<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2018:163</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-04-04T11:27:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-03-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">K.G. no. AUA201800371</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:163">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2018:163</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-04-04T11:27:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2018:163 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 28-03-2018 / K.G. no. AUA201800371</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2018:163:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>civiel recht, kort geding, kosten van levensonderhoud en studie, jong meerderjarig</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2018:163:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 28 maart 2018</para>
    <para>Behorend bij K.G. no. AUA201800371.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in het kort geding tussen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[naam eiser]</emphasis>, </para>
      <para>wonende in Aruba, </para>
      <para>eiser, </para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. G. de Hoogd,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[naam gedaagde]</emphasis>, </para>
      <para>wonende in Aruba,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. R.L.F. Dijkhoff.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <para>- het verzoekschrift met producties, ingediend op 9 februari 2018;</para>
    <para>- de faxbrief met producties zijdens de zoon, ingediend op 8 maart 2018;</para>
    <para>- de aantekeningen van de griffier van de behandeling op 9 maart 2018, waar partijen het woord hebben gevoerd en waar zij op elkaars stellingen hebben gereageerd, dan wel hebben kunnen reageren. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis is bepaald op heden. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN</title>
    <para>Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende weersproken alsmede op grond van de niet weersproken inhoud van de producties kan van het volgende worden uitgegaan.</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>[naam eiser] (hierna: de zoon) is op [geboortedatum] in Aruba geboren. Hij is erkend door gedaagde (hierna: de vader).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>De zoon is inmiddels 19 jaar en woont bij zijn moeder.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>De zoon heeft - samengevat - gevorderd dat het gerecht bij vonnis in kort geding, uitvoerbaar bij voorraad, zal bevelen dat de vader ingaande 1 januari 2018 een bedrag van Afl. 1.350,- per maand ter zake de kosten van levensonderhoud en studie van de zoon zal voldoen, kosten rechtens.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>De vader heeft verweer gevoerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>Bij het vaststellen van de behoefte van de zoon hanteert het gerecht als richtsnoer dat deze voor kinderen in de leeftijd van de zoon gemiddeld Afl. 750,- per maand bedraagt. Het gerecht is van oordeel dat aangenomen kan worden dat de kosten ten aanzien van het levensonderhoud en de studie van de zoon rond dat bedrag liggen. In dit bedrag zitten begrepen de schoolkosten en de redelijke kosten aan kleding, persoonlijke zorg, telefoon, schoeisel en die van recreatie (zoals bioscoop), zodat met de door de zoon opgevoerde (overigens niet met stukken onderbouwde) daadwerkelijke kosten van deze posten bij de vaststelling van de behoefte niet afzonderlijk rekening zal worden gehouden. Dit bedrag kan worden verhoogd indien blijkt van bijzondere uitgaven van de zoon die niet zijn begrepen in genoemd bedrag van Afl. 750,- (zoals hobby’s). De zoon heeft de gemotiveerd betwiste posten “Taekwondo, fitness en dansles” op geen enkele wijze met stukken onderbouwd, zodat het gerecht deze niet zal betrekken bij het vaststellen van de behoefte van de zoon. </para>
        <para>Gelet op het vorenstaande kan de behoefte van de zoon worden vastgesteld op Afl. 750,- per maand. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Uit het verhandelde ter zitting is niet gebleken dat de vader niet draagkrachtig zou zijn om voornoemde kosten van levensonderhoud en studie van de zoon te dragen. De vordering zal dan ook tot dat bedrag worden toewezen. De ingangsdatum wordt bepaald op 1 april 2018. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Gelet op de aard van het geding zullen de proceskosten worden gecompenseerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>De rechter in dit gerecht, rechtdoende in kort geding:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt de bijdrage van [naam gedaagde] in de kosten van levensonderhoud en studie van [naam eiser], geboren op [geboortedatum] in Aruba, op Afl. 750,- per maand, met ingang van 1 april 2018;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>compenseert de proceskosten aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. E.M.D. Angela, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 28 maart 2018 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>