<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2018:337</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-06-04T15:43:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-06-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-05-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">A.R. 1068 van 2017 (AUA201700918)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:337">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:337</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-06-04T15:43:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-06-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2018:337 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 30-05-2018 / A.R. 1068 van 2017 (AUA201700918)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2018:337:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Civiel. Tussen de vordering in de hoofdzaak en de vordering in vrijwaring hoeft geen rechtstreeks verband te bestaan. Indien aan het vereiste voor het toestaan van oproeping in vrijwaring in beginsel is voldaan dient de rechter over te gaan tot een onderzoek van de belangen van partijen en de eisen van een doelmatige procesvoering teneinde te kunnen beoordelen of de oproeping tot vrijwaring in de omstandigheden van het geval op haar plaats is en meer in het bijzonder of daarvan wellicht onredelijke of onnodige vertraging van het geding te verwachten is.  Van een mogelijke onredelijke vertraging van de procedure is het Gerecht niet gebleken.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2018:337:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 30 mei 2018</para>
    <para>Behorend bij A.R. 1068 van 2017 (AUA201700918)</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
      <para>in het incident tot vrijwaring in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap naar vreemd recht</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">AMERICA PROYECTOS 2021 C.A., </emphasis>
      </para>
      <para>te Venezuela, </para>
      <para>eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident,</para>
      <para>verder te noemen: America,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">ARUBA PORTS AUTHORITY N.V., </emphasis>
      </para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident,</para>
      <para>verder te noemen: APA,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. A.F. Kuster.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    </parablock>
    <para>- het vonnis in het incident van 17 januari 2018;</para>
    <para>- de incidentele conclusie van APA;</para>
    <para>- de conclusie van antwoord in het incident van America.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis in het incident.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>OVERWEGINGEN</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Op 5 november 2012 is schade ontstaan bij het uitladen van een kraan uit een schip. Volgens America is deze schade ontstaan door het breken van een of meer kettingen van een hijskraan, waardoor de kraan is gevallen en total loss is verkleerd. Zij houdt APA voor deze schade aansprakelijk.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>APA aansprakelijkheid ontkend en tegen de vordering gemotiveerd verweer gevoerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>APA meent gronden te hebben om van Aruba Stevedoring Company (Astec), gevestigd te Aruba, vrijwaring te vorderen en verzoekt op voet van artikel 71 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering oproeping van deze rechtspersoon te bevelen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>APA grondt het verzoek erop dat Astec in haar contractuele verhouding tot APA gehouden is haar te vrijwaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Voor toewijzing van de vordering tot oproeping in vrijwaring is voldoende dat blijkt dat de waarborg krachtens zijn rechtsverhouding tot de gewaarborgde verplicht is om de nadelige gevolgen van een veroordeling van de gewaarborgde in de hoofdzaak te dragen. Tussen de vordering in de hoofdzaak en de vordering in vrijwaring hoeft geen rechtstreeks verband te bestaan. Evenmin is vereist dat de waarborg verplicht is om de gewaarborgde in de procedure bij te staan. Indien aan het vereiste voor het toestaan van oproeping in vrijwaring in beginsel is voldaan dient de rechter over te gaan tot een onderzoek van de belangen van partijen en de eisen van een doelmatige procesvoering teneinde te kunnen beoordelen of de oproeping tot vrijwaring in de omstandigheden van het geval op haar plaats is en meer in het bijzonder of daarvan wellicht onredelijke of onnodige vertraging van het geding te verwachten is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <para>America heeft zich gerefereerd aan het oordeel van het Gerecht. Het verzoek zal worden toegewezen, zoals verzocht. Van een mogelijke onredelijke vertraging van de procedure is het Gerecht niet gebleken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7</nr>
      <para>De beslissing over de proceskosten van dit incident wordt aangehouden tot in de hoofdzaak wordt beslist. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK:</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek toe;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt Astec in vrijwaring op te roepen tegen de zitting van woensdag 27 juni 2018, onder overlegging van het inleidend verzoekschrift in de hoofdzaak, de incidentele conclusie van eis tot oproeping in vrijwaring en dit vonnis in het incident, ten einde te worden gehoord op de vordering tot veroordeling van Astec om aan APA te vergoeden, hetgeen waartoe APA in de hoofdzaak jegens America zal worden veroordeeld;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in de hoofdzaak:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de rolzitting van woensdag 27 juni 2018 voor beraad rechter wel/geen comparitie van partijen (welke beslissing ambtshalve wordt aangehouden tot na het moment van antwoord in de vrijwaring);</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J. Sap, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 30 mei 2018 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>