<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2021:10</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-01T14:15:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-01-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA202001993</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2021:10">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2021:10</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-01T14:15:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2021:10 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 19-01-2021 / AUA202001993</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2021:10:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>opheffing mentorschap</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2021:10:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="5853c3b2-78a1-4586-a493-996ea5d3f7fa" depth="1140" width="48" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="f574f362-b07c-46db-bef3-f2aedf1d3b74" depth="96" width="96" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>Beschikking van 19 januari 2021</para>
    <para>behorend bij EJ. nr. AUA202001993</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>BESCHIKKING</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Verzoekster]</emphasis>, <emphasis role="bold">in haar hoedanigheid van mentor</emphasis>, </para>
      <para>wonende in Aruba, te [woonplaats],</para>
      <para>VERZOEKSTER, hierna: de mentor,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Belanghebbende:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">[Belanghebbende], </emphasis>de betrokkene,</para>
      <para>wonende in Aruba, te [woonplaats].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para>De procedure blijkt uit:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift, ingediend op 20 augustus 2020;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mondelinge behandeling ter zitting van 24 november 2020, waarbij aanwezig waren de mentor in persoon en de betrokkene in persoon. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>De uitspraak is bepaald op heden.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE FEITEN</title>
    <para>Bij beschikking van dit gerecht van 25 november 2014 (EJ-1974/14) is onder andere een mentorschap ingesteld over betrokkene en is verzoekster tot mentor benoemd. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>HET VERZOEK</title>
    <parablock>
      <para>Het verzoek strekt tot opheffing van het mentorschap van betrokkene. </para>
      <para>Aan het verzoek heeft de mentor ten grondslag gelegd dat het mentorschap niet meer zinvol is. Betrokkene heeft een afgeronde opleiding aan de EPI en is wel degelijk bekwaam om een passende betrekking te vervullen, maar wordt telkens niet aangenomen mede omdat bij het ‘googlen’ van zijn naam te lezen valt dat zijn moeder als zijn mentor is benoemd. Betrokkene geeft pianoles aan huis en is ook tijdelijk werkzaam op de muziekschool. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Ingevolge artikel 1:450 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BW) kan de rechter in eerste aanleg, indien een meerderjarige als gevolg van zijn geestelijke of lichamelijke toestand tijdelijk of duurzaam niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen van niet-vermogensrechtelijke aard zelf behoorlijk waar te nemen, te zijnen behoeve een mentorschap instellen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Ingevolge artikel 1:462, tweede lid BW kan de rechter in eerste aanleg, indien de noodzaak daartoe niet meer bestaat, het mentorschap opheffen, zulks op verzoek van de betrokkene of zijn mentor </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Betrokkene woont thuis bij zijn ouders en wordt door hen – ook financieel – ondersteund. De mentor, die tevens zijn moeder is, acht hem in staat om volledig voor zichzelf te zorgen en zijn eigen financiële belangen te behartigen. De betrokkene is het ermee eens. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Het gerecht is naar aanleiding van het verhandelde ter zitting van oordeel dat de betrokkene in staat moet worden geacht om zijn belangen van niet-vermogensrechtelijke aard zelf behoorlijk waar te nemen. Voldoende aannemelijk is geworden dat inmiddels de noodzaak voor een mentorschap niet meer bestaat. Gelet op hetgeen de mentor en de betrokkene ter zitting naar voren hebben gebracht is het gerecht van oordeel dat niet meer kan worden gesproken van een toestand zoals bedoeld in artikel 1:450 lid 1 BW. De grond voor het mentorschap is daarmee komen te vervallen. Het verzoek van de mentor tot opheffing van het mentorschap zal dan ook worden toegewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>Het gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>heft op, met onmiddellijke ingang, het mentorschap van [belanghebbende], geboren op [geboortedatum] 1988 in Aruba, en wonende in Aruba.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter terechtzitting van dinsdag 19 januari 2021 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 19 januari 2021</para>
      <para>Instantie: Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</para>
      <para>Zaaknummer: AUA202001993</para>
      <para>Inhoudsindicatie: opheffing mentorschap</para>
      <para>Formele relaties (optioneel):</para>
      <para>Rechtsgebieden: Civiel; familierecht</para>
      <para>Rechter: mr. N.K. Engelbrecht</para>
      <para>Bijzondere kenmerken:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>