<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2022:75</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-04-01T12:45:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-02-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA202000477</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2022:75">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2022:75</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-04-01T12:45:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2022:75 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 23-02-2022 / AUA202000477</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2022:75:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vordering</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2022:75:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="f079edfd-eaba-4fef-94c6-d030bfde8ebd" depth="1145" width="48" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="0734e950-cd6c-41e6-bcc9-62473556086a" depth="111" width="96" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>Vonnis van 23 februari 2022</para>
    <para>Behorend bij A.R. nr. AUA202000477	</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[eiser],</emphasis>
      </para>
      <para>wonend te Aruba, </para>
      <para>eiser, </para>
      <para>hierna: [eiser],</para>
      <para>gemachtigde: mr. D.G. Kock,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[gedaagde], </emphasis>
      </para>
      <para>wonend te Aruba, </para>
      <para>gedaagde, </para>
      <para>hierna: [gedaagde],</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het verzoekschrift met producties, ingekomen op 11 februari 2020,</para>
      <para>- het verweerschrift, </para>
      <para>- de conclusie van repliek,</para>
      <para>- de conclusie van dupliek met productie,</para>
      <para>- akte uitlating producties.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Vonnis is nader bepaald op vandaag.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>HET GESCHIL EN DE BEOORDELING DAARVAN</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1 [</nr>
      <para>eiser] vordert dat het gerecht [gedaagde] veroordeelt om aan hem een bedrag van Afl. 9.500,-- te betalen, vermeerderd met 15% buitengerechtelijke incassokosten en de wettelijke rente vanaf 11 februari 2020 tot de dag van betaling, kosten rechtens.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2 [</nr>
      <para>eiser] legt daaraan het volgende ten grondslag. Hij heeft aan [gedaagde] een bedrag van Afl. 9.500,-- afgegeven dat zou worden omgewisseld in Amerikaanse dollars. Hij heeft echter, ondanks sommatie, nooit Amerikaanse dollars van [gedaagde] ontvangen en het bedrag van Afl. 9.500,-- evenmin terug ontvangen.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3 [</nr>
      <para>gedaagde] voert gemotiveerd verweer. Dat komt er op neer dat hij bij wijze van vriendendienst als tussenpersoon van [eiser] bij het omwisselen van Arubaanse florins in Amerikaanse dollars heeft opgetreden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>De stellingen van partijen worden, indien nodig, hierna verder besproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Het gerecht gaat uit van de volgende feiten. Op enig moment heeft [gedaagde] een bedrag van Afl. 9.500,-- van [eiser] ontvangen met de bedoeling dat hij dit bedrag  aan een zekere ‘Hindoe’  zou afgeven om te wisselen in Amerikaanse dollars. [eiser] heeft de Amerikaanse dollars nooit ontvangen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Anders dan [eiser] betoogt, heeft [gedaagde] niet beweerd dat hij van [eiser] niet een bedrag van Afl. 9.500,--- heeft ontvangen. Hij heeft immers gesteld dat [eiser] hem vroeg of hij iemand kende die Arubaanse florins tegen een gunstige koers kon omwisselen in Amerikaanse dollars, dat hij [eiser] heeft geantwoord dat hij wel iemand kende en dat hij vervolgens het bedrag van  Afl. 9.500,-- op verzoek van [eiser] aan Hindoe heeft gegeven, zodat die het bedrag kon omwisselen in de gewenste valuta. Dat stemt dus overeen met hetgeen [gedaagde] kennelijk bij de politie heeft verklaard. Het is dus ook niet nodig om daarover een verbalisant te horen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7. [</nr>
      <para>eiser] houdt [gedaagde] verantwoordelijk voor het feit dat hij de Amerikaanse dollars nooit heeft ontvangen en evenmin het bedrag in Arubaanse florin heeft teruggekregen. [gedaagde] betwist dat hij daarvoor verantwoordelijk is. Hij stelt dat hij als tussenpersoon voor [eiser] handelde en dat hij enkel in die hoedanigheid het geldbedrag van Afl. 9.500,-- van [eiser] heeft aangenomen en aan Hindoe heeft overgedragen, maar dat zijn verantwoordelijkheid niet verder reikte. Ter onderbouwing van zijn stelling heeft [gedaagde] een handgeschreven verklaring overgelegd waarin [hindoe] (dat is volgens [gedaagde] Hindoe) verklaart dat hij Afl. 9.500,-- van [eiser] heeft ontvangen om te wisselen in Amerikaanse dollars. Daargelaten dat [eiser] de echtheid van die verklaring betwist, ligt het, nu [eiser] stelt dat de afspraak met [gedaagde] verder ging dan enkel het fungeren als doorgeefluik en dat [gedaagde] niet alleen moest zorgdragen voor het overdragen van de Arubaanse florins aan Hindoe, maar ook voor het omwisselen van de Arubaanse florins in Amerikaanse dollars en het afgeven daarvan aan [eiser], anders gezegd dat de gehele wisseltransactie zijn verantwoordelijkheid was, op zijn weg om bewijs te leveren van die afspraak. [eiser] heeft wel een algemeen bewijs aanbod gedaan, maar het had op zijn weg gelegen een meer specifiek aanbod te doen van de wijze waarop hij dat bewijs wenst leveren. Bij gebreke daarvan zal het gerecht hem niet tot dit bewijs toelaten. Voor zover de stelling van [eiser] (ook) is dat [gedaagde] de Arubaanse florins niet aan Hindoe heeft afgegeven, geldt bij betwisting daarvan door [gedaagde] eveneens dat de bewijslast daarvan op [eiser] rust en hij niet kon volstaan met een algemeen bewijsaanbod. Het gerecht laat [eiser] ook niet tot dit bewijs toe.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8</nr>
      <para>De slotsom is dat de vordering van [eiser] zal worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9</nr>
      <para>Als de in het ongelijk gestelde partij zal [eiser] de proceskosten van [gedaagde] moeten vergoeden. Die worden begroot op nihil.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">DE UITSPRAAK</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het gerecht:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>wijst de vordering af;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>veroordeelt [eiser] in de proceskosten aan de kant van [gedaagde] begroot op nihil. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.A. van Voorthuizen, rechter, en is uitgesproken door de rolrechter ter openbare terechtzitting van woensdag 23 februari 2022 in aanwezigheid van de griffier.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Datum uitspraak: 23 februari 2022</para>
        <para>Instantie: Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</para>
        <para>Zaaknummer: AUA202000477</para>
        <para>Inhoudsindicatie: Vordering.</para>
        <para>Rechtsgebieden: Civiel</para>
        <para>Rechter: mr. J.A. van Voorthuizen,</para>
        <para>Bijzondere kenmerken:</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>