<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2016:48</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-01-25T14:07:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-01-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-01-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">K.G. 2946 van 2015</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:48">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:48</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-01-25T14:06:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-01-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2016:48 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 20-01-2016 / K.G. 2946 van 2015</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2016:48:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Toewijzing schuldvordering</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2016:48:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>Vonnis in kort geding van 20 januari 2016</para>
  <para>Behorend bij K.G. 2946 van 2015</para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>VONNIS IN KORT GEDING</para>
    <para>in de zaak van:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold underline">[EISER]</emphasis>,</para>
    <para>te Aruba, </para>
    <para>hierna ook te noemen:  [eiser]</para>
    <para>gemachtigde: de advocaat mr. J.J. Steward,</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>tegen:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>de vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <para>
      <emphasis role="bold underline">ARUBA DEVELOPMENT CORPORATION VBA h.o.d.n. Tropicana Aruba Resort &amp; Casino</emphasis>, </para>
    <para>te Aruba, </para>
    <para>hierna ook te noemen: Tropicana,</para>
    <para>gemachtigde: de advocaat mr. M.D. Tromp.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">DE PROCEDURE</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
  </parablock>
  <para>- het verzoekschrift;</para>
  <para>- de pleitnota van  [eiser];</para>
  <para>- de pleitnota van Tropicana tot punt 16 in verband met de spreektijd;</para>
  <para>- de aantekeningen van de mondelinge behandeling op 7 januari 2016;</para>
  <para>- de mededeling op 13 januari 2016 dat partijen niet tot een regeling zijn gekomen.</para>
  <parablock>
    <para>Aan partijen is meegedeeld dat vandaag vonnis zou worden gewezen. </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1 [</nr>
      <para>[eiser]is sinds 28 januari 2014 in dienst bij Tropicana. Zijn functie was chief engineer. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>In de week van 23 november 2015 heeft [eiser] de bedrijfsauto voor woon- werkverkeer aangewend. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Op 2 december 2015 is  [eiser] geschorst met behoud van loon in verband met een onderzoek naar voormeld gebruik van de bedrijfsauto. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Op 4 december 2015 is [eiser] op staande voet ontslagen. De in dat verband opgestelde brief luidt, voor zover relevant:<?linebreak?><emphasis role="italic">On November 30, 2105 it came to the attention of our General Manager that you made private use of the company car and took the car home without having any permission to do so. When you were heard regarding this incident you claimed that you were aware that this was against company policy and claimed to have only taken the car one day. In a conversation with the Human Resource and the General Manager, the following day you admitted to having been seen taking the car for three days without any authorization to do so. Further investigation showed that you were not honest about the private use of the company car since the administrative assistant whom you requested to log the keys for you stated that this had been going on for approximately one week. </emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">In your position of Chief Engineer you are in charge of  the department and have access to company property and are expected to only access and use company property for business purposes. You are aware of company policy that under no circumstance employees are allowed or authorized to take the company car home. You also instructed your subordinate to log the use of the car for you and were not honest about this unauthorized use of the company car to the General Manager.  These actions are completely unacceptable and a serious violation of the obligations arising out of your labor agreement. You actions both individually as jointly have caused the company to lose all trust in you. We have received your file and have established that in the past you have violated other important rules and regulations. We are referring tot the incident of :</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">-November 26, 2014 whereby you violated the petty cash procedures</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">-July 29, 2015 whereby oy violated the procedures with regard to the approval of requests for projects.</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">You actions as described above both individually as jointly, as well as in connection with the previous  incidents as mentioned above, constitute an urgent reason for the immediate termination of you labor agreement as of today December 4, 2015.  </emphasis><?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5 [</nr>
      <para>[eiser] heeft zich op 7 december 2015 op de nietigheid van het ontslag beroepen en kenbaar gemaakt zich beschikbaar te houden de overeengekomen werkzaamheden te verrichten. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1 [</nr>
      <para>[eiser] vordert, samengevat, veroordeling van Tropicana tot betaling van het overeengekomen loon met nevenvorderingen.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2 [</nr>
      <para>[eiser] grondt de vordering erop dat het ontslag nietig is.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Tropicana voert hiertegen verweer, met vordering tot veroordeling van  [eiser] in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Ter zitting is gebleken dat  [eiser] de bedrijfsauto in de desbetreffende week voor woon-werkverkeer gebruikte omdat hij zijn eigen auto had uitgeleend aan een gast van Tropicana. Daartoe was  [eiser] overgegaan omdat de desbetreffende toerist diens (huur)auto niet kon gebruiken door schuld van de dochter van  [eiser]]. [eiser] is toen zijn dochter op deze manier te hulp geschoten. [eiser] heeft dat niet eerder dan op de zitting kenbaar gemaakt aan zijn leidinggevende. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>De rechter in kort geding acht dat gedrag van  [eiser] laakbaar. Als goed werknemer had  [eiser] open kaart met zijn leidinggevende moeten spelen en moeten begrijpen dat de bedrijfsauto er niet was om zijn privé (vervoers)problemen op te lossen. Dat is in dit geval evenwel niet van een zodanig ernstige aard, dat dit het zwaarste middel van onmiddellijke opzegging van de arbeidsovereenkomst rechtvaardigt. Daarbij speelt mede een rol dat een e-mailbericht van de leidinggevende van [eiser] over het privégebruik van de bedrijfsauto niet geheel duidelijk was, waar deze schrijft: <emphasis role="italic">I think you misunderstood. They can’t take the company car home. </emphasis>Niet onbegrijpelijk is dat [eiser] zichzelf niet onder “they” schaarde. Dat  [eiser] welbewust heeft verzwegen dat hij de bedrijfsauto gebruikte is in kort geding onvoldoende aannemelijk geworden. Diens gebruik van de bedrijfsauto stond immers in het logboek aangetekend. Dat [eiser] die aantekening niet zelf maakte maar een ondergeschikte daartoe opdracht gaf vormt geen bijkomende rechtvaardiging voor het ontslag op staande voet. Niet aannemelijk is dat [eiser] het logboek pas achteraf heeft doen bijwerken. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Voorgaande is niet anders in combinatie met de twee in de ontslagbrief genoemde eerdere incidenten. Niet voldoende gemotiveerd weersproken is dat [ [eiser]voor het overtreden van een “petty cash” procedure geen formele waarschuwing heeft gehad maar in verband daarmee alleen is gehoord. Verder is niet voldoende gemotiveerd bestreden dat [eiser] terecht bezwaar had gemaakt tegen overtreding van de regels rond aanbesteding omdat zich een noodgeval voordeed en overigens de desbetreffende aannemer (inmiddels) een “registered vendor” is waarvoor de aanbestedingsregels die [eiser] zou hebben overtreden niet (meer) gelden, zodat Tropicana op het moment van het ontslag geen rechtens te respecteren belang meer had bij een beroep op overtreding van die regels. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Overige stellingen en verweren kunnen buiten behandeling blijven. De vordering zal worden toegewezen met matiging van de wettelijke verhoging tot 15%. Als de in het ongelijk te stellen partij zal Tropicana de proceskosten van [eiser]moeten vergoeden. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt Tropicana om aan [eiser] het hem toekomende salaris vanaf 4 december 2015 bij wijze van voorschot op de gebruikelijke betaaldag te betalen, te vermeerderen met de wettelijke verhoging, gematigd tot een maximum van 15% tot het dienstverband zal zijn geëindigd; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt Tropicana in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van [eiser] worden begroot op Afl. 450, aan griffierecht, Afl. 257,72 aan explootkosten en Afl. 1.500, aan salaris van de gemachtigde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 20 januari 2016 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>