<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2018:676</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-15T10:07:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-11-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA 201801311 B.B.</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:676">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:676</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-15T10:07:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2018:676 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 07-11-2018 / AUA 201801311 B.B.</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2018:676:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>civiel recht, schadevergoeding</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2018:676:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 7 november 2018</para>
    <para>Behorend bij AUA 201801311 B.B.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[eiseres]</emphasis>,</para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>EISERES, hierna ook te noemen: [eiseres],</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. G. de Hoogd,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[gedaagde </emphasis>, </para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>GEDAAGDE, hierna ook te noemen: [gedaagde],</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE </title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <para />
    <para>- het verzoekschrift;</para>
    <para>- de conclusie van antwoord;</para>
    <para>- het tussenvonnis van 22 augustus 2018 waarbij een comparitie van partijen is gelast;</para>
    <para>- de comparitie van partijen van 12 september 2018 en de daarvan gemaakte aantekeningen van de griffier en de aldaar overgelegde producties (foto’s) van de zijde van [eiseres];</para>
    <para>- de akte uitlating regeling, inhoudende dat partijen niet tot een regeling zijn gekomen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1 	[</nr>
      <para>gedaagde] heeft van [eiseres] een Rhino Backhoe (hierna: backhoe) gehuurd. [gedaagde] heeft schade aan de backhoe veroorzaakt, nu de backhoe tijdens werkzaamheden is omgevallen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2 	[</nr>
      <para>eiseres] heeft [gedaagde] een invoice gestuurd met daarop het schadebedrag van Afl. 4.563,50,-, zijnde de reparatiekosten (nieuwe onderdelen en arbeidskosten) ten aanzien van de beschadigde backhoe.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN </title>
    <paragroup>
      <nr>3.1 	[</nr>
      <para>eiseres] vordert – uitvoerbaar bij voorraad – veroordeling van [gedaagde] tot betaling van Afl. 4.563,50, te vermeerderen met de wettelijke rente, met veroordeling van [gedaagde] tot vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2	[</nr>
      <para>gedaagde] voert hiertegen verweer.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING </title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Tussen partijen is niet in geschil dat [gedaagde] de schade aan de backhoe heeft veroorzaakt en dat [gedaagde] aansprakelijk is voor deze schade. Tijdens de comparitie van partijen heeft [gedaagde] voorgesteld om zelf nieuwe onderdelen voor de backhoe te bestellen en deze nieuwe onderdelen zelf te plaatsen. [eiseres] heeft medegedeeld hiermee geen problemen te hebben, mits de door [gedaagde] te bestellen onderdelen originele onderdelen zijn en mits de reparatie niet een te lange tijd in beslag zal gaan nemen. [eiseres] heeft verder te kennen gegeven dat zij betwijfelt of het voorstel van [gedaagde] goedkoper zal zijn omdat [eiseres] tegen een gereduceerde prijs nieuwe originele onderdelen kan bestellen. De zaak is ter comparitie aangehouden om te bezien of het voor [gedaagde] mogelijk is om nieuwe originele onderdelen te bestellen en deze te plaatsen en of partijen aldus tot een regeling zouden kunnen komen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Bij akte van 26 september 2018 is medegedeeld dat het [gedaagde] niet is gelukt om de onderdelen te bestellen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Nu tussen partijen vaststaat dat [gedaagde] aansprakelijk is voor de schade aan de backhoe en nu voorts is gebleken dat het [gedaagde] niet is gelukt om de originele onderdelen zelf te bestellen, is het Gerecht van oordeel dat [gedaagde] de schade aan de backhoe aan [eiseres] dient te vergoeden. De door [eiseres] onderbouwde hoogte van de schade is door [gedaagde] onvoldoende betwist. [gedaagde] zal derhalve worden veroordeeld tot betaling aan [eiseres] van een bedrag van Afl. 4.563,50, te vermeerderen met de – onweersproken – wettelijke rente.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Niet is gebleken dat [eiseres] andere kosten heeft moeten maken dan die kosten waarin de proceskostenveroordeling pleegt te voorzien, zodat de gevorderde, maar niet onderbouwde, vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten zal worden afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5	[</nr>
      <para>gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van deze procedure worden veroordeeld. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiseres] van een bedrag van Afl. 4.563,50, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 december 2017 tot de dag waarop volledig zal zijn betaald;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van [eiseres] worden begroot op Afl. 100,- aan griffierecht, Afl. 204,25 aan explootkosten en Afl. 1.000,- aan salaris van de gemachtigde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S. Verheijen, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 7 november 2018 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>