<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2016:321</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-05-17T15:21:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-05-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-05-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">A.R. 1958 van 2015</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:321">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:321</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-05-17T15:21:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-05-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2016:321 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 11-05-2016 / A.R. 1958 van 2015</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2016:321:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Huurovereenkomst. Ontbinding.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2016:321:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 11 mei 2016</para>
    <para>Behorend bij A.R. 1958 van 2015</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">FUNDACION CAS PA COMUNIDAD ARUBANO</emphasis>, gevestigd in Aruba, </para>
      <para>hierna ook te noemen: FCCA,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. W.G.T.M. Kloes,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">Gedaagde</emphasis>, wonende in Aruba,</para>
      <para>hierna ook te noemen: Gedaagde,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE </title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <itemizedlist mark="">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift met producties, ingediend ter griffie op 2 september 2015;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Het mondelinge antwoord van Gedaagde d.d. 7 oktober 2015;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de conclusie van repliek d.d. 25 november 2015;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de ter rolzitting van 10 februari 2016 tegen Gedaagde verleende akte van niet dienen van dupliek.</para>
        <para />
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <parablock>
      <para>De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis, dat nader is bepaald op heden. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN</title>
    <para>Tussen partijen is, voor zover hier van belang, als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende weersproken, het volgende komen vast te staan.</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Gedaagde huurt van FCCA een woonhuis, te weten het in Aruba te [adres] gelegen perceel en het daarop gebouwde (hierna: het gehuurde).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Gedaagde is in gebreke gebleven met de volledige betaling van de huur.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN </title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>FCCA vordert dat het Gerecht bij - uitvoerbaar bij voorraad - te verklaren vonnis:</para>
      <para />
      <para>- de tussen partijen gesloten huurovereenkomst ontbindt, althans voor recht verklaart dat die huurovereenkomst is ontbonden;</para>
      <para />
      <para>- Gedaagde beveelt om het door haar van FCCA gehuurde, binnen één maand na dit vonnis te ontruimen met alle personen en goederen die zich aldaar bevinden;</para>
      <para />
      <para>- Gedaagde veroordeelt om aan FCCA te betalen Afl. 5.842,50 aan achterstallige huur per 31 juli 2015, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf de dag der dagvaarding tot aan de algehele voldoening, alsmede te vermeerderen met Afl. 665,-- per maand voor iedere maand dat Gedaagde het gehuurde niet heeft ontruimd;</para>
      <para />
      <para>- Gedaagde veroordeelt in de proces- en deurwaarderskosten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>FCCA grondt de vordering erop dat Gedaagde tekortgeschoten is in de betaling van de huur.</para>
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Gedaagde voert hiertegen verweer.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING </title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>Gedaagde heeft bij conclusie van antwoord aangevoerd dat zij wel een huurachterstand heeft, maar dat zij het gevorderde bedrag niet schuldig is. Daarbij heeft zij gesteld dat het bedrag dat zij maandelijks aan huur verschuldigd is geen Afl. 600,-- bedraagt, maar ongeveer Afl. 200,--, omdat zij huursubsidie ontvangt. </para>
        <para>FCCA heeft bij conclusie van repliek het verweer van Gedaagde gemotiveerd weersproken en met producties onderbouwd. Haar stellingen komen erop neer dat de huur Afl 650,-- per maand bedraagt en dat weliswaar juist is dat Gedaagde huursubsidie krijgt, maar dat dit de verschuldigdheid van de overeengekomen huurprijs onverlet laat. Dit laatste vindt bevestiging in de als productie 2 bij het verzoekschrift overgelegde specificatie van de huurachterstand waarin is opgenomen welke de verschuldigde huurtermijnen zijn, welke betalingen Gedaagde heeft gedaan en hoe hoog de door haar genoten huursubsidie is.</para>
        <para>Gedaagde heeft geen conclusie van dupliek genomen en het door FCCA bij conclusie van repliek gestelde dus niet weersproken. Dit brengt met zich mee dat de juistheid van hetgeen door FCCA bij conclusie van repliek is gesteld, vast komt te staan. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>De vorderingen van FCCA die voor het overige niet zijn betwist en op de wet zijn gegrond zullen derhalve worden toegewezen. Dat geldt niet voor de termijn van ontruiming. Daarover wordt geoordeeld als in het dictum te melden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Gedaagde wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de kosten van de procedure.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para>- ontbindt de tussen partijen gesloten huurovereenkomst per heden;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt Gedaagde om binnen een maand na betekening van dit vonnis het gehuurde te [adres] te ontruimen met alle daarin bevindende personen en</para>
    <para>	goederen;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt Gedaagde om aan FCCA te betalen Afl. 5.842,50 aan achterstallige huur per 31 juli 2015, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf de dag van indiening van het verzoekschrift tot de dag waarop volledig zal zijn betaald, alsmede te vermeerderen met Afl. 665,-- per maand voor elke maand na 1 augustus 2015 zolang Gedaagde de woning niet heeft ontruimd;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt Gedaagde in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van FCCA worden begroot op Afl. 1.350,- aan griffierecht, Afl. 220,60 aan explootkosten en Afl. 800,- aan salaris van de gemachtigde;</para>
    <para />
    <para>- verklaart de veroordelingen, behalve de veroordeling tot ontbinding, in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; </para>
    <para />
    <para>- wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. P.W. van Schendel rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 11 mei 2016 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>