<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2020:176</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-06T00:02:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-05-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-05-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA201803674</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JERF Actueel 2020/176</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2020:176">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2020:176</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-05-11T10:59:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-05-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2020:176 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 06-05-2020 / AUA201803674</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2020:176:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>In conventie: gedaagde is uit hoofde van door eiseres voor gedaagde verrichte diensten het gevorderde bedrag verschuldigd. In reconventie: de verzochte verklaring voor recht dat eiseres wanprestatie heeft gepleegd althans onrechtmatig heeft gehandeld jegens gedaagde door (1) een ongeautoriseerde en onjuiste boedelbeschrijving in te leveren en (2) die zonder toestemming of instemming van gedaagde te hebben verstrekt aan executeur testamentair wordt afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2020:176:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 6 mei 2020 (bij vervroeging)</para>
    <para>Behorend bij A.R. nr. AUA201803674</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap onder firma</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">LEYSNER &amp; DE CUBA ACCOUNTANTS VOF (L&amp;DC), </emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd in Aruba, </para>
      <para>eiseres, </para>
      <para>hierna ook te noemen: Leysner,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. A.M.N. Croes-Thijsen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[GEDAAGDE]</emphasis>,</para>
      <para>wonende in Aruba,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>hierna ook te noemen: [Gedaagde],</para>
      <para>gemachtigde: tot 10 januari 2019 de advocaat mr. A. de Bie, vanaf 3 juli 2019 de advocaat mr. P.M.E. Mohamed. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- her verzoekschrift, met producties;</para>
      <para>- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie;</para>
      <para>- de conclusie van repliek in conventie en van antwoord in reconventie, met producties;</para>
      <para>- de conclusie van dupliek in conventie en van repliek in reconventie;</para>
      <para>- de conclusie van dupliek in reconventie, met producties;</para>
      <para>- de akte uitlating producties in reconventie.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Vonnis is nader bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN</title>
    <bridgehead role="italic">in conventie</bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Leysner verzoekt dat het Gerecht bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad [gedaagde] veroordeelt om tegen behoorlijke kwijting aan Leysner te betalen Afl. 35.959,05, kosten rechtens.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2 [</nr>
      <para>Gedaagde] voert verweer en concludeert tot afwijzing van het door Leysner verzochte, althans tot sterk gematigde toewijzing daarvan, althans dat het Gerecht een hem juist voorkomende beslissing neemt.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in reconventie </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3 [</nr>
      <para>Gedaagde] verzoekt dat het Gerecht bij vonnis:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>-voor recht verklaart dat Leysner wanprestatie heeft gepleegd althans onrechtmatig heeft gehandeld jegens [gedaagde] door (1) een ongeautoriseerde en onjuiste boedelbeschrijving in te leveren en (2) die zonder toestemming of instemming van [gedaagde] te hebben verstrekt aan executeur testamentair [naam executeur testamentair].</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Leysner voert verweer en concludeert dat [gedaagde] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn reconventionele vorderingen, althans tot afwijzing of ongegrondverklaring daarvan, kosten rechtens.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in conventie en in reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Voor zover van belang voor de uitspraak worden de stellingen van partijen hierna besproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>DE BEOORDELING</title>
    <bridgehead role="italic">in conventie en in reconventie</bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>De aard van de conventionele en reconventionele vorderingen en de daaraan door partijen ten gronde gelegde stellingen brengt met zich dat die vorderingen en stellingen gezamenlijk kunnen worden besproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Er zijn gronden gesteld noch gebleken waaruit volgt dat [gedaagde] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn reconventionele vorderingen. Het ontvankelijkheidsverweer van Leysner wordt daarom verworpen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Leysner stelt als grondslag voor haar vordering dat [gedaagde] het door haar gevorderde bedrag opeisbaar verschuldigd is uit hoofde van door Leysner voor [gedaagde] verrichte diensten zoals omschreven in de bij het verzoekschrift als productie 2 overgelegde specificatie. [Gedaagde] heeft niet betwist dat die diensten zijn verricht door Leysner, maar hij stelt in zijn conclusie van dupliek in conventie en repliek in reconventie nader dat Leysner wanprestatie heef geleverd althans onrechtmatig heeft gehandeld jegens [gedaagde] door een onjuiste boedelbeschrijving op te maken zoals omschreven in zijn conclusie van antwoord in conventie. Dat verweer kan [gedaagde] niet baten, omdat Leysner in haar conclusie van repliek in conventie onbestreden heeft gesteld dat de facturen waarvan thans betaling wordt gevorderd zien op andere door Leysner verrichte werkzaamheden dan die met betrekking tot het assisteren van [gedaagde] bij het opstellen van een concept beschrijving van de bij partijen genoegzaam bekende nalatenschapsboedel. In dit verband heeft Leysner verder onbestreden gesteld dat het niet haar taak was om een officiële door haar ondertekende beschrijving te maken van voormelde boedel. Deze vaststaande stellingen van Leysner brengen reeds mee dat onderdeel (1) van de door [gedaagde] verzochte verklaring voor recht zal worden afgewezen. Bij dit alles komt als klap op de vuurpijl nog het volgende, waaruit blijkt dat die afwijzing volstrekt terecht is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>De aan Leysner (in de aldaar werkende persoon van [naam werknemer]) gerichte brief van [gedaagde] van 29 oktober 2019 vermeldt onder meer het volgende:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="italic">U heeft mij vroeger heeft veel bijgestaan als accountant voor veel bedrijven en als vertrouweling met betrekking tot de erfenis van [naam wijlen]. </emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Door de vele zaken die tegen mij zijn aangespannen en de grote druk die door de pretense mede-erven op mij is gelegd, zijn de emoties bij mij heel hoog opgelopen. Er staat ook veel op het spel, zoals u zelf weet. </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Hierdoor heb ik, achteraf gezien, onjuiste conclusies over uw werkzaamheden getrokken en heb ik ten onrechte uw werkzaamheden als onrechtmatig bestempeld in de onnodig tegen u ingestelde rechtszaak. </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ik bied u daarvoor dan ook mijn excuses aan. Deze verwijten heeft u niet verdiend, mede omdat wij samen veel goeds hebben gedaan en meegemaakt.</emphasis>”.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>Onderdeel (2) van de door [gedaagde] verzochte verklaring voor recht zal eveneens worden afgewezen, nu Leysner onbestreden heeft gesteld dat [gedaagde] haar had gevolmachtigd om het bij partijen genoegzaam bekende document te verstrekken aan [naam executeur testamentair]. Aldus kan niet worden gezegd dat dit zonder instemming of autorisatie van [gedaagde] heeft plaatsgevonden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6</nr>
      <para>Al het vorenstaande brengt mee dat [gedaagde] het in hoofdsom door Leysner gevorderde bedrag en de daaraan ten gronde gelegde stellingen onvoldoende gemotiveerd heeft betwist. Die vordering zal daarom worden toegewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7 [</nr>
      <para>Gedaagde] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de conventionele en de reconventionele procedure gevallen aan de zijde van Leysner, tot aan deze uitspraak in conventie begroot op (750,-- + 206,70 =) Afl. 956,70 aan verschotten (griffiegeld en oproepkosten) en Afl. 2.500,-- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten, tarief 5) en in reconventie begroot op eveneens Afl. 2.500,-- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten, tarief 5).</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>Het Gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">in conventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-veroordeelt [gedaagde] om tegen behoorlijke kwijting aan Leysner te betalen </para>
      <para>Afl. 35.959,05;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-veroordeelt [gedaagde] in de conventionele proceskosten van Leysner, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 3.456,70;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-verklaart voormelde veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">in reconventie</emphasis>
      </para>
      <para>-wijst af het door [gedaagde] verzochte;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-veroordeelt [gedaagde] in de reconventionele proceskosten van Leysner, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.500,--.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is bij vervroeging uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 6 mei 2020 in tegenwoordigheid van de griffier. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>