<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2016:157</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-17T11:53:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-03-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">B.B. 778 van 2015</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:157">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2016:157</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-17T11:53:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2016:157 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 09-03-2016 / B.B. 778 van 2015</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2016:157:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>civiel recht, schuldvordering</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2016:157:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 9 maart 2016</para>
    <para>Behorend bij B.B. 778 van 2015</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS</para>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">ARUBA BANK N.V.</emphasis>,</para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>EISERES, hierna ook te noemen: Aruba Bank,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaten mr. M.E.D. Brown en mr. A.E. Barrios,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[naam] </emphasis>, </para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>GEDAAGDE, hierna ook te noemen: G*,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE </title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <para />
    <para>- het verzoekschrift met producties, ingediend op 15 april 2015;</para>
    <para>- het verweerschrift van 30 juni 2015;</para>
    <para>- de conclusie van repliek van 28 oktober 2015;</para>
    <para>- op 13 januari 2016 is niet gedupliceerd zijdens G*.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis is bepaald op heden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE VASTSTAANDE FEITEN</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Tussen Aruba Bank en G* is een leenovereenkomst gesloten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>G* is tekort geschoten in de nakoming van de uit die overeenkomst voortvloeiende betalingsverplichtingen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN </title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Aruba Bank vordert – uitvoerbaar bij voorraad – veroordeling van G* tot betaling van Afl. 4.195,72, te vermeerderen met de overeengekomen rente 1,5% per maand vanaf 6 maart 2015 over de hoofdsom ad Afl. 4.068,08 voorts te vermeerderen met de 15% overeengekomen en gemaakte buitengerechtelijke incassokosten zijnde Afl. 610,21 en met veroordeling van G* tot vergoeding van de proceskosten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>G* voert verweer tegen de buitengerechtelijke incassokosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>DE BEOORDELING </title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>G* erkent dat hij in gebreke is in de nakoming van zijn betalingsverplichting maar betwist de buitengerechtelijke incassokosten. De hoofdvordering komt derhalve voor toewijzing in aanmerking.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Aruba Bank heeft in dit kader gesteld dat de verschuldigdheid van de buitengerechtelijke incassokosten voortvloeit uit artikel 31 van de bij Aruba Bank geldende algemene voorwaarden. Nu G*, ondanks daartoe in de gelegenheid te zijn gesteld, geen verder verweer heeft gevoerd omtrent de buitengerechtelijke incassokosten, zal het gerecht dit verzoek toewijzen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Als de in het ongelijk te stellen partij zal G* de proceskosten van Aruba Bank moeten vergoeden,  welke tot op heden zijn begroot op Afl. 100,- aan griffierecht en Afl. 500,- aan salaris van de gemachtigde (2 punten van liquidatietarief 2, ad Afl. 250,- per punt).</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt G* tot betaling aan Aruba Bank van een bedrag van Afl. 4.195,72, te vermeerderen met de overeengekomen rente 1,5% per maand vanaf 6 maart 2015 over de hoofdsom ad Afl. 4.068,08 voorts te vermeerderen met 15% incassokosten zijnde Afl. 610,211,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt G* in de kosten van de procedure die tot de datum van uitspraak aan de kant van Aruba Bank worden begroot op Afl. 100,- aan griffierecht en Afl. 500,- aan salaris van de gemachtigde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. P.A.H. Lemaire rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 9 maart 2016 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>