<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2016:634</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-09-28T16:39:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-09-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-09-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">A.R. no. 2870 van 2015</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:634">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:634</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-09-28T16:38:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-09-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2016:634 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 21-09-2016 / A.R. no. 2870 van 2015</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2016:634:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Civiel. Achterstallige huur.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2016:634:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 21 september 2016</para>
    <para>Behorend bij A.R. no. 2870 van 2015</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Eiser,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende in België,</para>
      <para>eiser, </para>
      <para>hierna ook te noemen: Eiser,</para>
      <para>gemachtigde: mr. lic. K. Thijs,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Gedaagde,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende in Aruba, </para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>hierna ook te noemen: Gedaagde,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. E.A.T. Kuster.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <parablock>
        <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
        <para>-het verzoekschrift, met producties;</para>
        <para>-de tegen Gedaagde verleende akte van niet dienen van antwoord.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Vonnis is bepaald op heden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Eiser vordert dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis Gedaagde veroordeelt:</para>
      <para />
      <para>a. om aan Eiser te betalen Afl. 29.600,-- uit hoofde van achterstallige huur, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 10 december 2015;</para>
      <para />
      <para>b. om aan Eiser te betalen Afl. 1.000,-- aan contractuele boete voor onbetaald gelaten huurtermijnen, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 10 december 2015;</para>
      <para />
      <para>c. om aan Eiser te betalen Afl. 446,60 aan vergoeding voor buitengerechtelijk gemaakte kosten, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 10 december 2015;</para>
      <para />
      <para>d. om aan Eiser te betalen Afl. 450,-- aan kosten van onderhoud van drie airco’s, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 10 december 2015;</para>
      <para />
      <para>e. in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Gedaagde heeft geen verweer gevoerd. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>DE BEOORDELING</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>Gedaagde heeft de in het verzoekschrift neergelegde stellingen van Eiser niet bestreden. Die stellingen komen daarom vast te staan en rechtvaardigen de toewijzing van al  het door Eiser verzochte, zijnde een totaalbedrag van </para>
        <para>Afl. 31.496,60, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 10 december 2015. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Gedaagde zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Eiser waaronder begrepen die van het bij partijen genoegzaam bekende ten laste van Gedaagde gelegde conservatoire beslag, tot aan deze uitspraak begroot op (750,-- + 199,90 + 262,90 + 262,90 + 262,90 + 262,90 + 262,90 +198,25 =) Afl. 2.462,65 aan verschotten. Te dezen worden geen kosten geliquideerd aan salaris voor de gemachtigde, omdat Eiser in deze procedure niet werd bijgestaan door een daartoe door het Gemeenschappelijk Hof toegelaten professionele rechtsbijstandverlener.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <parablock>
      <para>Het Gerecht:</para>
      <para>-veroordeelt Gedaagde om aan Eiser te betalen Afl. 31.496,60, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 10 december 2015 tot aan de dag der algehele algehele voldoening;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-veroordeelt Gedaagde in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Eiser, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.462,65 aan verschotten;</para>
      <para>-verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-wijst af het meer of anders verzochte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 21 september 2016 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>