<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2019:617</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-10-01T11:53:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-10-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-09-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA201902729</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2019:617">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2019:617</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-10-01T11:53:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-10-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2019:617 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 30-09-2019 / AUA201902729</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2019:617:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Verzoeker heeft het gerecht bericht dat aan hem een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd is verleend. Verzoeker verzoekt teruggave van het griffierecht.</para>
        <para>Ingevolge artikel 30 van de Lar stort de indiener tegelijkertijd met de indiening van het beroepschrift ten behoeve van het Land een recht van Afl. 25,-. Ingevolge het tweede lid gelast de rechter de teruggave van het gestorte bedrag, indien het beroep geheel of gedeeltelijk gegrond wordt verklaard of indien het bestuursorgaan de beslissing ten voordele van de indiener intrekt of wijzigt. Op grond van artikel 55 van de Lar is op de indiening van en de beslissing op een verzoek als bedoeld in artikel 54, artikel 30 van overeenkomstige toepassing.</para>
        <para>Nu verweerder de bestreden beslissing ten voordele van verzoeker heeft ingetrokken dan wel gewijzigd, bestaat aanleiding voor teruggave van het griffierecht, zoals door verzoeker verzocht.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2019:617:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Uitspraak van 30 september 2019</para>
    <para>Lar nr. AUA201902729</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>UITSPRAAK </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek in de zin van artikel 54 van de </para>
      <para>Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">[verzoeker],</bridgehead>
    <parablock>
      <para>van Surinaamse nationaliteit,</para>
      <para>VERZOEKER,</para>
      <para>gemachtigde: drs. M.L. Hassell,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gericht tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">DE MINISTER VAN JUSTITIE, VEILIGHEID EN INTEGRATIE,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>zetelend in Aruba,</para>
      <para>VERWEERDER,</para>
      <para>gemachtigde: mr. N.R. Sneek (DIMAS).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>PROCESVERLOOP</title>
    <para>Op 2 mei 2019 heeft verzoeker een aanvraag bij verweerder ingediend voor een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen het uitblijven van een beschikking op zijn verzoek heeft verzoeker op 31 juli 2019 bezwaar gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 15 augustus 2019 heeft verzoeker bij dit gerecht een verzoekschrift ex artikel 54 van de Lar ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 6 september 2019 heeft verzoeker het gerecht bericht dat aan hem een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd is verleend. Verzoeker verzoekt teruggave van het griffierecht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verweerder heeft op 9 september 2019 een kopie van de op 15 augustus 2019 aan verzoeker verleende vergunning overgelegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitspraak is bepaald op heden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>OVERWEGINGEN</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wettelijk kader</emphasis>
      </para>
      <para>1. Ingevolge artikel 54, eerste lid, van de Lar, kan, indien krachtens deze landsverordening een bezwaar- of beroepschrift aanhangig is, de indiener daarvan aan het gerecht verzoeken om de bestreden beschikking onderscheidenlijk beslissing op het bezwaarschrift te schorsen op grond dat de uitvoering daarvan voor betrokkene een onevenredig nadeel met zich zou brengen in verhouding tot het door een onmiddellijke uitvoering daarvan te dienen belang. </para>
      <para>Ingevolge het tweede lid kan ter voorkoming van nadeel als bedoeld in het eerste lid, op het verzoek van de indiener ook een voorlopige voorziening worden getroffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Op 2 mei 2019 heeft verzoeker een aanvraag bij verweerder ingediend voor een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Tegen het uitblijven van een beschikking op zijn verzoek heeft verzoeker op 31 juli 2019 bezwaar gemaakt.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De standpunten van partijen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Bij brief van 6 september 2019 heeft verzoeker het gerecht bericht dat aan hem een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd is verleend. Verzoeker verzoekt teruggave van het griffierecht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Verweerder stelt zich op het standpunt dat de voorlopige voorziening is ingediend op dezelfde datum dat de vergunning aan verzoeker is uitgereikt. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het wettelijk kader</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>Ingevolge artikel 30 van de Lar stort de indiener tegelijkertijd met de indiening van het beroepschrift ten behoeve van het Land een recht van Afl. 25,-.</para>
        <para>Ingevolge het tweede lid gelast de rechter de teruggave van het gestorte bedrag, indien het beroep geheel of gedeeltelijk gegrond wordt verklaard of indien het bestuursorgaan de beslissing ten voordele van de indiener intrekt of wijzigt.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Op grond van artikel 55 van de Lar is op de indiening van en de beslissing op een verzoek als bedoeld in artikel 54, artikel 30 van overeenkomstige toepassing.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Beoordeling</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>Ter beoordeling ligt alleen nog het verzoek tot teruggave van het bedrag aan griffierecht.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>Nu verweerder de bestreden beslissing ten voordele van verzoeker heeft ingetrokken dan wel gewijzigd, bestaat aanleiding voor teruggave van het griffierecht, zoals door verzoeker verzocht.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>gelast de teruggave van het door verzoeker gestorte griffierecht van Afl. 25,-.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is gegeven door mr. D.J. Jansen, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 september 2019 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open. </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>