<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2017:429</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-06-14T09:25:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-06-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-05-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">LAR nr. 1826 van 2016</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2017:429">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2017:429</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-06-14T09:25:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-06-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2017:429 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 29-05-2017 / LAR nr. 1826 van 2016</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2017:429:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Landsverordening Administratieve Rechtspraak (LAR) - de omstandigheid dat de Bezwaarschriftenadviescommissie geen advies heeft uitgebracht brengt niet mee dat verweerder niet gehouden is de door appellante tegen de (primaire) beschikking aangevoerde bewaren inhoudelijk te toetsen en daarop inhoudelijk bij beslissing op bezwaar te beschikken - het beroep is gegrond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2017:429:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Uitspraak van 29 mei 2017</para>
    <para>LAR nr. 1826 van 2016</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>UITSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het beroep in de zin van de </para>
      <para>Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">de coöperatieve vereniging Aruba Beach Club</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd in Aruba,</para>
      <para>
        <emphasis role="caps">appellante</emphasis>,</para>
      <para>gemachtigden: de advocaat mr. R.A. Wix,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gericht tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">de directeur van de Directie Arbeid en Onderzoek</emphasis>,</para>
      <para>zetelend in Aruba,</para>
      <para>
        <emphasis role="caps">verweerder</emphasis>,</para>
      <para>gemachtigde: (DWJZ).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>PROCESVERLOOP</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Bij beschikking van 20 juni 2016 heeft verweerder het bezwaar van appellante gericht tegen de afwijzing van het verzoek van appellante van 10 augustus 2015 ter verkrijging van een ontslagvergunning, ongegrond verklaard. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Tegen deze beschikking heeft appellante op 29 juli 2016 beroep ingesteld bij dit gerecht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>De zaak is behandeld ter zitting van 5 december 2016, alwaar zijn verschenen appellante en verweerder bij hun gemachtigden voornoemd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>De uitspraak is bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>OVERWEGINGEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Ingevolge artikel 4, eerste lid, van de Landsverordening beëindiging arbeidsovereenkomsten (Lba) is het de werkgever verboden de arbeidsovereenkomst te beëindigen zonder toestemming van verweerder.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Appellante heeft aan verweerder verzocht om toestemming om de arbeidsovereenkomst met [de belanghebbende], verder: belanghebbende, te beëindigen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Verweerder heeft de toestemming geweigerd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Op bezwaar heeft verweerder overwogen, kort gezegd, dat de Bewaarschriftenadviescommissie het bezwaarschrift niet heeft behandeld en verweerder geen advies heeft ontvangen waardoor geen compleet beeld is gevormd; alleen het standpunt van appellante en niet dat van belanghebbende is bekend waardoor niet is voldaan aan het beginsel van hoor en wederhoor, aldus verweerder. Het bezwaar werd daarom afgewezen en de beschikking gehandhaafd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>De omstandigheid dat de Bezwaarschriftenadviescommissie geen advies heeft uitgebracht brengt niet mee dat verweerder niet gehouden is de door appellante tegen de (primaire) beschikking aangevoerde bewaren inhoudelijk te toetsen en daarop inhoudelijk bij beslissing op bezwaar te beschikken, zo nodig na nader onderzoek en met inachtneming van een door verweerder in te winnen (nader) standpunt van belanghebbende. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <para>De beschikking op bezwaar is daarom onvoldoende gemotiveerd en zal worden vernietigd. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>BESLISSING</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart het beroep gegrond;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>vernietigt de beschikking op bezwaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>draagt verweerder op binnen drie maanden te beschikken op bezwaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt verweerder tot vergoeding van de kosten van deze procedure en begroot deze kosten op Afl. 1.000,.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gegeven door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van maandag 29 mei 2017, in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het Hof (art. 53a LAR).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hoger beroep wordt ingesteld binnen zes weken na de dag waarop de beslissing op het beroep is gedagtekend. De instelling van het hoger beroep geschiedt door indiening bij de griffie van het Gerecht van een aan het Hof gericht beroepschrift (art. 53b LAR).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>