<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2016:201</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-04-04T11:33:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-03-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">A.R. no. 2139 van 2015</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:201">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:201</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-04-04T11:33:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2016:201 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 23-03-2016 / A.R. no. 2139 van 2015</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2016:201:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Zekerheidstelling-Beroep op artikel 122 lid 2 sub d RV verworpen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2016:201:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 23 maart 2016</para>
    <para>Behorend bij A.R. no. 2139 van 2015</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in het incident tot zekerheidstelling in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">1.</emphasis>
        <emphasis role="bold underline">X</emphasis>
        <emphasis role="bold">,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">2.</emphasis>
        <emphasis role="bold underline">Y</emphasis>
        <emphasis role="bold">,</emphasis>
      </para>
      <para>beiden wonende te Canada, </para>
      <para>hierna gezamenlijk te noemen: XY,</para>
      <para>eisers in de hoofdzaak, gedaagden in het incident,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. E.J.M. Lotter Homan,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">ARUBA BUCUTI BEACH HOTEL N.V.</emphasis>
        <emphasis role="bold">,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd in Aruba,</para>
      <para>gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident,</para>
      <para>hierna ook te noemen: Bucuti,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. M.A. Kock.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE IN DE HOOFDZAAK EN IN HET INCIDENT</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het op 22 september 2015 ter griffie binnengekomen verzoekschrift, met producties;</para>
      <para>- de incidentele conclusie van eis tot zekerheidstelling;</para>
      <para>- de conclusie van antwoord in het incident.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Vonnis in het incident is bepaald op heden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>DE BEOORDELING </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">In het incident</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Bucuti heeft in haar incidentele conclusie gevorderd dat XY in het incident zal worden veroordeeld om, middels deponering ter griffie, zekerheid te stellen voor de betaling van mogelijke proceskosten tot een bedrag van Afl. 30.400,--, althans voor een door het gerecht te bepalen bedrag, en dat het gerecht bepaalt dat Bucuti in de hoofdzaak niet eerder behoeft te antwoorden en voort te procederen dan nadat voornoemde zekerheid op voornoemde wijze is gesteld, met veroordeling van XY in de kosten van het incident. Het bedrag is gebaseerd op 8 punten bij tariefgroep 9 van het toepasselijke liquidatietarief. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>XY voert incidenteel verweer en concludeert tot afwijzing van het gevorderde, danwel het bedrag tot zekerheidstelling te matigen tot een maximum van Afl. 11.400,-- en te bepalen dat voor wat betreft de wijze waarop zekerheid gesteld dient te worden kan worden volstaan met storting op de derdenrekening van de gemachtigde van XY onder het derdenbeding c.q. de verklaring zijdens de gemachtigde van XY in de conclusie van antwoord in het incident dat op eerste verzoek tot voldoening van de zekerheidstelling zal worden overgegaan in geval bij gewijsde sprake zal zijn van een kostenveroordeling zijdens XY.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Bij de beoordeling van het geschil is het volgende van belang. XY heeft de nationaliteit van Canada en is daar woonachtig. Hij is derhalve vreemdeling in de zin van art. 122 Rv, zodat hij in beginsel gehouden is zekerheid te stellen voor de betaling van proceskosten, schadevergoeding en interest in welke hij verwezen zou kunnen worden. Bij conclusie van antwoord heeft XY aangevoerd dat hij als gevolg van het hem in het hotel Bucuti overkomen ongeval financieel is getroffen. XY licht toe dat hij sinds het ongeval arbeidsongeschikt is en gedurende lange tijd een terugval in inkomen heeft moeten absorberen. XY beroept zich op artikel 122 lid 2 sub d RV. In dit artikel is geregeld dat geen verplichting tot het stellen van zekerheid bestaat indien daardoor voor degene van wie zekerheid wordt gevorderd de effectieve toegang tot de rechter wordt belemmerd. Het gerecht oordeelt als volgt: wordt een beroep op deze uitzondering gedaan, dan zal de betreffende niet-ingezetene de rechter aan de hand van bescheiden moeten overtuigen van zijn financieel onvermogen tot het stellen van zekerheid terwijl hij wel de eigen kosten van een procedure kan betalen. Nu XY geen financiële of andere stukken heeft overgelegd waaruit blijkt dat hij financieel onvermogend is tot het stellen van zekerheid, mede in aanmerking genomen de omstandigheid dat XY te kennen heeft gegeven dat hij  vrijwillig aan een eventuele kostenveroordeling zal voldoen, is het gerecht van oordeel dat van een situatie als bedoeld in artikel 122 lid 2 sub d Rv, in tegenstelling tot hetgeen XY stelt, geen sprake is. Dit brengt mee dat de vordering van Bucuti in beginsel voor toewijzing in aanmerking komt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Het door Bucuti gevorderde bedrag aan zekerheid ad Afl. 30.400,-- komt het gerecht bovenmatig voor. Het in de hoofdzaak door XY in hoofdsom gevorderde bedrag brengt met zich dat voor de berekening van de proceskosten in de hoofdzaak liquidatietarief 9 van toepassing is, te weten Afl. 3.800,-- per punt. Het gerecht ziet geen aanleiding reeds nu met processuele complicaties rekening te houden wegens een mogelijke inlichtingencomparitie, getuigenverhoren en/of nadere conclusies buiten de gebruikelijke conclusies van antwoord en dupliek. Daarom acht het gerecht een bedrag van (3 x 3.800,-- =) Afl. 11.400,-- aan zekerheid op zijn plaats. XY zal dan ook zekerheid dienen te stellen voor dit bedrag. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Het gerecht geeft er de voorkeur aan de gevorderde zekerheidstelling toe te wijzen middels deponering van voormeld bedrag ter griffie van dit gerecht onder vermelding van zaaknummer A.R. 2139 van 2015.  Aan XY zal een termijn van vier weken worden gegund voor de zekerheidstelling. Indien XY niet naar behoren zekerheid stelt, zal hij in de hoofdzaak niet-ontvankelijk worden verklaard in het door hem verzochte.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <para>Uit artikel 122 Rv vloeit reeds voort dat Bucuti geen conclusie van antwoord behoeft in te dienen alvorens voornoemde zekerheidstelling door XY heeft plaatsgevonden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7</nr>
      <para>Waar ieder van partijen in dit incident ten dele in het ongelijk wordt gesteld, zullen de proceskosten worden gecompenseerd als in het dictum te melden.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">In de hoofdzaak</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8</nr>
      <para>De hoofdzaak zal, nadat zekerheid gesteld is, worden verwezen naar de hierna vermelde rolzitting voor het nemen van conclusie van antwoord aan de zijde van Bucuti. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9</nr>
      <para>Als niet tijdig zekerheid is gesteld zal XY in de hoofdzaak niet-ontvankelijk worden verklaard. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10</nr>
      <para>Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">In het incident</emphasis>
      </para>
      <para>beveelt XY om binnen vier (4) weken na de uitspraak van dit vonnis (uiterlijk op 19 april 2016), op de wijze als hiervoor in 2.5 vermeld, zekerheid te stellen voor de proceskosten tot betaling waarvan hij in de hoofdzaak veroordeeld zou kunnen worden; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt het bedrag van die zekerheid op Afl. 11.400,--;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verstaat dat indien XY niet of niet tijdig gevolg geeft aan de bevolen zekerheidstelling, Bucuti niet gehouden is tot het voeren van verweer en XY in de hoofdzaak niet-ontvankelijk zal worden verklaard;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>compenseert de op dit incident gevallen proceskosten aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het meer of anders gevorderde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">In de hoofdzaak</emphasis>
      </para>
      <para>verwijst de zaak naar de rolzitting van <emphasis role="bold">woensdag 20 april 2016</emphasis> voor het dienen van een conclusie van antwoord door Bucuti;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat Bucuti niet van antwoord hoeft te dienen indien XY niet naar behoren zekerheid heeft gesteld, en verwijst in dat geval de zaak eveneens naar de rolzitting van <emphasis role="bold">woensdag 20 april 2016 </emphasis>voor het nemen van een akte door Bucuti om zich daarover uit te laten;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. P.W. van Schendel, rechter, en werd uitgesproken door mr. J. Sap, ter openbare terechtzitting van woensdag 23 maart 2016 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>