<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2017:532</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-07-10T15:12:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-07-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-07-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">A.R. 842 van 2016</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2017:532">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2017:532</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-07-10T15:12:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-07-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2017:532 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 05-07-2017 / A.R. 842 van 2016</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2017:532:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>civiel recht, niet nakomen, schadevergoeding</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2017:532:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 5 juli 2017</para>
    <para>Behorend bij A.R. 842 van 2016</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">{naam eiseres]</emphasis>,</para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>EISER, hierna ook te noemen: eiseres,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. C.J. Hart,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[naam gedaagde], h.o.d.n. I.C.A. INNOVATIVE CONSTRUCTION ARUBA</emphasis>, </para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>GEDAAGDE, hierna ook te noemen: gedaagde,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE </title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <para>- het verzoekschrift;</para>
    <para>- de conclusie van antwoord;</para>
    <para>- de conclusie van repliek;</para>
    <para>- de akte niet-dienen zijdens gedaagde.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Partijen hebben een overeenkomst gesloten voor de bouw van het huis van eiseres te [adres] voor een totaalbedrag van Afl. 161.252,48.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Eiseres heeft op 8 januari 2015 een bedrag overgemaakt van Afl. 31.139,50 naar de bankrekening van gedaagde als betaling op de eerste fase van de bouw, zijnde de fundering.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Vervolgens heeft eiseres op 11 februari 2015 een bedrag van Afl. 4.948,87 overgemaakt naar de bankrekening van gedaagde als aanbetaling voor de bestelling van deuren en ramen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Op 3 november 2015 hebben eiseres en gedaagde een nadere overeenkomst gesloten waarbij alleen de fundering zal worden afgerond en reparaties aan de fundering zal worden aangebracht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Op 4 november 2015 heeft eiseres een bedrag van Afl. 1.532,- overgemaakt naar de bankrekening van gedaagde voor meerwerk.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <para>Eiseres heeft in november een “Assesment Report” laten opstellen ter inventarisering van de bouwwerkzaamheden en het bepalen van het geldbedrag en reparaties die nodig zullen zijn om de fundering af te ronden. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Eiseres vordert – uitvoerbaar bij voorraad – veroordeling van gedaagde tot betaling van Afl. 72.469,29, te vermeerderen met de wettelijke rente, met veroordeling van gedaagde tot vergoeding van de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Eiseres grondt de vordering erop dat gedaagde de fundering van het huis zoals afgesproken in de nadere overeenkomst van 3 november 2016 niet tijdig, volledig en naar behoren heeft  uitgevoerd. Hierdoor heeft eiseres schade opgelopen voor de dagen dat gedaagde niet heeft nagekomen. Bovendien stelt eiseres dat er verschillende bedragen zijn overgemaakt naar de bankrekening van gedaagde maar gedaagde is te kort geschoten in de nakoming van deze afspraken. Vervolgens heeft eiseres een “Assesment Report” laten opstellen door het bedrijf ECO Green die de reparaties en bouwwerkzaamheden van de fundering deugdelijk heeft afgerond.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Gedaagde voert hiertegen verweer, met vordering – uitvoerbaar bij voorraad – tot veroordeling van eiseres in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Het gerecht overweegt het volgende. Eiseres stelt dat haar vordering bestaat uit de volgende schadeposten, Afl. 1.532,- voor extra materialen die nooit zijn geleverd, Afl. 4.949,87 voor de aanbetaling van de ramen en deuren, Afl. 44.800,- zijnde de overeengekomen schadevergoeding t/m 14 maart 2016 en Afl. 21.187,42 voor het laten repareren en afmaken van de funderingswerkzaamheden door een derde. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Het bedrag van Afl. 1.532,- is onvoldoende betwist door gedaagde. Uit de overeenkomst van d.d. 3 november 2015 blijkt uit dat partijen zijn met elkaar overeengekomen dat een bedrag van Afl. 1.532,- zal worden betaald voor “<emphasis role="italic">extra work materials</emphasis>” en dat gedaagde deze werkzaamheden zal uitvoeren. Het gerecht is van oordeel dat gedaagde onvoldoende heeft aangevoerd dat hij de werkzaamheden heeft afgerond. Dit bedrag zal worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Het bedrag van Afl. 4.949,87 voor de bestelling van ramen en deuren is niet gemotiveerd weersproken door gedaagde. Gedaagde erkent dat een bedrag van Afl. 4.949,87 is overgemaakt naar zijn bankrekening en dat de ramen en deuren nog steeds niet in Aruba zijn aangekomen. Hierdoor is gedaagde tekortgeschoten in de nakoming van de afspraak tussen partijen. Uit de nadere overeenkomst volgt dat partijen ook dit deel van de oorspronkelijke overeenkomst hebben ontbonden. Dit bedrag zal ook worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Het bedrag van Afl. 44.800,- bestaat uit de overeengekomen boetebedrag per dag dat gedaagde is niet nagekomen. Gedaagde betwist de hoogte van de schadevergoeding en stelt dat het een bedrag moet zijn van niet meer dan Afl. 14.000,-. Tussen partijen staat niet in geschil dat er wordt uitgegaan van een boetebedrag van Afl. 125,- per dag. Inmiddels is het verschuldigde bedrag op basis van een som van Afl. 125,-- meer dan het aanvankelijk op grond van Afl. 400, gevorderde bedrag. Verder acht het gerecht een bedrag van Afl. 44.800,- niet onredelijk en is ook door gedaagde niet verder weersproken. Dit bedrag zal ook worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>Het bedrag van Afl. 21.187,42 bestaat uit het repareren en afmaken van de funderingswerkzaamheden door Eco Green. Eiseres stelt dat het noodzakelijk was om een rapport op te stellen omdat de fundering niet deugdelijk was afgerond door gedaagde. Gedaagde betwist dat er fouten in de rapport voorkomen. Maar heeft nagelaten te vermelden om welke fouten het gaat. Het gerecht is van oordeel dat gedaagde de inhoud van de “Assessment Report” onvoldoende gemotiveerd heeft weersproken. Dit bedrag zal ook worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6</nr>
      <para>Als de in het ongelijk te stellen partij zal gedaagde de proceskosten van eiseres moeten vergoeden.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt gedaagde tot betaling aan eiseres van een bedrag van Afl. 72.469,29, te vermeerderen met de wettelijke rente, vanaf 23 november 2015 tot de dag waarop volledig zal zijn betaald;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt gedaagde in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van eiseres worden begroot op Afl. 750,- aan griffierecht, Afl. 684,45 aan explootkosten en Afl. 3.000,- aan salaris van de gemachtigde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen. rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 5 juli 2017 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>