van een voordeelsverwachting. Belanghebbende heeft echter geenszins aannemelijk gemaakt dat in de toekomst met de nevenwerkzaamheden een positieve opbrengst is te verwachten. Gelet daarop is naar het oordeel van het Gerecht in de onderhavige jaren geen sprake van een objectieve voordeelsverwachting. Deze werkzaamheden vormen derhalve geen bron van inkomen. Het premie-inkomen wordt mitsdien niet verminderd met het negatieve resultaat uit de nevenwerkzaamheden.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Studiekosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>Ingevolge artikel 16A, lid 1, letter e van de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 (hierna: LIB) komen als buitengewone lasten in aanmerking de op de belastingplichtige drukkende uitgaven van een middelbaar beroeps-, hoger beroeps-, universitaire of daarmee vergelijkbare opleiding voor eigen kinderen tot 27 jaar tot ten hoogste Naf. 10.000 (hierna: studiekosten). Op grond van artikel 16a, lid 5, LIB wordt dit bedrag bij gehuwden verdubbeld tot Naf. 20.000.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6</nr>
      <para>Artikel 16A, lid 3, LIB bepaalt dat tot de aftrekbare (zuivere) studiekosten slechts worden gerekend: i) school- of collegegeld, ii) kosten van boeken en ander verplicht lesmateriaal, niet zijnde voorwerpen als omschreven in artikel 9C, lid 2, letter a, LIB (onder meer computers, printers en geluidsapparatuur) en iii) de kosten van internationaal vervoer voor ten hoogste één reis per jaar per kind.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7</nr>
      <para>De hiervoor vermelde studiekosten zijn slechts aftrekbaar voor zover ze op belanghebbende drukken. Voor zover een genoten studiebeurs betrekking heeft op studiekosten, moeten die kosten geacht worden daaruit te zijn voldaan en drukken ze niet op de ouders van de student, ook al hebben zij die kosten voor hun rekening genomen (zie Raad van Beroep voor Belastingzaken, ECLI:NL:ORBBNAAL2008:BR5377)</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8</nr>
      <para>Als een kind in Nederland studeert en een Nederlandse studiebeurs ontvangt, wordt volgens de Inspecteur ervan uitgegaan dat van deze beurs een bedrag van € 2.000, ofwel Naf. 4.500, betrekking heeft op de zuivere studiekosten, zoals schoolgeld en boeken. Bedragen de studiekosten meer, en worden deze vergoed door de ouder, dan is het meerdere aftrekbaar, aldus de Inspecteur.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9</nr>
      <para>Een redelijke verdeling van de bewijslast brengt mee dat belanghebbende, die aanspraak maakt op een aftrekpost, feiten aannemelijk dient te maken die meebrengen dat hij voldoet aan de vereisten voor aftrek van de studiekosten. Deze bewijslastverdeling brengt mee dat indien er twijfel bestaat over het door belanghebbende gestelde, dit ten nadele werkt van belanghebbende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10</nr>
      <para>Belanghebbende wenst de volgende studiekosten in aanmerking te nemen:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>-ouderbijdrage (25%) 	Naf. 690</para>
        <para>-ticket	750</para>
        <para>-boeken (750 euro)	1.440</para>
        <para>-instituutwinkel (10 euro per maand)	230</para>
        <para>-kleding/stagekosten (375 euro)	720</para>
        <para>-bibliotheek (29 euro)	56</para>
        <para>-reiskosten trein (12 euro per maand)	<emphasis role="underline">276</emphasis></para>
        <para>Totaal	4.162</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.11</nr>
      <para>Naar aanleiding van de zitting van 13 november 2017 heeft belanghebbende stukken ingebracht, waaronder bankafschriften. Daaruit blijkt dat belanghebbende in het najaar van 2013 voor in totaal Naf. 525 aan betalingen aan haar zoon heeft verricht, met als omschrijving huur, mappen en voedsel. Belanghebbende heeft daarmee geenszins aannemelijk gemaakt dat (zuivere) studiekosten voor haar rekening zijn gekomen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.12</nr>
      <para>Het gelijk is aan de Inspecteur. Gelet op het overwogene in onderdeel 3.2 van deze uitspraak dient de aanslag premie AOV/AWW 2013 evenwel te worden verminderd naar een premie-inkomen van Naf. 51.450.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT</title>
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>Het Gerecht ziet geen aanleiding voor een vergoeding van de proceskosten nu deze niet zijn gesteld of gebleken. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>De Inspecteur dient op grond van artikel 18, lid 5 LBB het betaalde griffierecht van Naf. 50 aan belanghebbende te vergoeden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>Het Gerecht:</para>
    <para />
    <para>- verklaart het beroep gegrond; </para>
    <para>- vernietigt de uitspraak op bezwaar;</para>
    <para>- vermindert de aanslag premie AOV/AWW 2013 naar een premie-inkomen van Naf. 51.450;</para>
    <para>- draagt de Inspecteur op het door belanghebbende betaalde griffierecht van Naf. 50 te vergoeden.  </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gegeven door mr. dr. A.J.H. van Suilen, rechter, en is uitgesproken op 27 juni 2018, in tegenwoordigheid van de griffier N.N. Noël - van der Biezen BSc.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier,			  De rechter,	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschriften zijn per post/ per e-mail op  …………………………  aan partijen verzonden.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">HOGER BEROEP</emphasis>
      </para>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen <emphasis role="bold">twee maanden</emphasis> na de verzenddatum hoger beroep instellen bij:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (belastingkamer)</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Wilhelminaplein 4</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Willemstad</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Curaçao</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>U wordt verzocht bij het indienen van het beroepschrift het volgende in acht te nemen: </para>
    </parablock>
    <para>1. Leg bij het beroepschrift een afschrift over van deze uitspraak; </para>
    <para>2. Onderteken het beroepschrift en vermeld het volgende: </para>
    <para>a. de naam en het adres van de indiener,</para>
    <para>b. de dagtekening,</para>
    <para>c. waartegen u in beroep komt, </para>
    <para>d. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het hoger beroep).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het instellen van hoger beroep is het volgende bedrag aan griffierecht verschuldigd:</para>
      <para>                -natuurlijke personen:                                                                	 Naf. 200 </para>
      <para>                -personenvennootschappen en rechtspersonen:             	 Naf. 500 </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>