<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEABES:2024:134</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-02-12T08:41:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-02-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEABES" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-12-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">BON202400485, BON202400510</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEABES:2024:134">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEABES:2024:134</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-02-12T08:41:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-02-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEABES:2024:134 Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba , 04-12-2024 / BON202400485, BON202400510</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEABES:2024:134:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het gerecht doet mondeling uitspraak en wijst het verzoek van de verzoeker, om samen met verweerster belast te worden met het gezag over de minderjarige, af. Ook wordt het verzoek om een verklaring van recht dat de beschikking van dit gerecht waarin is bepaald dat verzoeker aan verweerster een bedrag aan kinderalimentatie en partneralimentatie moet betalen een onjuiste beslissing is geweest en frauduleus tot stand is gekomen, afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEABES:2024:134:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SABA EN SINT EUSTATIUS</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">zittingsplaats Bonaire</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>registratienummer: BON202400485; BON202400510</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 4 december 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[verzoeker],</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te Bonaire,<?linebreak?>verzoeker,</para>
      <para>procederend in persoon,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[verweerster],</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te Bonaire, </para>
      <para>verweerster,</para>
      <para>procederend in persoon,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over de minderjarige:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[de minderjarige]</emphasis>, geboren op [geboortedatum] 2009 te [geboorteplaats] (hierna: [de minderjarige]).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenwoordig zijn mr. J.R. Veerman, rechter, en mr. J.J.H. Scholtens-Geeve, griffier. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verschenen zijn verzoeker en verweerster. Namens de Voogdijraad was aanwezig </para>
      <para>[medewerker Voogdijraad].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nadat partijen mede aan de hand van door de rechter gestelde vragen, hun stellingen en verweren hebben toegelicht, heeft de rechter de comparitie van partijen in de zaak gesloten, en heeft hij direct daarna, in aanwezigheid van partijen, de volgende mondelinge beschikking gewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>1</nr>het verzoek en de beoordeling ervan</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Verzoeker verzoekt om naast verweerster te worden belast met het gezag</para>
        <para>over [de minderjarige] (BON202400485). Daarnaast verzoekt hij dat het gerecht verklaart dat de beschikking van dit gerecht van 21 januari 2015 (BON202400038) waarin is bepaald dat hij aan verweerster een bepaald bedrag aan kinderalimentatie en partneralimentatie moet betalen een onjuiste beslissing is geweest en frauduleus tot stand is gekomen (BON202400510). </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Verweerster voert verweer. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <parablock>
        <para>De verzoeken worden afgewezen. Voor de uitoefening van gezamenlijk</para>
        <para>gezag is nodig dat er een voldoende niveau van communicatie is tussen de ouders of daarop perspectief bestaat. Daarvan is geen sprake, zoals tijdens de zitting met partijen is besproken en door geen van de partijen toen is bestreden. Het verzoek is daarom niet toewijsbaar. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Over de alimentatie is reeds beslist in de beschikking van dit gerecht van </para>
        <para>2 mei 2024. In die beschikking is de alimentatie met terugwerkende kracht tot 12 maart 2015 op nihil gesteld. Meer kan verzoeker nu niet verzoeken. De onderhavige EJ-procedure leent zich niet voor een vaststelling van wat verzoeker wenst, althans niet als de bedoeling daarvan is een door verzoeker gestelde schadeclaim te onderbouwen. Een andere juridische weg staat daarvoor open.        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5.</nr>
      <parablock>
        <para>Verzoeker wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van de</para>
        <para>procedure veroordeeld, welke aan de zijde van verweerder op nihil worden begroot. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>wijst de verzoeken af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>veroordeelt verzoeker in de kosten van de procedure, die aan de zijde van verweerster op nihil wordt begroot.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de rechter en de griffier is </para>
        <para>vastgesteld en ondertekend op 10 december 2024.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier							De rechter</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>