<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2023:74</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-21T12:23:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-07-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA202103854 en AUA202103951</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>CFN 2023/74 met annotatie van -</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2023:74">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2023:74</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-19T10:39:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2023:74 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 10-07-2023 / AUA202103854 en AUA202103951</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2023:74:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Belanghebbende heeft rechtstreeks beroep aangetekend tegen een beschikking van de Ontvanger. Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard en doorgezonden naar de Ontvanger voor het doen van uitspraak op bezwaar.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2023:74:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Uitspraak van 10 juli 2023</para>
    <para>BBZ nrs. AUA202103854 en AUA202103951</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>UITSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het beroep in de zin van de </para>
      <para>Landsverordening op het beroep in belastingzaken van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Belanghebbende]</emphasis>, wonende te Aruba,</para>
      <para>belanghebbende,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gericht tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">DE ONTVANGER DER BELASTINGEN</emphasis>, zetelend te Aruba, </para>
      <para>de Ontvanger.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>PROCESVERLOOP</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Belanghebbende is bij beschikking van de Ontvanger van 3 november 2021 hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor belasting- en/of premieschulden van [Q] Real Estate N.V. te Aruba.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Belanghebbende is bij beschikking van de Ontvanger van eveneens 3 november 2021 hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor belasting- en/of premieschulden van [DH] N.V. te Aruba.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 17 november 2021 beroep ingesteld tegen beide beschikkingen. Belanghebbende heeft voor elk van de beroepen Afl 25 aan griffierecht betaald. De beroepen zijn nader gemotiveerd op 27 december 2022.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>De Inspecteur der belastingen te Aruba heeft (naar het Gerecht aanneemt namens de Ontvanger) op 21 april 2023 verweerschriften ingediend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>De zitting heeft plaatsgevonden op 22 juni 2023 te Oranjestad. Namens belanghebbende is verschenen [A], verbonden aan [Q]. Namens de Ontvanger zijn verschenen [B] en [C] (Inspecteur). </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>OVERWEGINGEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Ingevolge artikel 10, lid 1,van de Landsverordening aansprakelijkheid belastingen en premies volksverzekeringen geschiedt aansprakelijkheidstelling bij beschikking van de Ontvanger. Ingevolge het derde lid van dit artikel is tegen de beschikking bezwaar en beroep mogelijk; Hoofdstuk III van de Algemene landsverordening belastingen (hierna: ALB) is daarop van overeenkomstige toepassing. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>In artikel 17, lid 1 ALB is bepaald dat degene die bezwaar heeft tegen een door de inspecteur (lees: ontvanger) genomen voor bezwaar vatbare beschikking, binnen twee maanden na de dagtekening van de beschikking een gemotiveerd bezwaarschift kan indienen bij de inspecteur (lees: ontvanger). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Ingevolge artikel 19, lid 1 ALB in samenhang met artikel 1 lid 1 van de Landsverordening beroep in belastingzaken  kan degene die bezwaar heeft tegen een ingevolge de ALB gedane uitspraak op bezwaar, een beroepschrift kan indienen bij het Gerecht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Belanghebbende heeft tegen de beschikkingen van de Ontvanger beroep ingesteld bij het Gerecht. Voordat belanghebbende echter beroep kan instellen dient zij, gelet op de artikelen 17 en 19 ALB,  bezwaar te maken tegen de beschikkingen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Het Gerecht zal daarom de brieven van 17 november 2021 evenals  de nadere motivering daarvan van 27 december 2022 doorzenden aan de Ontvanger om alsnog als (tijdig ingediende) bezwaarschriften te worden behandeld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <para>Tegen de door de Ontvanger te nemen uitspraken op bezwaar kan belanghebbende binnen twee maanden na dagtekening beroepschriften indienen bij het Gerecht. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Gerecht ziet geen aanleiding voor een vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>DE BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Gerecht:</para>
    </parablock>
    <para>- verklaart de beroepen niet-ontvankelijk.</para>
    <para>- draagt de Griffier op de brieven van belanghebbende van 17 november 2021 en de nadere motivering daarvan van 27 december 2022 door te zenden aan de Ontvanger om als bezwaarschriften te worden behandeld.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gegeven door mr. D.J. Jansen, rechter, en uitgesproken op 10 juli       2023 in tegenwoordigheid van de griffier mr. A. Vellema-Meijers.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier,	De rechter,	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschriften zijn per e-mail op                   2023 aan partijen verzonden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">HOGER BEROEP</emphasis>
      </para>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen <emphasis role="bold">twee maanden</emphasis> na de verzenddatum hoger beroep instellen bij:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (belastingkamer)</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Emancipatie Boulevard Dominico “Don” Martina 18</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Willemstad</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Curaçao</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>U wordt verzocht bij het indienen van het beroepschrift het volgende in acht te nemen: </para>
    </parablock>
    <para>1. Leg bij het beroepschrift een afschrift over van deze uitspraak; </para>
    <para>2. Onderteken het beroepschrift en vermeld het volgende: </para>
    <para>a. de naam en het adres van de indiener,</para>
    <para>b. de dagtekening,</para>
    <para>c. waartegen u in beroep komt, </para>
    <para>d. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het hoger beroep).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen hebben ook de mogelijkheid het ondertekende beroepschrift per e-mail in te dienen bij de griffie van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie: </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">belastinggriffie@caribjustitia.org</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het instellen van hoger beroep is het volgende bedrag aan griffierecht verschuldigd:</para>
    </parablock>
    <para>- natuurlijke personen: 	NAf 200 </para>
    <para>- personenvennootschappen en rechtspersonen: 	NAf 500</para>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>