<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2020:277</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-15T11:56:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA202000026 t/m AUA202000030 en AUA202000114 t/m AUA202000117</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2020:277">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2020:277</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-15T11:56:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2020:277 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 01-07-2020 / AUA202000026 t/m AUA202000030 en AUA202000114 t/m AUA202000117</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2020:277:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Belanghebbende heeft het beroep buiten de wettelijke termijn van twee maanden ingediend. Belanghebbende woont sinds januari 2017 in Nederland. Belanghebbende heeft telefonisch contact met de Inspecteur opgenomen om door te geven dat zijn adres weliswaar is veranderd, maar dat zijn oude adres nog steeds als postadres kan worden gehanteerd. De uitspraken op bezwaar zijn dus verzonden naar het adres dat belanghebbende zelf heeft doorgegeven aan de Inspecteur. Deze uitspraken zijn daarom verzonden naar het juiste adres. Mitsdien is geen grond gebleken waardoor de termijnoverschrijding verschoonbaar is te achten. Het beroep dient dan ook niet-ontvankelijk te worden verklaard.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2020:277:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Uitspraak van 1 juli 2020</para>
    <para>BBZ nrs. AUA202000026 t/m AUA202000030 en AUA202000114 t/m AUA202000117</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>UITSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het beroep in de zin van de </para>
      <para>Landsverordening beroep in belastingzaken van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Belanghebbende]</emphasis>, wonende te Aruba,</para>
      <para>belanghebbende,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gericht tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">DE INSPECTEUR DER BELASTINGEN</emphasis>, zetelend in Aruba, </para>
      <para>de Inspecteur.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>PROCESVERLOOP</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Aan belanghebbende zijn met dagtekening 31 oktober 2013 aanslagen inkomstenbelasting, premies AOV/AWW en premie AZV voor het jaar 2010 opgelegd naar een belastbaar en premie-inkomen van Afl. 30.000. Daarbij is een verzuimboete opgelegd van Afl. 250 vanwege het niet tijdig doen van aangifte. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Aan belanghebbende zijn met dagtekening 31 oktober 2014 aanslagen inkomstenbelasting, premies AOV/AWW en premie AZV voor het jaar 2011 opgelegd naar een belastbaar en premie-inkomen van Afl. 33.000. Daarbij is een verzuimboete opgelegd van Afl. 250 vanwege het niet tijdig doen van aangifte. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Aan belanghebbende zijn met dagtekening 29 mei 2015 aanslagen inkomstenbelasting, premies AOV/AWW en premie AZV voor het jaar 2012 opgelegd naar een belastbaar en premie-inkomen van Afl. 36.300. Daarbij is een verzuimboete opgelegd van Afl. 250 vanwege het niet tijdig doen van aangifte. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 6 juni 2016 bezwaar gemaakt tegen de aanslagen en verzuimboetes.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>De Inspecteur heeft bij in één geschrift vervatte uitspraken op bezwaar van 1 maart 2019 de bezwaren niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 9 januari 2020 tegen de uitspraken van de Inspecteur beroep ingesteld bij het Gerecht. Belanghebbende heeft daarvoor een bedrag aan griffierecht betaald van Afl. 25.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7</nr>
      <para>De Inspecteur heeft op 11 mei 2020 een verweerschrift ingediend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.8</nr>
      <para>Belanghebbende heeft op 19 juni 2020 nadere stukken ingediend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.9</nr>
      <para>De zitting heeft plaatsgevonden op 23 juni 2020 te Oranjestad. Belanghebbende is verschenen, bijgestaan door belastingadviseur [A]. Namens de Inspecteur is verschenen [B]. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>OVERWEGINGEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Alvorens tot een eventuele inhoudelijke beoordeling van het geschil te kunnen overgaan, dient het Gerecht de ontvankelijkheid van belanghebbendes beroep en bezwaar te beoordelen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ontvankelijkheid beroep</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>In artikel 19, lid 1, van de Algemene landsverordening belastingen (ALB) is bepaald dat degene die bezwaar heeft tegen een door de Inspecteur gedane uitspraak, binnen twee maanden na de dagtekening van de uitspraak een beroepschrift kan indienen bij het Gerecht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De onderhavige uitspraken op bezwaar zijn gedagtekend op 1 maart 2019. Het beroepschrift is op 9 januari 2020 ingediend. Dit beroepschrift is dus buiten de wettelijke termijn van twee maanden ingediend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Een niet-ontvankelijkverklaring van een beroep op grond van termijnoverschrijding blijft op grond van artikel 5, lid 5, Landsverordening beroep in belastingzaken (LBB) echter achterwege ingeval van bijzondere omstandigheden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Belanghebbende woont sinds januari 2017 in Nederland. Eind 2017 heeft belanghebbende telefonisch contact met de Inspecteur opgenomen om door te geven dat zijn adres weliswaar is veranderd, maar dat zijn oude [adres] nog steeds als postadres kan worden gehanteerd. Op dit adres woont de moeder van belanghebbende. Belanghebbende heeft ter zitting bevestigd dat hij het vorenstaande telefonisch heeft doorgegeven aan de Inspecteur. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <para>De onderhavige uitspraken op bezwaar zijn geadresseerd aan [adres] te Aruba. Deze uitspraken zijn dus verzonden naar het adres dat belanghebbende zelf heeft doorgegeven aan de Inspecteur. Deze uitspraken zijn daarom verzonden naar het juiste adres. Mitsdien is geen grond gebleken waardoor de termijnoverschrijding verschoonbaar is te achten. Het beroep dient dan ook niet-ontvankelijk te worden verklaard. Het hiernavolgende wordt dan ook ten overvloede overwogen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ontvankelijkheid bezwaar</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7</nr>
      <para>In artikel 17, lid 1, ALB is bepaald dat degene die bezwaar heeft tegen een hem opgelegde belastingaanslag, binnen twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet een gemotiveerd bewaarschrift kan indienen bij de Inspecteur. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8</nr>
      <para>De onderhavige aanslagbiljetten zijn gedagtekend op 31 oktober 2013, 31 oktober 2014 en 29 mei 2015. Belanghebbende heeft op 6 juni 2016 alsnog de aangiften inkomstenbelasting 2010 tot en met 2012 ingediend. De Inspecteur heeft deze aangiften terecht aangemerkt als bezwaarschriften tegen de vastgestelde aanslagen. Deze bezwaarschriften zijn buiten de wettelijke termijn van twee maanden ingediend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9</nr>
      <para>Een niet-ontvankelijkverklaring van een bezwaar op grond van termijnoverschrijding blijft echter achterwege, indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener van het bezwaar in verzuim is geweest. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10</nr>
      <para>Belanghebbende heeft geen omstandigheden aangevoerd op grond waarvan de termijnoverschrijding verschoonbaar is te achten. De Inspecteur heeft de bezwaren dan ook terecht niet-ontvankelijk verklaard.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT</title>
    <para>Het Gerecht ziet geen aanleiding voor een vergoeding van de proceskosten of het griffierecht.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>BESLISSING</title>
    <para>Het Gerecht:</para>
    <para />
    <para>- verklaart het beroep niet-ontvankelijk.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gegeven door mr. dr. A.J.H. van Suilen, rechter, en is uitgesproken op 1 juli 2020, in tegenwoordigheid van de griffier M.M.M. Faro MSc.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier,							De rechter,	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschriften zijn per post/ per e-mail op ………………………….. aan partijen verzonden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">HOGER BEROEP</emphasis>
      </para>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen <emphasis role="bold">twee maanden</emphasis> na de verzenddatum hoger beroep instellen bij:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (belastingkamer)</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">J.G. Emanstraat 51</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oranjestad</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Aruba</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>U wordt verzocht bij het indienen van het beroepschrift het volgende in acht te nemen: </para>
    </parablock>
    <para>1. Leg bij het beroepschrift een afschrift over van deze uitspraak; </para>
    <para>2. Onderteken het beroepschrift en vermeld het volgende: </para>
    <para>a. de naam en het adres van de indiener,</para>
    <para>b. de dagtekening,</para>
    <para>c. waartegen u in beroep komt, </para>
    <para>d. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het hoger beroep).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen hebben ook de mogelijkheid het ondertekende beroepschrift per e-mail in te dienen bij de griffie van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie: </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">belastinggriffieAUA@caribjustitia.org</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het instellen van hoger beroep is het volgende bedrag aan griffierecht verschuldigd:</para>
    </parablock>
    <para>- natuurlijke personen: 	Afl. 75 </para>
    <para>- personenvennootschappen en rechtspersonen: 	Afl. 300 </para>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>