<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2019:540</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-08-29T11:28:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-08-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-08-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA201802054</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2019:540">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2019:540</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-08-29T11:28:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-08-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2019:540 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 28-08-2019 / AUA201802054</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2019:540:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Civiel. In het algemeen geldt dat de gedaagde partij of partijen in een procedure als de onderhavige geen vordering kan instellen tot - zoals in dit geval - opheffing van beslagen. Dienaangaande heeft de wetgever bij artikel 182 Rv voorzien in de mogelijkheid tot instelling van een reconventionele vordering. Vordering in conventie afgewezen. Geen enkel aanbod gedaan tot bewijslevering. Voormelde uitkomst in conventie brengt met zich dat de voorwaarde voor het instellen van de reconventionele vorderingen niet in vervulling is gegaan.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2019:540:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 28 augustus 2019</para>
    <para>Behorend bij A.R. no. AUA201802054</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">[…] VBA,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd in Aruba,</para>
      <para>eiseres in conventie, verweerster in reconventie; </para>
      <para>hierna ook te noemen: [VBA],</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. R.L.F. Dijkhoff,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>de vennootschap met beperkte aansprakelijkheid[gedaagde 1], </title>
    <parablock>
      <para>gevestigd in Aruba,</para>
      <para>hierna ook te noemen: [gedaagde VBA],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en: </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>[gedaagde 2] </title>
    <parablock>
      <para>voorheen h.o.d.n. <emphasis role="bold">[…]</emphasis>,</para>
      <para>wonende in Aruba,</para>
      <para>hierna ook te noemen: [gedaagde 2],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gedaagden in conventie, voorwaardelijk eisers in reconventie,</para>
      <para>hierna gezamenlijk ook te noemen: [gedaagden],</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. G.W. Rep.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>HET PROCESVERLOOP</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het procesverloop blijkt uit:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>-het verzoekschrift, met producties;</para>
        <para>-de conclusie van antwoord in conventie en van voorwaardelijke eis in reconventie, met producties;</para>
        <para>-de conclusie van repliek in conventie en van antwoord in reconventie, met producties;</para>
        <para>-de conclusie van dupliek in conventie en van repliek in reconventie, met één productie;</para>
        <para>-de conclusie van dupliek in reconventie.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Vonnis is nader bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN</title>
    <bridgehead role="italic">in conventie</bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1 [</nr>
      <para>VBA] vordert dat het Gerecht - zo het begrijpt - bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:</para>
      <para />
      <para>a. voor recht verklaart dat de tussen partijen in de maand juli 2017 gesloten overeenkomst rechtsgeldig door [VBA] buitengerechtelijk is ontbonden;</para>
      <para />
      <para>b. [gedaagden] veroordeelt om aan [VBA] te betalen Afl. 32.657,75, te vermeerderen met 15% aan vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten;</para>
      <para />
      <para>c. [gedaagden] veroordeelt in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2 [</nr>
      <para>gedaagden] voeren verweer en concluderen dat [VBA] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het door haar verzochte, althans tot afwijzing daarvan. Daarnaast vorderen [gedaagden] dat het Gerecht bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad de door [VBA] gelegde beslagen opheft, althans bepaalt dat [VBA] die beslagen moet opheffen op straffe van verbeurte van een dwangsom, dit alles kosten rechtens.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Onder de voorwaarde dat conventionele vorderingen van [VBA] niet worden afgewezen vorderen [gedaagden] dat het Gerecht bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad de door [VBA] geleden schade begroot, althans bepaalt dat die schade moet worden vastgesteld in een schadestaatprocedure, kosten rechtens.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4 [</nr>
      <para>VBA] voert verweer en concludeert tot afwijzing van het door [gedaagden] verzochte.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in conventie en in reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Voorzover van belang voor de uitkomst van de procedures worden de stellingen van partijen hierna besproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>DE BEOORDELING</title>
    <bridgehead role="italic">in conventie</bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Voorop wordt gesteld dat in het algemeen geldt dat de gedaagde partij of partijen in een procedure als de onderhavige geen vordering kan instellen tot - zoals in dit geval - opheffing van beslagen. Dienaangaande heeft de wetgever bij artikel 182 Rv voorzien in de mogelijkheid tot instelling van een reconventionele vordering, door het instellen waarvan er onder hetzelfde zaaknummer een afzonderlijke conventionele en een reconventionele procedure ontstaan of gaan lopen en waarin afzonderlijk wordt beslist door het Gerecht. Het had op de weg van [gedaagden] gelegen om een reconventionele vordering tot opheffing van de bij partijen genoegzaam bekende beslagen in te stellen. Het  nalaten daarvan komt voor rekening en risico van [gedaagden]; zij zullen niet-ontvankelijk worden verklaard in hun hier besproken vordering.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2 [</nr>
      <para>VBA] grondt haar vordering op de stelling dat partijen in de maand juli 2017 mondeling zijn overeengekomen dat [gedaagden] de logeer- en verblijfkosten betaald door de in het verzoekschrift onder randnummer 1. genoemde bij hotel The Pearl verblijvende Condo personen zal innen om die gelden direct daarna aan [VBA] af te dragen telkens onder aftrek van een aan [gedaagden] toekomende commissie van 13%. Die stelling hebben [gedaagden] integraal gemotiveerd bestreden, en staat daarom niet vast. Die stelling komt in deze procedure ook niet vast te staan, omdat [VBA] geen enkel aanbod heeft gedaan tot bewijslevering laat staan dat zij bewijslevering heeft aangeboden in de zin van het eerste lid van artikel 145 RV.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Bij de hiervoor geschetste stand van zaken ziet het Gerecht geen grond voor toewijzing van het door [VBA] verzochte. Haar vorderingen zullen worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4 [</nr>
      <para>VBA] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden verwezen in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [gedaagden], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.500,-- aan salaris voor de gemachtigde.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>Voormelde uitkomst in conventie brengt met zich dat de voorwaarde voor het instellen van de reconventionele vorderingen niet in vervulling is gegaan. De reconventionele vorderingen van [gedaagden] hebben daarom te gelden als zijnde niet ingesteld, en kunnen daarom onbesproken blijven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6</nr>
      <para>Het niet in vervulling gaan van de door [gedaagden] gestelde voorwaarde voor het instellen van hun reconventionele vorderingen brengt naar het oordeel van het Gerecht niet mee dat geen sprake is van een reconventionele procedure.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7</nr>
      <para>Door toedoen van [gedaagden] heeft [VBA] nodeloos gebleken reconventionele verdedigingswerkzaamheden moeten verrichten. [gedaagde VBA] zal daarom worden veroordeeld in de kosten van deze reconventionele procedure gevallen aan de zijde van [VBA], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.500,-- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten, tarief 5).</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>Het Gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">in conventie</emphasis>
      </para>
      <para>-wijst af het door [VBA] gevorderde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-veroordeelt [VBA] in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [gedaagden], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.500,--;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-verklaart voormelde veroordeling uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-verklaart [gedaagden] niet-ontvankelijk in hun vordering tot opheffing van de bij partijen genoegzaam bekende beslagen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">in reconventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-veroordeelt [gedaagden] in de reconventionele proceskosten gevallen aan de zijde van [VBA], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.500,--.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 28 augustus 2019 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>