<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2022:553</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-25T09:30:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-07-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA202201475</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>PR-Updates.nl PR-2023-0234</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2022:553">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2022:553</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-11-06T08:05:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2022:553 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 06-07-2022 / AUA202201475</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2022:553:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vaststellingsovereenkomst niet volledig nagekomen. Vordering tot betaling van het resterend bedrag. Haviltex.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2022:553:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis in kort geding van 6 juli 2022</para>
    <para>Behorend bij AUA202201475 KG</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS IN KORT GEDING</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Naam eiseres], </emphasis>
      </para>
      <para>hierna ook te noemen: [eiseres],</para>
      <para>wonende te Aruba,  </para>
      <para>EISERES, hierna ook te noemen: [eiseres],</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. J.A.R. Bryson,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">THE OLIVE TREE FUNERAL HOME N.V.</emphasis>
        <emphasis role="bold">,  </emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Aruba,  </para>
      <para>GEDAAGDE, hierna ook te noemen: Olive Tree, </para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE </title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het verzoekschrift met producties, ingediend op 20 mei 2022;</para>
      <para>- de producties zijdens beide partijen, ingediend op 9 juni 2022;</para>
      <para>- de akte aanvulling zijdens [eiseres], ingediend op 13 juni 2022;</para>
      <para>- de pleitnota’s van partijen;</para>
      <para>- de mondelinge behandeling van de zaak op 14 juni 2022, waar [eiseres] bijgestaan door haar gemachtigde voornoemd, en namens Olive Tree via videoverbinding [Naam directeur] (directeur Olive Tree) vertegenwoordigd door de gemachtigde voornoemd, zijn verschenen;</para>
      <para>- de nadere producties van Olive Tree, ingediend op 14 juni 2022.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Vonnis is bepaald op heden. </para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <parablock>
        <para>Op 29 maart 2022 hebben partijen ter beëindiging van hun geschil een vaststellingsovereenkomst gesloten.  In de vaststellingsovereenkomst staat, voor zover van belang, het volgende:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(…)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">1. Olive Tree en [eiseres] komen overeen dat de arbeidsovereenkomst die tussen hen geldt per 28 februari 2022 is beëindigd. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="italic">2. Olive Tree zal aan [eiseres] een bedrag van Afl. 41.000, (bruto) betalen, inhoudende ook het salaris over de maand februari 2022.</emphasis>
      </para>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="italic">3. [Eiseres] zal zorgdragen voor een beschikking van de belastingdienst met daarin een ruling over de verschuldigde belasting en premies over de beëindigingsvergoeding. Olive Tree zal binnen twee dagen na ontvangst van die beschikking de netto betaling verrichten aan [eiseres] en zal dan ook de loonopgaaf over deze betaling aan [eiseres] verstrekken.</emphasis>
      </para>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="italic">4. Olive Tree zal de pensioenovereenkomst tot 28 februari 2022 aan [eiseres] doen toekomen tegelijkertijd met de loonopgaaf genoemd onder 3.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(…)”</emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <parablock>
        <para>In de brief van 11 april 2022 van de Departamento di Impuesto (hierna te noemen: DIMP) staat, voor zover van belang, als volgt:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(…) Naar aanleiding van uw verzoek d.d. 8 april 2022, voor toepassing van het bijzonder tarief in de loonbelastingsfeer, bericht ik u als volgt:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het bijzonder tarief is vastgesteld op 25%.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Ik ben van mening dat dit niet gunstig is voor u. In dit geval is het tabeltarief (normaal) gunstiger. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het bijzonder tarief is slechts van toepassing op de afkoopsommen zoals cessantia, opzeggingstermijn of lumpsum in verband met uw werkgever.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Dit tarief is niet van toepassing op bijvoorbeeld een vergoeding voor niet genoten vakantiedagen en nog te betalen normaal loon.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Voorts zij opgemerkt dat dit tarief slechts in de loonbelastingsfeer geldt. </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bij de tijd dat u het aangiftebiljet inkomstenbelasting gaat invullen, adviseer k u om – indien u dat wenst-</emphasis>
          <emphasis role="bold italic">alweer</emphasis>
          <emphasis role="italic"> voor dit bijzonder tarief te verzoeken. Immers het tarief in de Loonbelastingsfeer kan verschillen van het tarief in de inkomstenbelastingsfeer.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Olive Tree heeft het bijzonder tarief van 25% gehanteerd en aan [eiseres] een nettobedrag van Afl. 27.770,28 uitbetaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Bij e-mail van 22 april 2022 heeft [eiseres] bezwaar gemaakt tegen de wijze van berekening van de nettolonen en verzoekt zij Olive Tree om over te gaan tot correctie. Olive Tree heeft daaraan geen gevolg gegeven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Bij e-mail van 28 april 2022 heeft [eiseres] Olive Tree wederom verzocht om over te gaan tot correctie van de te betalen nettolonen. Olive Tree heeft daaraan geen gevolg gegeven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <para>Bij brief van 3 mei 2022 heeft de gemachtigde van [eiseres] Olive Tree gesommeerd om binnen 2 maal 24 uur het verschil te storten en de loonstrook te verbeteren. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7</nr>
      <para>Olive Tree heeft daaraan geen gevolg gegeven. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN </title>
    <paragroup>
      <nr>3.1 [</nr>
      <parablock>
        <para>Eiseres] vordert – na tijdige wijziging eis - dat het Gerecht, bij vonnis in kort geding en uitvoerbaar bij voorraad:</para>
        <para>1) Olive Tree veroordeelt om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis over te gaan betaling van het resterend bedrag verschuldigd aan [eiseres] ad. Afl. 6.357,09, danwel door het Gerecht te bepalen bedrag;</para>
        <para>2) Olive Tree veroordeelt om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis tot het verschaffen van een nieuw loonstrook ten behoeve van de betalingen aan [eiseres];</para>
        <para>3) bepaalt dat Olive Tree ten behoeve van [eiseres] een dwangsom verbeurt van Afl. 500,- per dag of gedeelte van een dag bij het niet of niet volledig voldoen van de onder 1 en/of 2 gevorderde veroordelingen, althans een door het Gerecht in goede justitie te bepalen hoogte van een dwangsom in het geval van het niet nakomen door Olive Tree van de onder 1 en/of 2 gevorderde veroordelingen;</para>
        <para>4) Olive Tree beveelt om binnen 10 dagen na betekening van dit vonnis de originele pensioenovereenkomst zoals is overeengekomen aan [eiseres] af te geven;</para>
        <para>5) bepaalt dat Olive Tree ten behoeve van [eiseres] een dwangsom verbeurt van Afl. 500,- per dag of gedeelte van een dag bij het niet of niet volledig voldoen van de onder 3 gevorderd bevel, althans een door het Gerecht in goede justitie te bepalen hoogte van een dwangsom in het geval van het niet nakomen door Olive Tree van het onder 3 gevorderde bevel;</para>
        <para>6) Olive Tree veroordeelt tot betaling van de proceskosten, daaronder begrepen de griffierechten, voorschotten en de kosten der betekening van het proces-verbaal toebehorende aan KG nr. AUA202200131 ad. Afl. 218,64.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Aan haar vordering legt [eiseres], zakelijk weergegeven, het volgende ten grondslag. Zij heeft met Olive Tree een vaststellingsovereenkomst gesloten welke binnen afzienbare tijd diende te zijn nagekomen. Tot op heden heeft Olive Tree de vaststellingsovereenkomst niet volledig nagekomen. Zij stelt in dit verband dat Olive Tree te veel belastingen heeft ingehouden door ten onrechte het bijzonder tarief toe te passen. Olive Tree weigert om tot herberekening over te gaan van de aan [eiseres] toekomende nettoloon, rekening houdend met het voor [eiseres] gunstiger tabeltarief (normaal). Volgens [eiseres] moet Olive Tree haar nog een bedrag van Afl. 6.357,09 uitbetalen. Olive Tree moet ook nog nieuwe loonstroken en de originele pensioenovereenkomst aan [eiseres] verstrekken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Olive Tree voert verweer en verzoekt het Gerecht [eiseres] niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering, althans haar vordering af te wijzen, en haar te veroordelen tot betaling van de proceskosten.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>Het Gerecht zal hierna, waar nodig, nader op de standpunten van partijen ingaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING </title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Het spoedeisend belang van [eiseres] bij haar vorderingen volgt uit de aard van die vorderingen en de daaraan ten gronde gelegde stellingen. Van belang is dat [eiseres] in de vorige procedure een vaststellingsovereenkomst heeft gesloten om op snelle wijze van dit geschil af te komen. In het verlengde van die procedure is het spoedeisend belang in deze procedure gegeven. Het verweer van het Olive Tree op dit punt wordt verworpen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>In deze op een spoedbeslissing gerichte procedure moet aan de hand van de door partijen gepresenteerde stellingen, zonder nader onderzoek en bewijslevering, worden beoordeeld of de vordering in een eventuele bodemprocedure een zodanige kans van slagen heeft dat vooruitlopend daarop toewijzing van de gevraagde voorziening gerechtvaardigd is.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Betaling van het resterend bedrag</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Tussen partijen is niet in geschil dat Olive Tree aan [eiseres] een bedrag van Afl. 41.000,-(bruto) dient uit te betalen conform de door partijen overeengekomen vaststellingsovereenkomst d.d. 29 maart 2022. In geschil is welk tarief dient te worden toegepast bij het berekenen van het aan [eiseres] te betalen nettoloon. [Eiseres] stelt en Olive Tree betwist, dat de in het artikel 3 van de vaststellingsovereenkomst bedoelde verschuldigde belasting dient te worden berekend op basis van het tabeltarief (normaal) en niet het bijzonder tarief van 25%.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Het Gerecht stelt voorop dat de uitleg van de vaststellingsovereenkomst dient te geschieden aan de hand van het Haviltex-criterium. De betekenis van artikel 3 moet derhalve worden vastgesteld aan de hand van hetgeen partijen over en weer hebben verklaard en uit elkaars verklaringen en gedragingen overeenkomstig de zin die zij daaraan in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mochten toekennen, hebben afgeleid en van hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Daarbij komt groot gewicht toe aan de taalkundige betekenis van de gekozen bewoordingen, maar kunnen niettemin de overige omstandigheden van het geval meebrengen dat een andere (dan de taalkundige) betekenis aan de bepalingen van de overeenkomst moet worden gehecht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>Het Gerecht is op grond van de door partijen overgelegde stukken en hetgeen zij ter zitting naar voren hebben gebracht voorshands van oordeel dat de bedoeling van partijen was om zo weinig mogelijk belasting over het verschuldigde brutobedrag. Daarbij neemt het Gerecht het volgende in aanmerking. Niet in geschil is dat de vaststellingsovereenkomst is aangegaan ter beëindiging van hun geschil. In die vaststellingsovereenkomst staat dat [eiseres] zorg zal dragen voor een beschikking van de DIMP met daarin de ruling over de verschuldigde belasting en premies over de beëindigingsvergoeding. In de vaststellingsovereenkomst staat echter niet uitdrukkelijk welk tarief dient te worden toegepast. [Eiseres] voert in dit verband aan dat het voor Olive Tree vanaf het begin van de onderhandelingen duidelijk is geweest dat [eiseres] zo min mogelijk belasting wil betalen. Met dat uitgangspunt in het achterhoofd en in het licht van de brief van de DIMP van 11 april 2022 waarin staat dat [eiseres] recht heeft op het tabeltarief (normaal) omdat het hier gaat om een vergoeding voor het nog te betalen loon, dient naar het voorshands oordeel van het Gerecht het gunstiger tarief, te weten het tabeltarief (normaal)  worden toegepast zoals de DIMP in zijn brief heeft geadviseerd. Onder deze omstandigheden kan niet anders worden aangenomen dat Olive Tree de nettobetaling niet heeft uitbetaald volgens de door partijen overeengekomen vaststellingsovereenkomst. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat Olive Tree het nog verschuldigde bedrag van Afl. 6.357,09 aan [eiseres] dient te betalen. Dit brengt mee dat de vordering onder 1 zal worden toegewezen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verstrekken van nieuwe loonstroken</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6</nr>
      <para>Nu dit onderdeel van de vordering van [eiseres] wordt toegewezen, wordt ook het verzoek toegewezen tot het verstrekken van nieuwe loonstroken van het loon van [eiseres] ten behoeve van de betalingen aan [eiseres]. De gevorderde dwangsom zal worden afgewezen, nu niet aannemelijk is gemaakt dat Olive Tree niet bereid is om nieuwe loonstroken aan [eiseres] te verstrekken.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Dwangsom </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7</nr>
      <para>Ten aanzien van de vordering tot het opleggen van dwangsommen in het geval dat het resterend bedrag van Afl. 6.357,09,- niet of niet volledig aan [eiseres] is betaald, overweegt het Gerecht als volgt. Ingevolge het eerste lid van artikel 611a Rv kunnen geen dwangsommen worden opgelegd in geval van veroordeling tot betaling van een geldsom. Deze vordering zal daarom worden afgewezen.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Overleggen van de originele pensioenovereenkomst</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8</nr>
      <para>Tussen partijen is niet in geschil dat Olive Tree een kopie van de pensioenovereenkomst aan [eiseres] reeds heeft overgelegd. In geschil is of Olive Tree ook de originele pensioenovereenkomst aan [eiseres] dient te overleggen. Het Gerecht overweegt als volgt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9</nr>
      <para>In de vaststellingsovereenkomst staat niet dat Olive Tree de originele pensioenovereenkomst aan [eiseres] dient te overleggen. In de vaststellingsovereenkomst staat slechts dat de pensioenovereenkomst moet worden overgelegd. Olive Tree heeft in dit verband naar het voorshands oordeel van het Gerecht voldoende aannemelijk gemaakt dat zij de vaststellingsovereenkomst heeft nagekomen door een kopie van de pensioenovereenkomst over te leggen, nu de originele pensioenovereenkomst ingevolge artikel 3 lid 4 van de Landsverordening Algemeen Pensioen niet kan worden overgelegd. Dat Olive Tree de pensioenovereenkomst pas na het instellen van dit kortgeding over is gegaan tot het afsluiten van een pensioenovereenkomst, maakt het vorenstaande niet anders. Dit brengt mee dat de vordering onder 4 zal worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10</nr>
      <para>Nu dit onderdeel van de vordering van [eiseres] wordt afgewezen, wordt ook de gevorderde dwangsom afgewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proceskosten </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.11 [</nr>
      <para>Eiseres] vordert veroordeling van Olive Tree tot vergoeding van de door haar gemaakte kosten van deze procedure, daaronder begrepen de griffierechten, voorschotten en de werkelijke kosten der betekening van het proces-verbaal toebehorende aan KG AUA202200131. Het Gerecht overweegt voorshands als volgt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.12</nr>
      <para>Volgens vaste jurisprudentie is slechts in bijzondere gevallen vergoeding van de werkelijk gemaakte proceskosten aangewezen, zoals in het geval van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen. Dergelijke bijzondere omstandigheden zijn door [eiseres] niet aannemelijk gemaakt, zodat het Gerecht geen grond ziet af te wijken van de hoofdregel van artikel 60 Rv en het liquidatietarief als uitgangspunt voor de begroting van de proceskosten wordt genomen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.13</nr>
      <para>Voor zover [eiseres] ter zitting een verzoek heeft gedaan tot veroordeling van Olive Tree in de werkelijke kosten van de gemachtigde van [eiseres] begroot op 4.5 uren ad Afl. 400,-- per uur, wordt deze vordering van [eiseres] als zijnde tardief afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.14</nr>
      <para>Nu partijen over en weer in het ongelijk zijn gesteld, zal het Gerecht de proceskosten compenseren in dier voege dat ieder der partijen de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>Het Gerecht in kort geding:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>veroordeelt Olive Tree om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis aan [eiseres] te betalen het nog verschuldigde bedrag van Afl. 6.357,09;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>veroordeelt Olive Tree om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis aan [eiseres] te verstrekken nieuwe loonstroken ten behoeve van de betalingen gedaan aan [eiseres]; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <para>compenseert de kosten van de procedure in dier voege dat ieder der partijen de eigen kosten draagt;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.M.J. Keltjens rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 6 juli 2022 in aanwezigheid van de griffier.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Datum uitspraak: 6 juli 2022</para>
        <para>Instantie: Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</para>
        <para>Zaaknummer: KG AUA202201475</para>
        <para>Inhoudsindicatie: Vaststellingsovereenkomst niet volledig nagekomen. Vordering tot betaling van het resterend bedrag. Haviltex.</para>
        <para>Rechter: mr. J.M.J. Keltjens</para>
        <para>Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg - enkelvoudig</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>