<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2017:64</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-02-07T09:26:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-02-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-02-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">A.R. 2497 van 2015</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2017:64">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2017:64</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-02-07T09:25:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-02-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2017:64 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 01-02-2017 / A.R. 2497 van 2015</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2017:64:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Civiel, Nakoming convenant.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2017:64:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 1 februari 2017</para>
    <para>Behorend bij A.R. 2497 van 2015</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">Eiseres</emphasis>,</para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>hierna ook te noemen: Eiseres,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. M.M.M.C. Ecury,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">Gedaagde</emphasis>, </para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>hierna ook te noemen: Gedaagde,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. D.C. Lopez Paz.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE IN CONVENTIE EN IN RECONVENTIE</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- het verzoekschrift;</para>
    <para>- de conclusie van antwoord in conventie, tevens van eis in reconventie;</para>
    <para>- de conclusie van repliek in conventie, tevens van antwoord in reconventie;</para>
    <para>- de conclusie van dupliek in conventie, tevens van repliek in reconventie;</para>
    <para>- de conclusie van dupliek in reconventie;</para>
    <para>- de akte uitlating producties in reconventie.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN IN CONVENTIE EN IN RECONVENTIE)</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Partijen zijn ex-echtelieden. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>De vermogensrechtelijke gevolgen van hun echtscheiding hebben partijen als volgt in een convenant geregeld. <?linebreak?><emphasis role="italic">T.a.v.  de  huwelijksgoederengemeenschap: </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">1. 	Tot   de   huwelijksgoederen   gemeenschap   behoren,   aan   partijen   zonder   nadere  omschrijving bekend: </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">a. De  echtelijke  woning  gelegen  te  (Adres),  te  Aruba; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">b. De  op  de  echtelijke  woning  bij  de  Algemeen  Pensioen  Fonds  Aruba  (APFA)  gevestigde hypothecaire  Iening  met  een  saldo  van  Awg.  257.098,97  per  oktober  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">c. De  inboedel  zich  bevindende  in  de  echtelijke  woning;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">d. Een  auto  van  het  merk  Suzuki  Vitara  bouwjaar  200,  kleur  paars;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">e. Een   auto  van  het   merk  Toyota,  BYD,  bouwjaar  2011,  kleur  zwart;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">f. Een   lening   bij  de  Aruba  Bank  t.n.v.   de  man   met  een  saldo  van  Awg.  9.130,04  per  30 september   2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">g. Een 	lening   bij  de   Island  finance  t.n.v.  de  man   met  een  saldo  van  Awg.  23.481,90  per 30  september   2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">h. Een  lening  bij  de  Island  finance  t.n.v.  de  vrouw  met  een  saldo  van  Awg.  12.439,94  per 2  oktober  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">i. Een   lening   bij  de  volkskredietbank     t.n.v.  de  vrouw  met  een  saldo  van  Awg.  3.500,00 per  30  september  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">j. Een  lening  bij  de  Total  finance  t.n.v.  de  vrouw  met  een  saldo  van  Awg. 1.305,36  per  2 oktober  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">k. Een  autolening  bij  de  RBC  Bank  met  een  saldo  van  ±  Awg.  11.971,69  per  2  oktober 2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">I. Een  creditcard  t.n.v.  de  vrouw  bij  de  CMB  bank  met  een  maandelijkse  aflossing  van US$.  90,00; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">m. Een  creditcard  t.n.v.  de  vrouw  bij  de  RBTT/RBC  Bank  met  een  maandelijkse  aflossing 	van  US$  150,00; </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Terzake    de    echtelijke   woning   gelegen    (Adres),   Aruba   en    de   daarop   gevestigde hypothecaire  lening: </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">2. 	Partijen  komen  overeen  dat  echtelijke  woning  gelegen  te  (Adres),  te  Aruba,  met  een vrije  markt  waarde  van  Awg.  290.000,00  per  27  januari  2011,  zal  worden  verkocht.  Na  aftrek van  het  saldo  van  de  daarop  rustende  hypothecaire  lening  en  overige  op  de  woning  rustende eigenaarslasten,  zoals  erfpacht  en  grondbelasting,  zal  de  overwaarde,  tussen  partijen  elk  voor de  helft  (50%-50%)  worden  verdeeld. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">3. Partijen   zullen    mogelijke   kosten   voor   de   opmaak   van   een   nieuw   taxatierapport   bij   helfte dragen. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">4. 	Partijen      komen      overeen      dat      zij,      de      woning      middels      het      makelaarskantoor      van ……………………..tegen   een   courtage   van   5 	%,   gedurende   een periode  van  6  maanden,  zullen  trachten  te  verkopen  tegen  de  door   de  makelaar  aan  to  geven advies   verkoopprijs.    Als   bodemprijs   wordt   het   bedrag    van   Awg. 290.000,00   afgesproken. Telkens  na  ommekomst  van  de  termijn  van  6  maanden  zullen  partijen  de  verkoop  evalueren  en kunnen  zij  nadere  afspraken  maken. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Terzake  de  inboedel: </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">5. 	De   zich   tot   op   heden   in   de   echtelijke   woning   bevindende   roerende   goederen   dan   wel   de inboedel,  aan  partijen  zonder  nadere  omschrijving  bekend,  wordt  toebedeeld  aan  de  man. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Terzake  de  periode  tot  aan  de  afwikkeling  van  de  verkoop  van  de  echtelijke  woning: </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">6. 	Partijen   spreken   of  dat  de   man  tot  aan  de  verkoop,   in  de  woning  zal  verblijven. De  huidige financiële  situatie  zal  tot  aan  de  verkoop  worden  gecontinueerd. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Terzake  de  auto's  en  autolening: </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">7. 	De   auto   van   het   merk   Suzuki   Vitara  (sub  d)  en  de  autolening   (sub  k)  zullen  aan  de  vrouw worden  toebedeeld.  De  auto  van  het  merk  Toyota  BYD,  bouwjaar  2011  (sub  e)  zal  aan  de  man worden  toebedeeld. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Terzake  de  creditcards. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">8. 	De  creditcards  t.n.v.  de  vrouw  bij  zowel  de  CMB  bank  (sub  I)  als  de  RBTT/RBC  Bank  (sub  m) zullen  aan  de  vrouw  worden  toebedeeld. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Terzake  de  leningen/schulden. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">9. De  hiernavolgende  leningen  worden  aan  de  man  toebedeeld. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">a. De  lening   bij  de  Aruba  Bank  t.n.v.  de  man  met  een  saldo  van  Awg.  9.130,04  per  30 september  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">b. De  lening  bij  de  Island  finance  t.n.v.  de  man  met  een  saldo  van  Awg. 23.481,90  per  30 september  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">10. De  hiernavolgende  leningen  worden  aan  de  vrouw   toebedeeld. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">a. De  lening  bij  de  Island  finance  t.n.v.  de  vrouw  met  een  saldo  van  Awg.  12.439,94  per  2 oktober  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">b. De  lening  bij  de  volkskredietbank   t.n.v.  de  vrouw  met  een  saldo  van  Awg.  3.500,00  per 30  september  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">c. De  lening   bij  de  Total  finance  t.n  v.  de  vrouw  met  een  saldo  van  Awg.  1.305,36  per  2 oktober  2014; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">d. De  autolening   bij  de   RBC  Bank  met  een  saldo  van  ±  Awg. 11.971,69  per  2  oktober 2014; </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Terzake  de  restitutie  inkomsten  belasting  AOV  AZV. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">11.   Partijen  spreken  af  dat  de  restitutie  inkomsten  belasting,  AOV  en  AZV,  over  de  jaren  tot  en  met 2014,  aan  partijen  elk  voor  de  helft  toekomen  De  man  zal  hiertoe  een  separate  verklaring  voor de  inspectie  ondertekenen. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Terzake  de  pensioenrechten. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">12.   leder   der   partijen    behoudt   de   door   hun   gedurende   huwelijk   opgebouwde   pensioenrechten zonder  verplicht  te  zijn  deze  met  de  andere  partij  te  verrekenen. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">T.a.v.  partner  alimentatie. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">13.   Partijen   verdienen   of   hebben   verdiencapaciteit   om   ieder   in   hun   eigen   levensbehoeften   te kunnen   voorzien.   Partijen   zullen   jegens   elkaar  geen   alimentatieverplichting   hebben   en   doen dan   ook   onherroepelijk   en   onvoorwaardelijk   afstand   van   een   eventueel   recht   van   elkaar alimentatie  te  vorderen. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Overige: </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">14.   Alles  wat  door  erfenis,  legaat,  schenking  of  anderszins  verkregen  mocht  zijn  of  worden,  wordt 	zonder  verdere   verrekening   toegedeeld   aan   de   partij,   die   het  betreft.   De   andere  partij  staat terzake  alle  rechten  af. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">15.   De   kosten   gemoeid   met  de   onderhavige  overeenkomst,   de   notariele   akte  van   scheiding   en 	deling  c.q.  levering  worden  door  partijen  elke  voor  de  helft  gedragen. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Kwijting  en  vrijwaring: </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16.   Partijen   verklaren   hierbij   de   tussen   hen   bestaande   gemeenschap   met   inachtneming   van  de 	maatstaven     van     redelijkheid     en     billijkheid     te    hebben    verdeeld     en    zij    verklaren     tevens, behoudens   met  betrekking   tot  de  rechten  en   verplichtingen   genoemd   in  deze  overeenkomst, niets  meer  van  elkaar  te  vorderen  te  hebben  en  elkaar  algehele  en  finale  kwijting  en  decharge  te verlenen. </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Geschillen: </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">17.   In    het    geval    partijen     in    de    toekomst   van     mening    mochten   gaan   verschillen   omtrent   de 	interpretatie  of  uitvoering  van  deze  overeenkomst,  zullen  zij  trachten  door  middel  van  onderling overleg  tot  een  regeling  te  komen.  Mocht  dit  niet  lukken,  dan  zullen  partijen  zich  wenden  tot  een mediator  op  Aruba  met  het  verzoek  te  trachten  de  gerezen  geschilpunten  door  bemiddeling  tot een  oplossing  te  brengen.  Pas  indien  en  nadat  die  bemiddeling  niet  tot  het  gewenste  resultaat zal hebben geleid, zullen partijen zich tot een eigen advocaat kunnen wenden, met de opdracht de betreffende geschilpunten aan de rechter van het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba voor te leggen. </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">18. Voor geschillen aangaande de kinderen zullen partijen telkens rechtstreeks de rechter kunnen benaderen.</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Slotbepaling:</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">19. Partijen verbinden zich deze overeenkomst geheel, noch gedeeltelijk te zullen (laten) ontbinden c.q. vernietigen op grond van enigerlei tekortkoming in de nakoming daarvan. Nakoming zal steeds gevorderd kunnen worden al dan niet met schadevergoeding.  </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De woning is nog niet verkocht. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN IN CONVENTIE EN IN RECONVENTIE</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para> Eiseres vordert, samengevat, in conventie – uitvoerbaar bij voorraad – Gedaagde te bevelen zijn medewerking aan de verkoop van de woning te verlenen; haar vervangende toestemming te verlenen om uitvoering te geven aan het echtscheidingsconvenant met machtiging om de woning te betreden ter bezichtiging door mogelijke kopers; de verdeling te gelasten zoals in het echtscheidingsconvenant is overeengekomen “onder de bepaling dat de helft van de waarde van de voormalige echtelijke woning (…) aan eiseres wordt uitbetaald onder zekerheidstelling door gedaagde van het aan eiseres uit te betalen bedrag”; de verdeling van de gemeenschappelijke woning te bevelen met machtiging op Eiseres ter uitvoering van het vonnis de hulp van de “sterke arm” in te roepen; te bepalen dat dit vonnis in de plaats treedt van eventueel noodzakelijke akten en het vonnis in daartoe bestemde registers kan worden ingeschreven, met veroordeling van Gedaagde tot vergoeding van de proceskosten.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Eiseres grondt de vordering erop dat Gedaagde de afspraken in het echtscheidingsconvenant onvoldoende nakomt. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Gedaagde voert hiertegen verweer. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>Gedaagde vordert, geparafraseerd, in reconventie verklaring voor recht dat de autolening van de RBTT per 2 oktober 2014 aan Eiseres is toebedeeld en – uitvoerbaar bij voorraad - haar te bevelen die lening maandelijks te betalen; te bepalen dat de hypothecaire lening voor de helft wordt toebedeeld en zij de helft van de daaruit voortvloeiende betalingsverplichting moet voldoen; Gedaagde te machtigen de woning via een of meer door hem aangewezen makelaars te verkopen en hem te machtigen Eiseres bij de verkoop en de overdracht te vertegenwoordigen; Gedaagde verlof te verlenen om na een jaar tot openbare verkoop over te gaan en ten slotte te bepalen dat dit vonnis in de plaats treedt van eventueel noodzakelijke akten, met veroordeling van Eiseres tot vergoeding van de proceskosten.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>Gedaagde grondt de vordering erop dat Eiseres het echtscheidingsconvenant niet nakomt. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6</nr>
      <para>Eiseres voert tegen de vordering in reconventie verweer, met vordering tot veroordeling van Gedaagde in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING IN CONVENTIE EN IN RECONVENTIE</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Het gerecht stelt voorop dat geen van partijen de (overigens contractueel uitgesloten) ontbinding of vernietiging van het echtscheidingsconvenant vordert. Dit convenant beheerst dus de rechtsverhouding tussen partijen. Het gaat erom of partijen over en weer de overeenkomst nakomen. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Met betrekking tot de woning zijn partijen overeengekomen dat deze zou worden verkocht via makelaardij (nu) Tophomes voor Afl. 290.000, en de overwaarde 50/50 zou worden verdeeld. De opdrachtovereenkomst met de makelaar dateert van 10 juni 2015. Verder zijn partijen overeengekomen dat zij na 6 maanden de verkoopinspanningen zouden evalueren en daarover nadere afspraken maken; naar het gerecht aanneemt als die inspanning onvoldoende resultaat op zou leveren. Daarvan is het kennelijk nog niet gekomen. Ten slotte spraken partijen in dit verband af dat Gedaagde tot de verkoop in de woning zou verblijven en de “huidige financiële situatie” tot de verkoop zou worden gecontinueerd. Nu niet gemotiveerd weersproken is dat Gedaagde de woonlasten, inclusief de hypotheeklasten, draagt neemt het gerecht aan dat daarmee uitvoering wordt gegeven aan de ten tijde van het sluiten van het echtscheidingsconvenant bestaande “financiële situatie”. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Volgens Eiseres werkt Gedaagde niet voldoende mee aan de verkoopinspanningen. Gedaagde ontkent voorgaande. Dat Gedaagde onvoldoende mee zou werken onderbouwt Eiseres met een verklaring van de verkopende makelaar dat hij op 12 september 2015 een bezichtiging had georganiseerd maar Gedaagde niet thuis was en de bezichtiging daarom niet door ging. Wat daarvan zij, het gerecht is van oordeel dat daarmee niet vast staat dat Gedaagde onvoldoende medewerking verleent aan de verkoop. De stelling dat het bordje “for sale” een tijdje niet aan het hek heeft gehangen is, ook in combinatie met het voorgaande, onvoldoende om die conclusie te trekken. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Dat laat onverlet dat partijen zijn overeengekomen om de verkoopinspanningen elke zes maanden te evalueren en daaromtrent mogelijk nieuwe afspraken te maken. Nu de verkoop kennelijk niet vlot, ligt het voor de hand dat partijen tot die evaluatie overgaan en nieuwe afspraken maken, mogelijk met hulp van de mediator. Daarbij kan uitgangspunt zijn dat de bodemverkoopprijs gelijk is aan de nog bestaande hypotheekverplichtingen; het lijkt erop dat beide partijen dat willen. Een beslissing op dat punt valt echter buiten het bestek van deze procedure. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>Met betrekking tot de woning vordert Gedaagde in reconventie dat Eiseres wordt veroordeeld om – samengevat – de helft van de hypotheeklasten aan Gedaagde te vergoeden. Die vordering zal worden afgewezen. Partijen zijn overeengekomen dat de “financiële situatie” wordt gecontinueerd zolang de woning niet is verkocht. Nu, zoals het gerecht hiervoor overwoog, Gedaagde kennelijk de hypotheeklasten ten tijde van het sluiten van het echtscheidingsconvenant droeg dient hij daarmee door te gaan. Daar staat tegenover dat Gedaagde ook geen gebruiksvergoeding hoeft te betalen. Ook dit kan uiteraard onderwerp van de evaluatie zijn waartoe partijen over zouden kunnen gaan. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6</nr>
      <para>Kort gezegd is dus niet gebleken dat Gedaagde tekortschiet in de nakoming van het echtscheidingsconvenant. Het in conventie gevorderde komt daarom niet voor toewijzing in aanmerking. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7</nr>
      <para>Bij een verklaring voor recht dat de RBTT-autolening aan Eiseres is toebedeeld heeft Gedaagde in reconventie geen belang. Dat staat al in artikel 7 van het echtscheidingsconvenant. Uit wat in conventie werd overwogen vloeit voort dat de vordering om de hypothecaire lening aldus verdelen dat iedere partij de helft krijgt toebedeeld en Eiseres te verplichting de helft van de maandelijkse hypotheeklasten te voldoen (nog) niet toewijsbaar is. Ook de vordering om Gedaagde te machtigen een andere makelaar in te schakelen is prematuur. A fortiori geldt dat ook de vordering hem te machtigen namens Eiseres een koopovereenkomst te sluiten en de eigendom over te dragen dan wel tot openbare verkoop over te gaan. Wel heeft Gedaagde belang bij de veroordeling van Eiseres om de RBTT-lening te blijven betalen. Uit hoofde van het huwelijksvermogensrecht is hij immers jegens de RBTT aansprakelijk voor de helft van de schuld (aangenomen dat Gedaagde niet als medeschuldenaar voor de lening heeft getekend, in welk geval hij voor het geheel aansprakelijk is). Niet voldoende gemotiveerd weersproken is dat Eiseres op die lening niet (meer) betaalt. De boete zal gematigd en gemaximeerd worden. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8</nr>
      <para>Nu partijen ex-echtelieden zijn zullen de proceskosten worden gecompenseerd. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in conventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het gevorderde af;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>compenseert te proceskosten aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in reconventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt Eiseres te voldoen aan de maandelijkse verplichting met betrekking tot de autolening van de RBTT Royal (Aruba) op straffe van een dwangsom van Afl. 500,- per keer dat Eiseres, na betekening van dit vonnis, niet aan die verplichting voldoet met een maximum van Afl. 12.000,;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag1 februari 2017 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>