<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2022:373</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-07T13:19:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-08-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA202000813</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2022:373">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2022:373</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-07T13:18:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2022:373 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 24-08-2022 / AUA202000813</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2022:373:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Civiel. Arbeidsovereenkomst, onrechtmatig, schadevergoeding.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2022:373:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="22bae4f3-141d-43d9-b28d-e44bdff99402" depth="1140" width="48" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>Vonnis van 24 augustus 2022</para>
    <para>Behorend bij A.R. nr. AUA202000813</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[eiser]</emphasis>,</para>
      <para>wonend te Aruba, </para>
      <para>eiser, hierna: [eiser],</para>
      <para>gemachtigde: mr. H.G. Figaroa, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting <emphasis role="bold">Fundacion Cas Pa Comunidad Arubano (FCCA)</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te Aruba,</para>
      <para>gedaagde, hierna: FCCA,</para>
      <para>gemachtigde: mr. D.G. Kock.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- verzoekschrift met producties, ingediend op 6 maart 2020;</para>
      <para>- conclusie van antwoord;</para>
      <para>- de conclusie van repliek;</para>
      <para>- de conclusie van dupliek.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Vonnis is nader bepaald op vandaag. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE FEITEN</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1. [</nr>
      <para>eiser] is op 1 oktober 1979 in dienst getreden van FCCA. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Bij brief van 24 augustus 2015 bericht FCCA aan [eiser] dat de arbeidsovereenkomst op 30 september 2016 zal eindigen wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Tussen FCCA en (onder meer) [eiser] zijn op 3 en 17 augustus 2016 gesprekken gevoerd over voortzetting van de arbeidsrelatie na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. FFCA heeft achtereenvolgens twee concepten van een ‘addendum voortzetten arbeidsovereenkomst’ aan [eiser] verstrekt.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Tijdens het gesprek op 3 augustus 2016 is, onder meer, het volgende gezegd:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">[directeur 1]: [directeur 1] (directeur),</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">[directeur 2]: [direceur 2] (directeur)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">[eiser]: [eiser] [eiser] (verzoeker)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Petra: [werknemer] (werknemer FCCA, collega [eiser])</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">00:52 [directeur 2]:		Maar ok. We hebben de beslissing genomen dat we doen het. Maar, maar maar jullie willen het nog steeds?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:02 [eiser]:		Ja.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:03 [directeur 2]:		No (nee) ik vraag het ik vraag gewoon</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:05 [eiser]		Officieel, officieel, officieel vraag je het.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:09 [directeur 2]:		aha (ja)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:10 [directeur 1]:		Kijk we doen het met iedereen in die 3 maanden tijd. Dus 3 maanden dat gaat verstrijken, dus...</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:16 [directeur 2]:		Voor jullie is het een maand of weet ok wat, ([directeur 1] voor ons is het nu) maar  de anderen is het echt 3 maanden.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:22 [directeur 1]:	Ok en dan nog eventjes tot verduidelijking, dus het is een functie van, jullie zijn van alles inzetbaar, behalve voor schoonmaak werkzaamheden renovatie werkzaamheden, maar de rest als bijvoorbeeld, als we we, FCCA, Julie nodig hebt, gaan jullie dat doen he?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:37 [eiser]:		ja</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1:38 [directeur 1]:		Ok. En en vanavond ook, er komen kijk maar naar in de advertenties in de krant, want we gaan veel mensen aannemen zoals jullie hebben gezien, die moeten allemaal ingewerkt worden he? Ok dan hoef jij geen technische iemand in te werken, maar ik kan me voorstellen als we straks iemand van incasso die ingewerkt moet worden, dat dat jij dat gaat doen, als iemand van de administratie op de rails gezet moet worden dat [directeur 2] zegt Petra kijk hier eens eventjes twee maanden naar deze persoon geef die eens een handje. Weet je, dus allemaal zulke werkzaamheden. Mensen met zwangerschap, mensen ziek.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">2:11 [directeur 2]:			We moeten jullie em em..</emphasis>
        </para>
        <para>
          <inlinemediaobject>
            <imageobject>
              <imagedata align="center" scale="100" fileref="be19dba6-3ea7-4068-8aa7-41a370fcdbba" depth="29" width="1" format="image/png" />
            </imageobject>
          </inlinemediaobject>
          <emphasis role="italic">2:13 [directeur 1]:		Multi functioneel</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">2: 14 [directeur 2]:		kennis in ervaring gebruiken.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">2:18 [directeur 1]:		... en begeleiding geven.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">2:23 [directeur 1]:		Zijn allemaal termen die we ook voor de road moeten gebruiken, want anders eh is de begeleiding geven.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">2:30 Petra:		Nou en werk is er altijd dus...</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">2:33 [directeur 1]:		Dat klopt.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">9:24 [eiser]:		Kunnen we een datum prikken?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">9:27 [directeur 2]:		Waarom ben je bang dat ik mijn woord terug haalt...dat gebeurt nooit.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">9:29 [eiser]:		Nee nee niet bang gewoon…</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Bij brief van 7 september 2016 bericht FCCA aan [eiser] dat zijn verzoek om tot </para>
        <para>zijn 65ste bij FCCA te kunnen blijven werken wordt afgewezen en bevestigt FCCA dat het </para>
        <para>dienstverband vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd eindigt op 30 </para>
        <para>september 2016.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Vorderingen in kort geding van [eiser] tot doorbetaling van loon en tewerkstelling </para>
        <para>na 30 september 2016 zijn in eerste aanleg en in hoger beroep afgewezen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <parablock>
        <para>Bij beschikking van 10 april 2018 heeft het Gerecht vorderingen van [eiser] tot </para>
        <para>verklaring voor recht dat de arbeidsovereenkomst met FCCA voortduurt en veroordeling </para>
        <para>van FCCA tot doorbetaling van loon afgewezen. Bij beschikking van 4 december 2018 heeft </para>
        <para>het Gemeenschappelijk Hof de beschikking in eerste aanleg bevestigd. Daarin heeft het </para>
        <para>Hof onder meer overwogen:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…) </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Naar het oordeel van het Hof moet het voor [eiser] duidelijk zijn geweest dat er </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">onenigheid was tussen het bestuur en de Raad van Toezicht over zowel het te volgen </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">beleid als over de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen in individuele gevallen en </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">dat zij daarin lijnrecht tegenover elkaar stonden. (…) [eiser] moet dan ook hebben </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">geweten dat het bestuur in het kader van de begroting daarover in conflict zou komen met </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">de Raad van Toezicht. Niet gebleken is dat [eiser] in het gesprek van 3 augustus 2016, </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">dan wel voor 11 augustus 2016, navraag heeft gedaan of de Raad van Toezicht inmiddels </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">instemde met de verlenging van de arbeidsovereenkomst. Onder deze omstandigheden, </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">alsmede het feit dat deze nog niet eerder aan de orde geweest zijnde kwestie van de </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">verlenging van de arbeidsovereenkomst in een stroomversnelling raakte doordat de </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">pensioengerechtigde leeftijd van [eiser] aanstaande was, heeft [eiser] er niet </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">gerechtvaardigd op kunnen vertrouwen dat het eerste addendum een onvoorwaardelijk </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">definitief aanbod dan wel een bindende toezegging van het bestuur inhield. De </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">omstandigheid dat door FCCA (intern en extern juridisch advies was ingewonnen over de </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">bevoegdheid van het bestuur en over de inhoud en de vorm van de overeenkomst c.q. het </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">addendum, maakt, zonder nadere toelichting, welke ontbreekt, niet dat bij [eiser], zoals </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">hij zelf stelt, het gerechtvaardigd vertrouwen kon ontstaan dat de Raad van Toezicht alles </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">had goedgekeurd in de tussentijd. Met name heeft [eiser] onvoldoende feiten gesteld, </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">waaruit, mts bewezen, kan worden afgeleid dat over de interne afbakening van </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">bevoegdheden en het creëren van nieuw beleid juridisch advies was ingewonnen, dat hij </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">van de vraag en/of het advies op de hoogte was en dat hij daaruit mocht afleiden dat een </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">en ander overeenkomstig het standpunt van het bestuur zou worden afgedaan.’ </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>HET GESCHIL </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1. [</nr>
      <parablock>
        <para>eiser] vordert -samengevat- dat het gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te </para>
        <para>verklaren vonnis:</para>
        <para>(i) voor recht verklaart dat FCCA onrechtmatig dan wel in strijd met de redelijkheid en </para>
        <para>billijkheid heeft gehandeld en dat FCCA aansprakelijk is voor de schade die daar het gevolg </para>
        <para>van is;</para>
        <para>(ii) FCCA veroordeelt tot betaling aan [eiser] van schadevergoeding vermeerderd met </para>
        <para>de wettelijke rente vanaf 1 oktober 2016 tot de dag van betaling, op te maken bij staat en </para>
        <para>te vereffenen volgens de wet;</para>
        <para>(iii) FCCA veroordeelt in de proceskosten.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2. [</nr>
      <parablock>
        <para>eiser] voert daartoe -samengevat- aan dat de onderhandelingen tussen FCCA en </para>
        <para>[eiser] over voortzetting van de arbeidsrelatie na zijn pensioengerechtigde leeftijd </para>
        <para>inmiddels in een zo vergevorderd stadium waren beland, dat FCCA zich daaruit niet meer</para>
        <para>kon terugtrekken zonder schadeplichtig te zijn jegens [eiser].</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>FCCA voert gemotiveerd verweer.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De stellingen van partijen worden voor zover van belang hierna besproken. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1. [</nr>
      <parablock>
        <para>eiser] heeft in kort geding in eerste aanleg en in hoger beroep en vervolgens in </para>
        <para>een bodemprocedure in eerste aanleg en in hoger beroep betoogt dat hij met FCCA </para>
        <para>overeenstemming had bereikt over de voorzetting van zijn arbeidsovereenkomst na het </para>
        <para>bereiken van zijn pensioengerechtigde leeftijd. In alle procedures is hij in het ongelijk </para>
        <para>gesteld. In deze procedure gooit [eiser] het over een andere boeg. Hij stelt dat, indien </para>
        <para>geen overeenkomst tussen hem en FCCA is ontstaan, er in ieder geval vastgesteld kan </para>
        <para>worden dat de onderhandelingen zich in een zodanig vergevorderd stadium  bevonden, dat </para>
        <para>FCCA zich daaruit niet zonder meer kon terugtrekken en daarom schadeplichtig is. </para>
      </parablock>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>4.2.1.</nr>
        <parablock>
          <para>Volgens vaste rechtspraak geldt als maatstaf voor de beoordeling van de </para>
          <para>schadevergoedingsplicht bij afgebroken onderhandelingen dat ieder van de </para>
          <para>onderhandelende partijen -die verplicht zijn hun gedrag mede door elkaars </para>
          <para>gerechtvaardigde belangen te laten bepalen- vrij is de onderhandelingen af te breken, tenzij </para>
          <para>dit op grond van het gerechtvaardigd vertrouwen van de wederpartij in het tot stand komen </para>
          <para>van de overeenkomst of in verband met de andere omstandigheden van het geval </para>
          <para>onaanvaardbaar zou zijn. Daarbij dient rekening te worden gehouden met de mate waarin </para>
          <para>en de wijze waarop de partij die de onderhandelingen afbreekt tot het ontstaan van dat </para>
          <para>vertrouwen heeft bijgedragen. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.2.2.</nr>
        <parablock>
          <para>Het ligt op de weg van [eiser] om voldoende feiten te stellen en bij betwisting te </para>
          <para>bewijzen, waaruit kan worden afgeleid dat hij er gerechtvaardigd op mocht vertrouwen dat </para>
          <para>met FCCA een overeenkomst tot stand zou komen. [eiser] stelt, zo begrijpt het gerecht,  </para>
          <para>dat dit gerechtvaardigd vertrouwen bij hem is opgewekt door het gesprek op 3 augustus  </para>
          <para>2016. Uit het door hem bij conclusie van repliek geciteerde gedeelte van de transcriptie van </para>
          <para>het (heimelijk) opgenomen gesprek van dit gesprek, blijkt volgens [eiser] dat hij </para>
          <para>geen enkele reden had om eraan te twijfelen dat de verlenging van de arbeidsovereenkomst </para>
          <para>een feit was en dat nog slechts de puntjes op de ‘i’ moesten worden gezet. Het Gerecht </para>
          <para>volgt [eiser] hier niet in. Uit het gesprek kan de gevolgtrekking worden gemaakt </para>
          <para>dat (het bestuur van) FCCA zeker positief stond tegenover een verlenging van de </para>
          <para>arbeidsrelatie. In zijn beschikking van 4 december 2018 -dat tussen partijen bindende </para>
          <para>kracht heeft-  heeft het Hof echter geoordeeld dat [eiser] reeds toen al moet hebben </para>
          <para>geweten dat (het bestuur van) FCCA  hierover in conflict zou komen met de Raad van </para>
          <para>Toezicht. Hij kon er dus  allerminst gerechtvaardigd op vertrouwen de verlenging nog een</para>
          <para>kwestie was van -ondergeschikte- puntjes op de ’i’. [eiser] miskent bovendien dat na </para>
          <para>het gesprek op 3 augustus 2016, waarna een eerste addendum aan hem werd </para>
          <para>aangeboden, op 17 augustus 2016 wederom een gesprek tussen hem en (het bestuur van)</para>
          <para>FCCA plaatsvond, waarbij een tweede addendum werd besproken, waarover partijen geen </para>
          <para>overeenstemming bereikten. Gelet op de ontwikkelingen na 3 augustus 2016 valt, zonder </para>
          <para>nadere uitleg, die niet is gegeven, niet in te zien dat [eiser] gelet op hetgeen tijdens de </para>
          <para>bespreking op 3 augustus 2016 aan hem is meegedeeld en wat hij toen al moet hebben </para>
          <para>geweten ten aanzien van de conflicterende belangen van het bestuur en de Raad van </para>
          <para>Toezicht, er gerechtvaardigd op kon vertrouwen dat het wel goed zou komen met de </para>
          <para>verlenging van zijn arbeidsovereenkomst. Daar komt bij dat FCCA onweersproken heeft </para>
          <para>gesteld dat (i) [eiser] niet wilde instemmen met aanvullende, voor FCCA essentiële, </para>
          <para>bedingen in het tweede addendum met betrekking tot de periode van doorbetaling van loon </para>
          <para>tijdens ziekte en extra aflossing door [eiser] op de hypotheeklening van FCCA, (ii) door </para>
          <para>(het bestuur van) FCCA uitdrukkelijk aan [eiser] werd meegedeeld dat een verlenging </para>
          <para>niet zonder goedvinden van de Raad van Toezicht van FCCA zou kunnen plaatsvinden en </para>
          <para>(iii) dat de Raad van Toezicht zich keerde tegen een verlenging van de arbeidsrelatie na </para>
          <para>het behalen van de pensioengerechtigde leeftijd.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.2.3.</nr>
        <parablock>
          <para>Het voorgaande leidt tot de conclusie dat [eiser] onvoldoende feiten en </para>
          <para>omstandigheden heeft gesteld waaruit kan worden afgeleid dat hij er gerechtvaardigd op </para>
          <para>kon vertrouwen dat er linksom of rechtsom wel een verlenging van de </para>
          <para>arbeidsovereenkomst in zat. Uit de feiten en omstandigheden volgt eerder het tegendeel. </para>
          <para>Tijdens de laatste bespreking vormden aanvullende bedingen een breekpunt en de (vooraf </para>
          <para>met [eiser] besproken) instemming van de Raad van Toezicht zou dat ook zijn. Het </para>
          <para>gerecht kan zich voorstellen dat de boodschap in de brief van FCCA van 7 september 2016 </para>
          <para>voor [eiser] teleurstellend was, maar een verrassing kan het niet voor hem zijn </para>
          <para>geweest. Het stond FCCA zonder meer vrij het overleg met [eiser] over verlenging van </para>
          <para>de arbeidsovereenkomst onder de geschetste omstandigheden te staken. Reeds hierom </para>
          <para>zijn de vorderingen van [eiser] niet toewijsbaar. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3. [</nr>
      <parablock>
        <para>eiser] vordert -mede- schadevergoeding nader op te maken bij staat. Voorop stelt </para>
        <para>het Gerecht dat [eiser] niet onderbouwt waarom hij respectievelijk drie-en-een-half </para>
        <para>jaar (indiening verzoekschrift) en viereneenhalf jaar (nemen conclusie van repliek) na het </para>
        <para>bericht van FCCA dat zijn verzoek om verlenging van de arbeidsovereenkomst niet wordt </para>
        <para>gehonoreerd, niet in staat is zijn schade te begroten. Hij heeft bovendien geen enkele </para>
        <para>indicatie gegeven waaruit zijn schade bestaat. FCCA heeft -subsidiair- voldoende </para>
        <para>gemotiveerd betwist dat [eiser] schade heeft geleden. Het lag vervolgens op de weg </para>
        <para>van [eiser] om nadere gegevens te verstrekken ter staving van de door hem gestelde </para>
        <para>schade. [eiser] heeft dat niet gedaan. Bij gebreke daarvan heeft hij niet voldaan aan </para>
        <para>zijn stelplicht. De gevorderde schadevergoeding op te maken bij staat is, zo [eiser] al </para>
        <para>gerechtvaardigd had kunnen vertrouwen op een verlenging, ook hierom niet </para>
        <para>toewijsbaar.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>De slotsom is dat de vorderingen van [eiser] zullen worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <parablock>
        <para>Als de in het ongelijk gestelde partij zal [eiser] de proceskosten van FCC moeten </para>
        <para>vergoeden.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Gerecht: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- wijst de vorderingen af;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt [eiser] in de proceskosten aan de kant van FCCA begroot op  </para>
    <para>Afl. 2.500,-- aan salaris gemachtigde (2 punten, tarief 5).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.A. van Voorthuizen, rechter, en werd uitgesproken ter </para>
      <para>openbare terechtzitting van woensdag 24 augustus 2022 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>