<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2018:542</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-09-17T10:52:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-09-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-09-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA 201802500</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:542">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:542</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-09-17T10:51:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-09-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2018:542 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 12-09-2018 / AUA 201802500</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2018:542:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>kort geding. feitelijke grondslag niet onderbouwd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2018:542:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis in kort geding van 12 september 2018</para>
    <para>Behorend bij K.G. AUA 201802500</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS IN KORT GEDING</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[eiser]</emphasis>,</para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>hierna ook te noemen: [eiser],</para>
      <para>gemachtigden: de advocaten mrs. E.M.J. Cafarzuza en D.G. Illes,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de rechtspersoon in oprichting</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[NAAM RECHTSPERSOON IN OPRICHTING]</emphasis>, </para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>hierna ook te noemen: de [Gedaagde],</para>
      <para>gemachtigden: de advocaten mrs. H.U. Thielman en D.L. Carolina,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <para>- het verzoekschrift met producties;</para>
    <para>- de brieven van 30 augustus 2018 met producties van de zijde van de [GEDAAGDE];</para>
    <para>- de pleitnota van [eiser];</para>
    <para>- de pleitnota’s van de [GEDAAGDE];</para>
    <para>- de aantekeningen van de griffier ter gelegenheid van de mondelinge behandeling op 31 augustus 2018.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan partijen is meegedeeld dat vandaag vonnis zou worden gewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN </title>
    <paragroup>
      <nr>2.1 	[</nr>
      <para>eiser] vordert dat het gerecht in kort geding bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:</para>
      <para>- het besluit tot royement van [eiser] vernietigt;</para>
      <para>- de [GEDAAGDE] verplicht om rekening en verantwoording af te leggen;</para>
      <para>- de [GEDAAGDE] verplicht om over te gaan tot rectificatie door de gelieerde organisaties mede te delen dat [eiser] nog steeds als lid/bestuurder deelneemt aan de [GEDAAGDE];</para>
      <para>- de [GEDAAGDE] gebiedt om [eiser] als lid/bestuurder van de [GEDAAGDE] te beschouwen en hem toe te laten tot alle verenigingsactiviteiten;</para>
      <para>met veroordeling van de [GEDAAGDE] in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>De [GEDAAGDE] voert hiertegen verweer, met vordering  tot veroordeling van [eiser] in de daadwerkelijk gemaakte proceskosten.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>DE BEOORDELING </title>
    <paragroup>
      <nr>3.1 	[</nr>
      <para>eiser] legt aan zijn vorderingen ten grondslag dat hij lid was van de [GEDAAGDE]. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Ingevolge artikel 4 van de Statuten van de [GEDAAGDE] (hierna: de Statuten) bestaat de [GEDAAGDE] uit gewone leden, ereleden en medewerkers. Gewone leden zijn zij die zich als zodanig schriftelijk zijn ingeschreven (sub a). Medewerkers zijn zij die hun medewerking verlenen aan de [GEDAAGDE] als umpires, maar die om welke redenen dan ook geen lid van de [GEDAAGDE] zijn (sub c). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Ingevolge artikel 5, lid 1, van de Statuten wordt het lidmaatschap als gewoon lid verkregen door het invullen van een schriftelijk verzoek via een lidmaatschapsformulier van de [GEDAAGDE], waarover het bestuur beslist. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>Uit de overgelegde stukken en het verhandelde ter zitting blijkt dat [eiser] het in artikel 5 van de Statuten genoemde lidmaatschapsformulier niet heeft voorzien van een handtekening en aldus niet (volledig) heeft ingevuld, hetgeen door [eiser] niet wordt betwist. Wat dan ook de reden is geweest voor [eiser] om het lidmaatschapsformulier niet te tekenen, naar het voorlopig oordeel van het gerecht brengt het niet tekenen van het lidmaatschapsformulier met zich dat dient te worden geconcludeerd dat [eiser] geen schriftelijk verzoek heeft ingediend om gewoon lid te worden van de [GEDAAGDE]. Aldus heeft [eiser] niet voldaan aan de vereisten om lid van de [GEDAAGDE] te kunnen worden en wordt hij reeds daarom niet gevolgd in zijn stelling dat hij lid van de [GEDAAGDE] was. Dat [eiser] wel actief betrokken is geweest bij activiteiten en beslissingen van de [GEDAAGDE] maakt dat niet anders. Immers, ingevolge artikel 4 van de Statuten bestaat de [GEDAAGDE] naast leden ook uit medewerkers. De [GEDAAGDE] heeft naar dit artikel verwezen en gesteld dat [eiser] actief bij de [GEDAAGDE] betrokken is geweest in zijn hoedanigheid van medewerker, hetgeen het gerecht op voorhand niet onaannemelijk dan wel onbegrijpelijk voorkomt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>De slotsom is dat niet aannemelijk is geworden dat [eiser] lid was van de [GEDAAGDE] zodat de feitelijk grondslag onder zijn vorderingen komt te vervallen. De vorderingen dienen derhalve te worden afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6	[</nr>
      <para>eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van de [GEDAAGDE] worden veroordeeld. Nu niet kan worden gezegd dat [eiser] misbruik heeft gemaakt van het procesrecht, zal het gerecht de [GEDAAGDE] niet volgen in haar vordering om [eiser] te veroordelen in de daadwerkelijk gemaakte kosten van de procedure.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het gevorderde af;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt [eiser] in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van de [GEDAAGDE] worden begroot op Afl. 1.500,- aan salaris van de gemachtigden;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de proceskostenveroordeling in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S. Verheijen, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 12 september 2018 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>