<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2021:7</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-30T11:51:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-01-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA201903452</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2021:7">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2021:7</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-01T14:06:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2021:7 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 19-01-2021 / AUA201903452</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2021:7:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>vervangende toestemming erkenning; behoud geslachtsnaam moeder</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2021:7:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="985249eb-0d78-47d6-8a92-8a177e063212" depth="1140" width="48" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="657ecc03-0cae-4cf2-85a4-c28714bceb3f" depth="96" width="96" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>Beschikking van 19 januari 2021</para>
    <para>behorend bij zaaknummer AUA201903452</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>BESCHIKKING</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[verzoeker]</emphasis>,</para>
      <para>wonende in Aruba, </para>
      <para>VERZOEK, </para>
      <para>verschenen in persoon, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[verweerster]</emphasis>,</para>
      <para>wonende in Aruba, </para>
      <para>VERWEER, hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>verschenen in persoon. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Belanghebbenden:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">[de minderjarige], </emphasis>geboren op 2 maart 2018 in Aruba,</para>
      <para>de minderjarige,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">De ambtenaar van de Burgerlijke Stand,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">DE VOOGDIJRAAD, </emphasis>in zijn hoedanigheid van bijzondere curator.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para>Het eerdere verloop van de procedure blijkt uit de beschikking van dit gerecht van 25 augustus 2020. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>de akte uitlating zijdens de Voogdijraad, ingediend op 22 september 2020,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mondelinge behandeling ter zitting van 17 november 2020, waar zijn verschenen de partijen in persoon en de Voogdijraad bij M. Ras. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>DE VERDERE BEOORDELING</title>
    <bridgehead role="italic">Vervangende toestemming tot erkenning</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>De vraag die ter beantwoording ligt, is of de voorgenomen erkenning de belangen van de minderjarige en/of de belangen van de moeder bij een ongestoorde verhouding met de minderjarige zal schaden<emphasis role="italic">. </emphasis></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Het is aan de moeder om feiten en omstandigheden te stellen waaruit kan worden afgeleid dat voormelde belangenafweging dient te leiden tot een afwijzing van het verzoek van de man. Naar het oordeel van het gerecht heeft de moeder geen feiten en omstandigheden aangevoerd waaruit blijkt dat bij toewijzing van het verzoek van de man de belangen van de minderjarige en/of de belangen van de moeder bij een ongestoorde verhouding met de minderjarige zal worden geschaad. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <parablock>
        <para>De bijzondere curator heeft bij akte namens de minderjarige geadviseerd om de man vervangende toestemming te verlenen om de minderjarige te erkennen. Volgens de bijzondere curator zijn er geen aanwijzingen dat de erkenning de belangen van de minderjarige zal schaden, in die zin dat er reële risico’s zijn dat de minderjarige wordt belemmerd in een evenwichtige sociaalpsychologische en emotionele ontwikkeling. Door de moeder zijn alleen emotionele redenen aangevoerd tegen toewijzing van het verzoek, aldus de bijzondere curator. </para>
        <para>Het gerecht zal, gelet op het voorgaande, de man vervangende toestemming verlenen om de minderjarige te erkennen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De geslachtsnaam</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Ingevolge artikel 1:5 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BW) is de geslachtsnaam van een kind die van zijn vader, en anders die van de moeder. Conform het geldende recht krijgt de minderjarige bij de erkenning de geslachtsnaam van de vader. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Algemeen aanvaard is dat in het huidige Arubaanse namenrecht de moeder van een kind wordt achtergesteld bij de vader zonder dat daarvoor voldoende rechtvaardiging is. Deze ongelijke behandeling is in (elk geval) strijdig met artikel I.1 van de Staatsregeling van Aruba en artikel 26 van het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <parablock>
        <para>De Arubaanse wetgever heeft dit rechtstekort onder ogen gezien. Bij Landsverordening van 23 september 2016 – tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek van Aruba in verband met een aantal onderwerpen die nog een regeling of aanpassing in het Burgerlijk Wetboek van Aruba behoeven, AB 2016, no. 51 (hierna: Landsverordening aanvulling BW) – is bepaald dat art. 1:5 BW wordt vervangen door veertien nieuwe wetsartikelen (art. 1:5 tot en met art. 1:5m BW). Artikel 1:5 Landsverordening aanvulling BW bepaalt, voor zover hier van belang, dat de ouders bij de keuze van de geslachtsnaam van hun kind kunnen kiezen voor de geslachtsnaam van de vader dan wel voor die van de moeder. Artikel 1:5b Landsverordening aanvulling BW bevat een regeling voor geschillen omtrent de naamskeuze. Het eerste lid van dit artikel luidt:</para>
        <para>“Een geschil tussen de ouders of toekomstige ouders over de naamskeuze kan op verzoek van beiden of één van hen aan de rechter in eerste aanleg worden voorgelegd. Deze beproeft, alvorens te beslissen, een vergelijk tussen hen. De rechter neemt een zodanige beslissing als hem in het belang van het kind wenselijk voorkomt.”</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Artikel 1:5g, eerste lid, Landsverordening aanvulling BW, bepaalt:</para>
        <para>“ Indien een kind door erkenning in familierechtelijke betrekking tot de vader komt te staan, behoudt het de geslachtsnaam van de moeder, tenzij de moeder en de erkenner ter gelegenheid van de erkenning gezamenlijk verklaren naamskeuze te doen. Van deze verklaring wordt melding gemaakt in de akte van erkenning. Het voorgaande is van overeenkomstige toepassing bij erkenning van een ongeboren kind.”</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De Landsverordening aanvulling BW is nog niet in werking getreden. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7</nr>
      <para>De Hoge Raad heeft bij beschikking van 13 oktober 2017, ECLI:NL:2017:2614 overwogen dat nu de Landsverordening aanvulling BW nog niet in werking is getreden en onbekend is op welke termijn dat het geval zal zijn, de rechter thans voor Aruba dient te bezien of in dit rechtstekort kan worden voorzien. De rechter kan door bij de keuze van de wetgever, zoals gemaakt bij de vaststelling van de Landsverordening aanvulling BW, aan te sluiten een oplossing bieden voor het rechtstekort van de geldende wetgever (rechtsoverweging 3.4.6 en 3.4.8).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8</nr>
      <para>Voor de in deze zaak aan de orde zijnde erkenning is van toepassing het bepaalde in artikel 1:5g, eerste lid, Landsverordening aanvulling BW waarin wordt bepaald dat een kind dat door erkenning in familierechtelijke betrekking tot de vader komt te staan de geslachtsnaam van de moeder behoudt, tenzij de moeder en de erkenner ter gelegenheid van de erkenning gezamenlijk verklaren naamkeuze te doen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9</nr>
      <para>Gelet op het voorgaande, en in aanmerking genomen dat de minderjarige sinds haar geboorte de geslachtsnaam van de moeder draagt, acht de rechter het in het belang van de minderjarige dat zij de geslachtsnaam van de moeder behoudt. De stelling van de man dat de minderjarige met een dubbele achternaam in Aruba zal worden gediscrimineerd is niet aannemelijk geworden. Het gerecht zal derhalve bepalen dat ter gelegenheid van de erkenning van de minderjarige door de man artikel 1:5 lid 1 BW buiten toepassing blijft en dat de minderjarige de geslachtsnaam van de moeder behoudt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10</nr>
      <para>Het gerecht zal, gelet op de beschikking van 18 februari 2020, voorts bepalen dat de moeder de helft van de kosten verbonden aan het DNA-onderzoek aan de man dient te betalen. </para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Omgangsregeling</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.11</nr>
      <para>Uitgangspunt is dat het in het belang van een kind is te achten dat het contact heeft met de niet verzorgende ouder en in beginsel hebben beiden ook recht op omgang met elkaar, tenzij zwaarwegende belangen van het kind zich daartegen verzetten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.12</nr>
      <para>Partijen hebben ter zitting afspraken gemaakt ten aanzien van een omgangsregeling tussen de man en de minderjarige. Het gerecht zal gelet op het verhandelde ter zitting en in het belang van de minderjarige de hieronder aangegeven  omgangsregeling vaststellen.  </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>Het gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verleent de man [verzoeker], bij gebreke van toestemming van de moeder, vervangende toestemming om de minderjarige [de minderjarige], geboren op 2 maart 2018 in Aruba, te erkennen, met dien verstande dat ter gelegenheid van de erkenning door de man artikel 1:5 lid 1 BW aldus buiten toepassing blijft en dat de minderjarige de geslachtnaam van de moeder “[ACHTERNAAM MOEDER]” behoudt,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt de omgangsregeling tussen de man en de minderjarige als volgt:</para>
      <para>elke dag dat de man vrij heeft, waarbij de man via Whatsapp de moeder mededeelt wanneer hij vrij is waarna in onderling overleg plaats en tijdstip voor de omgang met het kind wordt afgesproken, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de moeder de helft van de kosten verbonden aan het DNA-onderzoek aan de man dient te betalen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het meer of anders verzochte af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gegeven door mr. E.M.D. Angela, rechter in dit gerecht, ter zitting van dinsdag 19 januari 2021 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 19 januari 2021</para>
      <para>Instantie: Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</para>
      <para>Zaaknummer: AUA201903452</para>
      <para>Inhoudsindicatie: vervangende toestemming erkenning; behoud geslachtsnaam moeder.</para>
      <para>Formele relaties (optioneel):</para>
      <para>Rechtsgebieden: Civiel; familierecht</para>
      <para>Rechter: mr E.M.D. Angela</para>
      <para>Bijzondere kenmerken:</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>