<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2022:58</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-03-28T10:19:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-03-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-03-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA202103201</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2022:58">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2022:58</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-03-28T10:18:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-03-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2022:58 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 01-03-2022 / AUA202103201</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2022:58:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Afwijzing gezamenlijk gezag van een ouder en een niet-ouder.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2022:58:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="914e7b4b-bf1a-4e0c-9067-8bc63f43201c" depth="1140" width="48" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="160bd8c9-1c6a-4b5f-b3b0-d5bd46b62aff" depth="96" width="96" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>Beschikking van 1 maart 2022						</para>
    <para>Behorend bij EJ nr. AUA202103201</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>BESCHIKKING</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>[Verzoeker 1], hierna te noemen de moeder,</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">2. </emphasis>
        <emphasis role="bold underline">[Verzoeker 2],</emphasis> hierna te noemen [Achternaam verzoeker 2],</para>
      <para>wonende in Aruba, </para>
      <para>VERZOEKERS, 									</para>
      <para>procederende in persoon,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Belanghebbende:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">[Minderjarige]</emphasis>, geboren op [geboortedatum] 2021 in Aruba,</para>
      <para>de minderjarige. 											</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>De procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het verzoekschrift, ingediend op 2 november 2021,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mondelinge behandeling met gesloten deuren op 11 januari 2022, in aanwezigheid van verzoekers in persoon en de Voogdijraad bij de heer [X]</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>De uitspraak is bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE FEITEN</title>
    <para>De minderjarige voornoemd is geboren uit de moeder. De moeder oefent van rechtswege het gezag over de minderjarige alleen uit. Verzoekers hebben een affectieve relatie en wonen samen. Zij zijn niet gehuwd, evenmin is sprake van een geregistreerd partnerschap. De minderjarige is verwekt door middel van een zaaddonor.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>HET VERZOEK</title>
    <para>Het verzoek strekt tot – naar het gerecht begrijpt – wijziging van het gezag, in die zin dat [achternaam verzoeker 2] gezamenlijk met de moeder met het gezag over de minderjarige wordt belast. Aan dit verzoek ligt mede de wens van verzoekers ten grondslag om te waarborgen dat, indien de moeder vanwege de risico’s die haar werk als politieagent meebrengt, onverhoopt komt te overlijden, het gezag en de zorg over de minderjarige bij [achternaam verzoeker 2] zal berusten. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING</title>
    <para>1. Het gerecht stelt vast dat op grond van de artikelen 198 en 199 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA) een kind juridisch slechts één moeder en (indien bekend) één vader kan hebben. Indien slechts de moeder van het kind bekend is, wordt het gezag uitsluitend door deze uitgeoefend. De wet kent – anders dan in bijvoorbeeld Nederland – geen mogelijkheid om tegelijkertijd nog een andere persoon met het gezag te belasten. Dit betekent dat het verzoek niet kan worden ingewilligd. Daarbij in aanmerking genomen dat dit een keuze van de wetgever is die naar het oordeel van het gerecht niet onverenigbaar is met het bepaalde in de artikelen 8 en 14 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Bovendien zou, zo dit anders zou zijn, het de rechtsvormende taak van de rechter te buiten gaan, om de gevallen af te bakenen waarin naast het gezag van juridische ouder, ook aan andere verzorgers het gezag over een minderjarige kan worden toegekend. </para>
    <para />
    <para>2. Ter voorlichting van verzoekers merkt het gerecht op dat de moeder op de voet van artikel 1:292 BWA bij uiterste wilsbeschikking (testament) kan bepalen dat bij haar overlijden het gezag over de minderjarige bij [achternaam verzoeker 2] zal komen te berusten. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>Het gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. W.C.E. Winfield, rechter in dit gerecht, ter zitting van 1 maart 2022 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 1 maart 2022</para>
      <para>Instantie: Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</para>
      <para>Zaaknummer: EJ nr. AUA202103201 </para>
      <para>Inhoudsindicatie: Afwijzing gezamenlijk gezag van een ouder en een niet-ouder.</para>
      <para>Rechtsgebieden: Familierecht</para>
      <para>Rechter: mr. W.C.E. Winfield</para>
      <para>Bijzondere kenmerken</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>