<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2016:770</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-11-29T11:42:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-11-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-11-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">EJ. nr. 1313 van 2016</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:770">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:770</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-11-29T11:41:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-11-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2016:770 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 01-11-2016 / EJ. nr. 1313 van 2016</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2016:770:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Civiel - EJ - verzoek ex artikel 1:253q jo. 253r lid 1</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2016:770:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Beschikking van 1 november 2016</para>
    <para>Behorend bij EJ. nr. 1313 van 2016 </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>BESCHIKKING</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op verzoek van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[de oma]</emphasis>, de grootmoeder moederszijde,</para>
      <para>wonende in Aruba,</para>
      <para>VERZOEKSTER, </para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr.Z.T.M. Marchena,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[de moeder]</emphasis> en <emphasis role="bold underline">[de vader]</emphasis>, </para>
      <para>beide wonende in Colombia,</para>
      <para>VERWEERDERS,</para>
      <para>niet verschenen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Belanghebbenden:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">[de minderjarige]</emphasis>,</para>
      <para>de minderjarige, wonende in Aruba.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para>De procedure blijkt uit:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift met producties, ingediend op 7 juni 2016;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van 20 september 2016, waaruit blijkt dat zijn verschenen de verzoekster bijgestaan door haar gemachtigde voornoemd.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>De uitspraak is terstond gedaan. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE FEITEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <parablock>
        <para>Uit mevrouw [de moeder] (hierna: de moeder) is op [datum] 1998 in Colombia geboren [de minderjarige].</para>
        <para>De heer [de vader] (hierna: de vader) heeft de minderjarige erkend. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Op 20 augustus 2015 hebben de ouders krachtens een, in Colombia opgemaakte, bemiddelingsakte de “custodia y cuidado personal” met betrekking tot de minderjarige aan de grootmoeder toegekend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De minderjarige verblijft, kennelijk vanaf in ieder geval 2015, bij de grootmoeder in Aruba. De minderjarige staat in Aruba als leerling ingeschreven op school.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>HET VERZOEK</title>
    <para>Het verzoek strekt ertoe, naar het gerecht begrijpt, om de ouders uit het ouderlijk gezag over de minderjarige te schorsen en om de grootmoeder te benoemen tot voogdes over de minderjarige. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Naar Colombiaans recht brengt erkenning van een minderjarige door de vader met zich dat de ouders het gezag over de minderjarige gezamenlijk uitoefenen. Het gerecht gaat er voorts vanuit dat de op 20 augustus 2015 opgemaakte bemiddelingsakte niet meebrengt dat reeds daarmee de voogdij over de minderjarige in de zin van artikel 1:280 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA) aan de grootmoeder toekomt. Wel kan daaruit worden afgeleid dat de ouders instemmen met het verzoek van de grootmoeder.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Op basis van artikel 1:253r juncto artikel 1:253q BWA is het gezag dat aan één of beide ouders toekomt geschorst gedurende de tijd waarin één of beide ouders al dan niet tijdelijk in de onmogelijkheid verkeert het gezag uit te oefenen. Indien een ouder alleen het gezag over de minderjarige uitoefent, benoemt de rechter een voogd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>De grootmoeder heeft ter onderbouwing van haar verzoek aangevoerd dat zij ter verkrijging van een verblijfsvergunning voor de minderjarige belast dient te zijn met de voogdij over de minderjarige. Voorts heeft grootmoeder verteld dat de minderjarige sinds het jaar 2011, met toestemming van zijn ouders, bij haar op Aruba verblijft. De grootmoeder heeft de minderjarige sinds zijn verblijf op Aruba verzorgd en opgevoed. De ouders van de minderjarige zijn woonachtig in Colombia en beschikken niet over de pedagogische kwaliteiten noch de financiële middelen om de minderjarige te verzorgen en op te voeden. Om die reden zijn de ouders niet in staat de zorg voor en de voogdij over de minderjarige uit te oefenen, aldus de grootmoeder.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>De ouders verblijven in Colombia. Dit brengt mee dat zij in de onmogelijkheid verkeren om het gezag over de minderjarige uit te oefenen. Er bestaat thans onduidelijkheid over de vraag of de ouders ooit naar Aruba zullen emigreren, of dat de minderjarige terug zal keren naar Colombia, waardoor zij hun taken als gezagsdragers ten aanzien van de minderjarige feitelijk weer zullen kunnen uitoefenen. Gelet op artikel 1:253r lid 2 BW is het gezag van de ouders op grond hiervan geschorst</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>Aannemelijk is dat de minderjarige in sinds 2011 door de grootmoeder wordt verzorgd en opgevoed. Voorts is gebleken dat de minderjarige voor het studiejaar 2015-2016 mooie studieresultaten heeft behaald (productie 3 van het verzoekschrift). Het voorgaande brengt mee dat het gerecht aanleiding ziet voor het oordeel dat de minderjarige gelukkig is bij grootmoeder en dat hij onder de verzorging en opvoeding van grootmoeder goed presteert. Gelet hierop is het gerecht van oordeel dat, aangezien het gezag van de ouders is geschorst, thans niet in het gezag is voorzien, de grootmoeder de meest gerede partij is om op de voet van artikel 1:253q BWA in verbinding met artikel 1:253r lid 1 BWA met de voogdij te worden belast. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>DE BESLISSING:</title>
    <para>Het gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verstaat dat het ouderlijk gezag van [de moeder] en [de vader] over de minderjarige [de minderjarige] is geschorst;  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>benoemt [de oma] tot voogdes over [de minderjarige] geboren in Colombia op [datum] 1998; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de griffier deze beslissing aantekent in het gezagsregister. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. W.C.E. Winfield, rechter in dit gerecht, en in het openbaar uitgesproken ter terechtzitting van dinsdag 1 november 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>