<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2020:77</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-03-05T16:17:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-03-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-02-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA201902487</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2020:77">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2020:77</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-03-05T16:16:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-03-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2020:77 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 18-02-2020 / AUA201902487</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2020:77:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>civiel – ej – ondercuratelestelling (geestelijk)</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2020:77:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Beschikking van 18 februari 2020				</para>
    <para>behorend bij EJ nr. AUA201902487 </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>BESCHIKKING</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Naam verzoeker]</emphasis>,</para>
      <para>wonende in Aruba, te [adres],</para>
      <para>VERZOEKER,</para>
      <para>procederend in persoon,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>om ondercuratelestelling van zijn moeder:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Naam verweerster]</emphasis>,</para>
      <para>wonende in Aruba, thans verblijvende in het ouderenverzorgingstehuis van de Stichting Thuiszorg te [adres],</para>
      <para>VERWEERSTER, </para>
      <para>in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Belanghebbenden:</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">1. [Naam belanghebbende I]</emphasis>zoon,  </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">2. [Naam belanghebbende II]</emphasis>zoon,</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">3. [Naam belanghebbende III]</emphasis>zoon,	 </para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para>De procedure blijkt uit:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift, ingediend op 26 juli 2019,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mondelinge behandeling ter zitting van 1 oktober 2019, waarbij aanwezig waren verzoeker, de zoon [naam belanghebbende I] in persoon, en twee andere familieleden, namelijk een nicht van verzoeker, mevrouw [naam nicht], en een tante van verzoeker, mevrouw [naam tante]. De behandeling is toen geschorst om de twee andere zonen van verweerster alsnog op te roepen, </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mondelinge behandeling ter zitting van 28 januari 2020, waarbij aanwezig waren verzoeker, en alle zonen in persoon,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het huisbezoek van 12 februari 2020 in het verzorgingstehuis van de Stichting Thuiszorg, teneinde verweerster te horen. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>De uitspraak is </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>HET VERZOEK</title>
    <para>Het verzoek strekt ertoe dat verweerster onder curatele wordt gesteld met benoeming van verzoeker tot haar curat. Daartoe wordt aangevoerd dat zij wegens haar zeer slechte geestelijke en/of lichamelijke gesteldheid niet in staat is om haar belangen behoorlijk waar te nemen. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3. DE BEOORDELING</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Het verzoek is gegrond op artikel 1:378, lid 1 en onder sub a van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge deze bepaling kan de rechter een meerderjarige onder curatele stellen wegens een geestelijke stoornis waardoor de gestoorde, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>Uit het verhandelde ter zitting en de overgelegde schriftelijke verklaringen van de huisarts, [naam huisarts], van 8 oktober 2019 en van de behandelend Specialist ouderengeneeskunde, [naam specialist], van 21 oktober 2019, volgt dat er bij verweerster sprake is van cognitieve beperkingen als gevolg van dementie/ziekte van Alzheimer, die naar verwachting in de loop der tijd zullen toenemen. Verweerster gaf tijdens het horen geen antwoord op gestelde vragen. Zij was niet in staat om gehoord te worden. </para>
        <para>Gelet hierop is het gerecht van oordeel dat verweerster wegens een geestelijke stoornis niet in staat is of bemoeilijkt wordt haar belangen behoorlijk waar te nemen. Het verzoek tot ondercuratelestelling is dan ook voor toewijzing vatbaar.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <parablock>
        <para>De belanghebbenden hebben geen bezwaren geuit tegen benoeming van verzoeker tot curator. De zonen [naam belanghebbende III] en [naam belanghebbende II] hebben ter zitting gevraagd of er twee curatoren kunnen worden benoemd, voor het geval er belangrijke beslissingen moeten worden genomen of voor het geval verzoeker ziek wordt. Zij noch de oudste zoon [belanghebbende I], zijn evenwel bereid om als curator op te treden. </para>
        <para>Gelet hierop, en nu is gebleken dat verzoeker degene is die de feitelijke zorg over de moeder op zich heeft genomen, is het gerecht van oordeel dat de benoeming van verzoeker het meest strookt met de belangen van verweerster.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <parablock>
        <para>De curator dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) juncto artikel 1:338 BW <emphasis role="underline">binnen acht weken </emphasis>na aanvang van zijn taak als curator, derhalve uiterlijk op <emphasis role="underline">14 april 2020</emphasis>, een schriftelijke opgave ter griffie van dit gerecht te doen van de bij het begin van de curatele aanwezige gerede gelden, effecten aan toonder en spaarbankboekjes. </para>
        <para>De curator dient voorts <emphasis role="underline">binnen acht maanden</emphasis> na aanvang van zijn taak als curator, derhalve uiterlijk op <emphasis role="underline">20 oktober 2020</emphasis>, ter bevestiging van zijn deugdelijkheid een door hem ondertekende boedelbeschrijving bij de griffie van dit gerecht in te dienen. In de boedelbeschrijving is begrepen opgave van de wijzigingen in de samenstelling van het vermogen tot het ogenblik dat zij wordt opgemaakt. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>De curator dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 BW in samenhang met artikel 1:359 lid 1 BW <emphasis role="underline">jaarlijks</emphasis> een rekening van zijn bewind over de goederen van de onder curatele gestelde ter griffie van dit gerecht in te dienen, voor het eerst uiterlijk op <emphasis role="underline">1 juni 2021</emphasis>. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>Het gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt [naam verweerster], geboren op [geboortedatum] in [geboorteland], onder curatele,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>benoemt over de onder curatele gestelde tot curator haar zoon, [naam verzoeker], geboren op [geboortedatum] in Aruba en wonende in Aruba,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat deze uitspraak vanwege de curator binnen tien (10) dagen nadat deze ten uitvoer kan worden gelegd, wordt geplaatst in de Landscourant van Aruba, alsmede in de dagbladen “DIARIO” en “AMIGOE DI ARUBA”.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter terechtzitting van dinsdag 18 februari 2020 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>