<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEABES:2025:86</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-19T12:23:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEABES" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">BON202500409</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Sdu Nieuws Personen- en familierecht 2025/689</rdf:li>
          <rdf:li>PFR-Updates.nl 2025-0251</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEABES:2025:86">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEABES:2025:86</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-02T08:42:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEABES:2025:86 Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba , 29-10-2025 / BON202500409</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEABES:2025:86:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vaststellen vaderschap. De man wordt toegelaten tot het leveren van overtuigend tegenbewijs, bijvoorbeeld DNA-onderzoek.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEABES:2025:86:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">zittingsplaats Bonaire</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>registratienummer: BON202500409</para>
      <para>datum beslissing: 29 oktober 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">BESCHIKKING </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[verzoekster]</emphasis>,</para>
      <para>wonende te Bonaire,</para>
      <para>verzoekster, hierna ook: de vrouw, </para>
      <para>gemachtigde: mr. M.M.A. van Lieshout, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[verweerder]</emphasis>,</para>
      <para>wonende te Bonaire, </para>
      <para>verweerder, hierna te noemen: de man,</para>
      <para>procederend in persoon. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure tot 27 augustus 2025 blijkt uit de beschikking van die datum waarin de Voogdijraad tot bijzonder curator over de minderjarig is benoemd in de procedure over de gerechtelijke vaststelling van het vaderschap. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het verdere verloop van de procedure blijkt uit: </para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het verzoekschrift van de vrouw van 11 augustus 2025, met producties </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mondelinge behandeling die heeft plaatsgevonden op 8 oktober 2025, waar zijn verschenen: </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <parablock>
        <para>o de vrouw, bijgestaan door mr. Van Lieshout</para>
        <para>o de man in persoon</para>
        <para>o namens de Voogdijraad als bijzonder curator over de minderjarige: mevrouw [medewerker Voogdijraad] </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De beschikking is bepaald op vandaag. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De vrouw is moeder van [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2018 in Aruba. Het kind is bij de geboorte erkend door destijds de partner van de vrouw. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Uit later uitgevoerd DNA-onderzoek is gebleken dat deze partner niet de biologische vader van het kind is. In een uitspraak van 20 november 2024 heeft dit gerecht op verzoek van de partner de erkenning van het kind door de partner, vernietigd. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Het gerecht begrijpt dat de vrouw verzoekt om vast te stellen dat de man de biologische vader van het kind is.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De man betwist dat hij de biologische vader van het kind is. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Anders dan in Europese en overige Caribische delen van het Konikrijk, voorziet de BES-wetgeving niet expliciet in de mogelijkheid om het vaderschap gerechtelijk vast te stellen. Wel geldt ook in de BES-eilanden van het Caribisch deel van Nederland het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) heeft in 2002 beslist dat het recht op eerbiediging van het privéleven (artikel 8 EVRM) ook betrekking heeft op de vaststelling van de juridische relatie tussen een kind en zijn biologische vader. Het EHRM benadrukte dat het belang van het kind bij het vaststellen van zijn afstemming en identiteit zwaar weegt. De Voogdijraad heeft, als bijzonder curator, ook gewezen op dit belang van het kind. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Volgens vaste rechtspraak, weegt het recht van het kind op kennis van zijn afstamming in beginsel zwaarder dan het recht van de ouder om die informatie te verzwijgen of te weigeren mee te werken aan een DNA-test.<footnote-ref linkend="_fe5c4a3d-262d-479a-bf46-ebbdd304193e" /> De man heeft geen feiten en/of omstandigheden gesteld die meebrengen dat in dit geval het belang van de man als de vermoedelijke biologische vader, alsnog zwaarder weegt. De omstandigheid dat de man een (ander) gezin heeft, is niet een dergelijk zwaarder wegend belang. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>De man heeft naar het oordeel van het gerecht niet voldoende gemotiveerd betwist, dat hij de verwekker is van het kind. Vaststaat dat de man en de vrouw in de periode waarin het kind is verwekt elkaar hebben ontmoet en dat zij toen seksueel contact hebben gehad. De door de man aangevoerde omstandigheid dat hij te dronken was om zich te kunnen herinneren of toen een kind kan zijn verwekt vormt een onvoldoende gemotiveerde betwisting. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Gelet daarop gaat het gerecht er voorshands vanuit dat de man de vader is van het kind, tenzij er overtuigend tegenbewijs komt dat dat niet zo is, bijvoorbeeld DNA-bewijs. De man zal in de gelegenheid worden gesteld tot het leveren van dat tegenbewijs. Daartoe wordt de man een termijn van drie maanden gegeven vanaf de datum van deze beschikking. Als de man van deze gelegenheid geen gebruik maakt, zal het gerecht zonder nadere zitting een eindbeschikking wijzen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gerecht: </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>laat de man toe tot het leveren van tegenbewijs tegen de voorshands bewezen stelling dat hij de verwekker is van [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2018 in Aruba, bijvoorbeeld met DNA-bewijs waartoe de vrouw haar medewerking zal verlenen; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>bepaalt dat de man voor het leveren van tegenbewijs tot 28 januari 2026 de tijd wordt gegund;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>houdt iedere verder beslissing aan. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 29 oktober 2025 in tegenwoordigheid van de griffier. 	</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_fe5c4a3d-262d-479a-bf46-ebbdd304193e" label="1">
    <para> Vgl. HR 11 maart 2022, ECLI:NL:HR:2022:349</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>