<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2016:85</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T08:37:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-02-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">E.J. no. 2950 van 2015</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2016/450</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:85">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:85</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-02-15T14:09:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2016:85 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 09-02-2016 / E.J. no. 2950 van 2015</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2016:85:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden, zonder toekenning van een billijkheidsvergoeding. De werknemer heeft een dringende reden gegeven aan de werkgever voor ontslag, welke reden aan toekenning van een ontbindingsvergoeding in de weg staat.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2016:85:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Beschikking van 9 februari 2016</para>
    <para>Behorend bij E.J. no. 2950 van 2015</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>BESCHIKKING in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">SAVANETA HEALTH &amp; BEAUTY SPA N.V.,</emphasis>
      </para>
      <para>h.o.d.n. <emphasis role="bold">SPA DEL SOL,</emphasis></para>
      <para>gevestigd in Aruba,</para>
      <para>verzoekster,</para>
      <para>hierna ook te noemen: Spa del Sol,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. C.B.A. Coffie,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">X,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende in Aruba,</para>
      <para>verweerster</para>
      <para>hierna ook te noemen: X,</para>
      <para>procederende in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <parablock>
        <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
        <para>-het verzoekschrift, met producties;</para>
        <para>-de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling van de zaak.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Die behandeling heeft plaatsgevonden op 21 januari 2016, en uit die aantekeningen blijkt dat Spa del Sol ter zitting is verschenen bij haar gemachtigde en dat X in persoon is verschenen. X heeft ter zitting gebruik gemaakt van de aan haar geboden gelegenheid om te antwoorden op het verzoekschrift. Daarop heeft Spa del Sol gebruik gemaakt van de aan haar geboden gelegenheid om te repliceren, zulks onder overlegging van een pleitnota voorzien van één (toegelaten) nadere productie. Tot slot heeft X gedupliceerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Beschikking is bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Spa del Sol verzoekt dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking de arbeidsovereenkomst tussen partijen onmiddellijk dan wel zo snel als mogelijk ontbindt op grond van de in het verzoekschrift omschreven gewichtige redenen voor zover die overeenkomst blijkens onherroepelijk rechterlijk gewijsde nog steeds bestaat, zonder toekenning aan X van een door Spa del Sol te betalen billijkheidsvergoeding, kosten rechtens (waaronder begrepen de nakosten) te vermeerderen met wettelijke rente.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>X voert verweer en concludeert tot ontbinding van de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met toekenning aan haar van een door Spa del Sol te betalen billijkheidsvergoeding gelijk aan drie maanden salaris.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Voorzover voor de beslissing van belang worden de stellingen van partijen hierna besproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>DE BEOORDELING</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Nu partijen dat beiden voorstaan of nastreven, zal de tussen hen op 26 februari 2015 gesloten arbeidsovereenkomst op grond van die gewichtige reden worden ontbonden als  na te melden. De vraag die thans nog moet worden beantwoord is of X al dan niet in aanmerking komt voor een door Spa del Sol te betalen billijkheidsvergoeding.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Voormelde vraag moet ontkennend worden beantwoord omdat in dit geschil in elk geval vast staat dat X zich meermalen om voor haar moverende redenen ontoelaatbaar onbeschoft en in bedreigende zin heeft uitgelaten jegens de bij partijen genoegzaam bekende directeur van Spa del Sol (zie in dit verband de niet of onvoldoende bestreden productie 17 bij het verzoekschrift, en de door Spa del Sol overgelegde nadere productie die X ook evenmin of onvoldoende heeft bestreden). Door zich aldus te gedragen jegens haar superieur heeft X een dringende reden gegeven aan Spa del Sol voor ontslag, welke reden aan toekenning van een ontbindingsvergoeding in de weg staat.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>X zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Spa del Sol te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf de vijftiende dag na de uitspraak van deze beschikking, tot aan deze uitspraak begroot op (450,-- + 180,09 =) Afl. 630,09 aan verschotten en Afl. 1.800,-- aan salaris voor de gemachtigde. Die veroordeling ziet tevens op eventuele nog te maken nakosten, zodat Spa del Sol geen belang heeft bij een te dien aanzien te geven aparte veroordeling.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>Het Gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>-ontbindt de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen met ingang van 9 februari 2016 indien en voorzover in rechte onherroepelijk komt vast te staan dat die arbeidsovereenkomst nog steeds bestaat, en dat zonder toekenning aan X van een door Spa del Sol te betalen billijkheidsvergoeding;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-veroordeelt X in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Spa del Sol, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 630,09 aan verschotten en Afl. 1.800,-- aan salaris voor de gemachtigde, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf de vijftiende dag na de uitspraak van deze beschikking;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-wijst af het meer of anders verzochte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 9 februari 2016.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>