<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2018:698</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-28T09:22:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-11-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">A.R. AUA201801141</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:698">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:698</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-28T09:22:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2018:698 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 21-11-2018 / A.R. AUA201801141</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2018:698:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>civiel recht, ontruiming</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2018:698:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 21 november 2018</para>
    <para>Behorend bij A.R. AUA201801141</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">FUNDACION CAS PA COMUNIDAD ARUBANO</emphasis>,</para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>hierna ook te noemen: FCCA,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. W.G.T.M. Kloes,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[gedaagde]</emphasis>, </para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>GEDAAGDE, hierna ook te noemen: gedaagde,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE </title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <para />
    <para>- het tussenvonnis van 4 juli 2018;</para>
    <para>- de producties overgelegd zijdens eiseres op 14 september 2018;</para>
    <para>- de aantekeningen van de griffier van de comparitie van partijen van 19 september 2018;</para>
    <para>- de aantekeningen van de griffier van de voortgezette comparitie van partijen van 23 oktober 2018. Op deze zitting is gedaagde, zonder bericht van verhindering, niet verschenen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Eiseres huurt sedert 14 november 2014 een woning gelegen te [adres]. De huurprijs bedraagt Afl. 730,50 per maand.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Per 28 februari 2018 was gedaagde een bedrag van Afl. 10.991,- achterstalling.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Bij brief d.d. 6 april 2018 heeft eiseres gedaagde gesommeerd om tot betaling van Afl. 10.991,- vermeerderd met buitengerechtelijke incassokosten en BBO/BAZV. Gedaagde heeft niet voldaan aan deze sommatie.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>De achterstand op 1 augustus 218 bedroeg Afl. 14.381,-.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Eiseres vordert – uitvoerbaar bij voorraad – ontbinding althans ontbonden verklaring van de huurovereenkomst met ontruiming, binnen een maand na uitspraak, met veroordeling van gedaagde tot betaling van het bedrag van Afl. 10.991,- te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 april 2018 en te vermeerderen met Afl. 730,50 per maand dat gedaagde de woning niet zal hebben ontruimd en met veroordeling van gedaagde tot vergoeding van de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Eiseres grondt de vordering erop dat gedaagde toerekenbaar tekorgeschoten is in de nakoming van de uit de overeenkomst voortvloeiende verbintenis.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Gedaagde voert hiertegen verweer, dat bij de beoordeling aan de orde komt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Uit het verzoekschrift volgt een huurachterstand van Afl. 10.991,- per 28 februari 2018. Uit het door eiseres overgelegde overzicht volgt dat de huurachterstand per 1 augustus 2018 Afl. 14.381 bedraagt. De huurachterstand is door gedaagde niet gemotiveerd betwist. Dat gedaagde betalingen heeft verricht blijkt niet uit het overgelegde overzicht zijdens eiseres en is evenmin door gedaagde onderbouwd. Als gevolg hiervan komt vast te staan dat gedaagde tekort is geschoten in de nakoming van zijn betalingsverplichting jegens eiseres. Het gerecht zal gelet hierop de gevorderde hoofdsom van Afl. 10.991,- en de gevorderde wettelijke rente toewijzen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>De omvang van de huurachterstand brengt mee dat sprake is van een ernstige tekortkoming zijdens gedaagde ter zake van zijn betalingsverplichting jegens eiseres. Die tekortkoming rechtvaardigt de door eiseres gevorderde ontbinding van de tussen partijen gesloten huurovereenkomst en de ontruiming, zodat die als na te melden worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>De door eiseres gevorderde buitengerechtelijke incassokosten zullen worden toegewezen tot Afl. 1.500,- (1,5 maal het bedrag per punt gemachtigdensalaris), nu voldoende aannemelijk is dat eiseres buitengerechtelijke incassokosten heeft gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Gedaagde, zal als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure aan de zijde van eiseres. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>ontbindt de tussen partijen gesloten huurovereenkomst met betrekking tot de woning te [adres];</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt gedaagde om binnen één maand na de betekening van dit vonnis aan gedaagde voormelde woning te ontruimen en te verlaten met alle personen en goederen die zich daarin bevinden, tenzij die aan eiseres toebehoren;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt gedaagde tot betaling aan eiseres van een bedrag van Afl. 10.991,- zijnde de huurachterstand tot 28 februari 2018, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 april 2018 tot de dag waarop volledig zal zijn betaald;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt gedaagde te betalen aan eiseres een bedrag van Afl. 730,50 per maand, voor iedere maand dat gedaagde de in Aruba te [adres] gelegen woning na 28 februari 2018 niet zal hebben ontruimd, tot aan de dag van de ontruiming;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt gedaagde te betalen aan eiseres de buitengerechtelijke incassokosten van Afl. 1.500,-;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt gedaagde in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van eiseres worden begroot op Afl. 750,- aan griffierecht, Afl. 410,52 aan explootkosten en Afl. 2.500,- aan salaris van de gemachtigde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J. Sap rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 21 november 2018 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>