<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2017:446</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-06-20T14:51:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-06-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-06-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">EJ nr. 1231 van 2016</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2017:446">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2017:446</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-06-20T14:50:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-06-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2017:446 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 13-06-2017 / EJ nr. 1231 van 2016</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2017:446:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>EJ. Verzoek art. 1:253b. Gezag aan de thans bevoegd meerderjarige moeder.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2017:446:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Beschikking van 13 juni 2017</para>
    <para>behorend bij EJ nr. 1231 van 2016.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>BESCHIKKING</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[Verzoekster]</emphasis>, </para>
      <para>wonende in [woonplaats],</para>
      <para>VERZOEKSTER, </para>
      <para>procederend in persoon,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Belanghebbenden:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">[naam minderjarige],</emphasis> de ,minderjarige,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">[naam moeder], </emphasis>de moeder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para>De procedure blijkt uit:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift, ingediend op 30 mei 2016;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van 25 oktober 2016, waaruit blijkt dat zijn verschenen verzoekster in persoon en de moeder in persoon.    Namens de voogdijraad was aanwezig mevrouw A. Flanders;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het rapport van de Voogdijraad, ingediend op 6 maart 2017;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>- de griffiersaantekeningen van de voortzetting van de mondelinge behandeling van 21 maart 2017, waaruit blijkt dat zijn verschenen verzoekster in persoon en de moeder in persoon. Namens de voogdijraad waren aanwezig mevrouw A. Emmanuel en mevrouw D. Lejuez.</para>
    <para>De uitspraak is hierna bepaald op heden.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE FEITEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats] is uit de moeder geboren [minderjarige]. De minderjarige is erkend door de vader.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Bij beschikking van dit gerecht van 16 juni 2005 (EJ 529/2005) is, in verband met de onbevoegdheid van de destijds minderjarige moeder om het gezag uit te oefenen, [naam voogdes] tot voogdes over [minderjarige] benoemd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <parablock>
        <para>De moeder is inmiddels meerderjarig.</para>
        <para>
          <emphasis role="bold">3. </emphasis>
          <emphasis role="bold underline">HET VERZOEK</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Het verzoek strekt tot het belasten van de moeder met het gezag over de minderjarige.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold underline">DE BEOORDELING</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Ingevolgde de art. 1:253b derde lid, van het Burgerlijk Wetboek van Aruba kan de tot het gezag bevoegde moeder de rechter in eerste aanleg verzoeken haar met het gezag te gelasten. Verzoekster is de voogdes van de minderjarige en dus niet bevoegd om het verzoek in te dienen. De moeder heeft ter zitting echter verklaard achter het verzoek te staan. Het gerecht begrijpt deze verklaring aldus dat het onderhavig verzoek ook door de moeder wordt gedaan.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Op dit verzoek dient dus te worden beslist conform het criterium van artikel 1:253b, vijfde lid, van het Burgerlijk Wetboek van Aruba. Aldus geldt dat het verzoek van de tot het gezag bevoegde moeder om met het gezag over het kind te worden belast, slechts wordt afgewezen, indien gegronde vrees bestaat dat bij inwilliging van het verzoek de belangen van de minderjarige zouden worden verwaarloosd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>In dit geval is de moeder thans bevoegd het gezag uit te oefenen. Niet in geschil is dat de moeder feitelijk het gezag over de minderjarige uitoefent. De Voogdijraad adviseert ook om de moeder met het ouderlijk gezag over de minderjarige te belasten. Nu ook overigens niet is gebleken dat bij inwilliging van het verzoek de belangen van de minderjarige zouden worden verwaarloosd, zal het gerecht het verzoek toewijzen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>Het gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>belast de moeder [moeder] met het ouderlijk gezag over haar [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven op 13 juni 2017 door de rechter mr. W.C.E. Winfield in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>