<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEABES:2020:33</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-11-25T15:07:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEABES" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-11-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">BBZ nr. BON202000407</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEABES:2020:33">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEABES:2020:33</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-11-25T15:06:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEABES:2020:33 Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba , 12-11-2020 / BBZ nr. BON202000407</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEABES:2020:33:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Aan belanghebbende is door de heffingsambtenaar erfpachtcanon in rekening gebracht. Het in rekening brengen van erfpachtcanon is een rechtshandeling naar burgerlijk recht. Van een beschikking van een bestuursorgaan is derhalve geen sprake. Daarom is de belastingrechter noch een andere administratieve rechter bevoegd kennis te nemen van dit geschil. Indien belanghebbende het in rekening brengen van de canon in rechte wenst aan te vechten, dient zij zich te wenden tot de burgerlijke rechter. De belastingrechter zal zich kennelijk onbevoegd verklaren, ondanks dat de tekst van art. 8.106a Belastingwet BES deze mogelijkheid niet kent.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEABES:2020:33:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Uitspraak van 12 november 2020</para>
    <para>BBZ nr. BON202000407</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA</emphasis>
      </para>
      <para>Zittingsplaats Bonaire</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>UITSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op het beroep in de zin van </para>
      <para>hoofdstuk VIII, titel acht, afdeling drie van de Belastingwet BES van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Belanghebbende]</emphasis>, gevestigd te Bonaire, </para>
      <para>belanghebbende,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gericht tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">DE HEFFINGSAMBTENAAR VAN HET OPENBAAR LICHAAM BONAIRE, </emphasis>
      </para>
      <para>de heffingsambtenaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>HET PROCESVERLOOP</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Aan belanghebbende is op 28 februari 2020 door de heffingsambtenaar erfpachtcanon (aanslagnummer 399726035) in rekening gebracht ten bedrage van $ 30.742,05. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 8 april 2020 daartegen 2020 bezwaar gemaakt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>De heffingsambtenaar heeft bij uitspraak van 10 juli 2020 het bezwaar ongegrond verklaard.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 9 september 2020 beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>OVERWEGINGEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Ingevolge artikel 8.106a Belastingwet BES kan het Gerecht onmiddellijk uitspraak doen. Het Gerecht ziet in dit geval daartoe aanleiding. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Het in rekening brengen van erfpachtcanon is een rechtshandeling naar burgerlijk recht (vgl. GHvJ (LAR) 21 november 2013, ECLI:NL:OGHACMB:2013:72). Van een beschikking van een bestuursorgaan is derhalve geen sprake. Daarom is de belastingrechter noch een andere administratieve rechter bevoegd kennis te nemen van dit geschil. Indien belanghebbende het in rekening brengen van de canon in rechte wenst aan te vechten, dient zij zich te wenden tot de burgerlijke rechter. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Blijkens de tekst van artikel 8.106a Belastingwet BES kan niet onmiddellijk uitspraak worden gedaan als de belastingrechter zich onbevoegd acht. Een onbevoegdverklaring kan echter wel worden uitgesproken in zaken die niet vereenvoudigd worden afgedaan. Daarom valt niet in te zien dat de belastingrechter in een geval als deze, waarin sprake is van kennelijk onbevoegdheid, niet onmiddellijk uitspraak kan doen. Met een onderzoek ter zitting zal de conclusie van de belastingrechter immers ook zijn dat hij niet bevoegd is kennis te nemen van de zaak. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Overigens is in de andere Caribische jurisdicties binnen het Koninkrijk wel wettelijk geregeld dat de belastingrechter zich in een onmiddellijke uitspraak kennelijk onbevoegd verklaard (zie artikel 7a van de Landsverordening beroep in belastingzaken Aruba, Curaçao en Sint Maarten). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Gelet op het vorenstaande zal de belastingrechter zich kennelijk onbevoegd verklaren. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>BESLISSING</title>
    <para>De belastingrechter:</para>
    <para />
    <para>- verklaart zich kennelijk onbevoegd.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gegeven door mr. D.J. Jansen, rechter, en uitgesproken op 12 november 2020, in tegenwoordigheid van de griffier M.M.M. Faro MSc.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier,							 De rechter,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschriften zijn per post/ per e-mail op …………………… aan partijen verzonden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERZET</emphasis>
      </para>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen <emphasis role="bold">twee maanden</emphasis> na de verzenddatum schriftelijk verzet doen bij:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (belastingkamer)</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Plasa Reina Wilhelmina (Fort Oranje)</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Kralendijk</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bonaire</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Is het Gerecht van oordeel dat het verzet gegrond is, dan vervalt deze uitspraak en wordt de zaak alsnog in behandeling genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>U wordt verzocht bij het indienen van het verzetschrift het volgende in acht te nemen: </para>
    </parablock>
    <para>1. Leg bij het verzetschrift een afschrift over van deze uitspraak; </para>
    <para>2. Onderteken het verzetschrift en vermeld het volgende: </para>
    <para>a. de naam en het adres van de indiener,</para>
    <para>b. de dagtekening,</para>
    <para>c. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het verzet).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen hebben ook de mogelijkheid het ondertekende verzetschrift per e-mail in te dienen bij de griffie van het Gerecht in eerste aanleg: <emphasis role="bold">belastinggriffieBES@caribjustitia.org</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het doen van verzet is geen griffierecht verschuldigd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>