<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2015:573</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-01-08T09:25:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-01-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-11-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">528 van 2015 en 529 van 2015 en 530 van 2015</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2015:573">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2015:573</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-01-08T09:25:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-01-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2015:573 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 20-11-2015 / 528 van 2015 en 529 van 2015 en 530 van 2015</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2015:573:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Arubaanse strafzaak. Verdachte is veroordeeld tot jeugddetentie van drie maanden voor diefstal in een woning met braak. Tevens is toegewezen de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van twee eerder opgelegde voorwaardelijke straffen van jeugddetentie van zes maanden en honderddertien dagen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2015:573:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
    </para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>S T R A F V O N N I S</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">[verdachte],</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum]  in [geboorteplaats],</para>
      <para>wonende in Aruba te [adres], </para>
      <para>thans alhier gedetineerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>Het onderzoek ter openbare terechtzitting heeft plaatsgevonden op 30 oktober 2015. De verdachte is verschenen, bijgestaan door zijn raadsman, mr. P.A.J. van der Biezen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie, mr. Y. Pronk, heeft ter terechtzitting gevorderd de verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft de officier van justitie de tenuitvoerlegging gevorderd van de voorwaardelijke straffen zoals opgelegd bij vonnis van het gerecht van 22 mei 2015 in de zaak met parketnummers P-2015/01329 en P-2014/15384 en bij vonnis van het gerecht van 25 september 2015 met parketnummer P-2015/09925.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft het woord ter verdediging gevoerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is tenlastegelegd:</para>
      <para>dat hij op of omstreeks 12 oktober 2015 in Aruba met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening, in een woning, te weten [adres], terwijl verdachte opzettelijk en wederrechtelijk in die woning, in gebruik bij [slachtoffer], vertoefde, heeft weggenomen een (gouden) ketting met een hanger met de letters [naam], in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, waarbij verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of (een) valse sleutel(s);</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(artikel 2:290 jo. artikel 2:289 sub b van het Wetboek van Strafrecht)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">althans indien ten aanzien van het vorenstaande geen veroordeling mocht (kunnen) volgen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>dat hij op of omstreeks 12 oktober 2015 in Aruba, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning, te weten [adres], weg te nemen, terwijl verdachte opzettelijk en wederrechtelijk in die woning, in gebruik bij [slachtoffer], vertoefde, een (gouden) ketting met een hanger met de letter(s) [naam] en/of een (of meer) (andere) goede(eren), in elk geval enig(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, en zich daarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of het/de weg te nemen goed(eren) onder zijn bereik te brengen door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of (een) valse sleutel(s), opzettelijk daartoe de voordeur van voornoemde woning heeft geforceerd, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(artikel 2:290 jo. artikel 2:89 sub b jo artikel 1:119 van het Wetboek van Strafrecht)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Voorvragen</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Geldigheid van de dagvaarding</emphasis>
      </para>
      <para>Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke vereisten voldoet en dus geldig is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bevoegdheid van het gerecht</emphasis>
      </para>
      <para>Krachtens de wettelijke bepalingen is het gerecht bevoegd van het tenlastegelegde kennis te nemen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ontvankelijkheid van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Redenen voor schorsing van de vervolging</emphasis>
      </para>
      <para>Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Bewijsbeslissingen</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
      <para>Het gerecht heeft uit het onderzoek op de terechtzitting door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat het bewezen acht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>dat hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 12 oktober 2015 in Aruba met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening, in een woning, te weten [adres], terwijl verdachte opzettelijk en wederrechtelijk in die woning, in gebruik bij [slachtoffer], vertoefde, heeft weggenomen een (gouden) ketting met een hanger met de letters [naam], <emphasis role="strike-through">in elk geval enig goed, geheel of ten dele</emphasis> toebehorende aan [slachtoffer], <emphasis role="strike-through">in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte,</emphasis> waarbij verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> het<emphasis role="strike-through">/de</emphasis> weg te nemen goed<emphasis role="strike-through">(eren)</emphasis> onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak <emphasis role="strike-through">en/of verbreking en/of inklimming en/of (een) valse sleutel(s)</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, zoals doorgestreept in de tekst, is niet bewezen, zodat de verdachte hiervan zal worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Bewijsmiddelen</title>
    <para>De overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de wettige bewijsmiddelen zijn vervat.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bewijsmiddelen zullen in geval van hoger beroep in een aan dit vonnis te hechten bijlage worden opgenomen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Kwalificatie en strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
      <para>diefstal in een woning gepleegd door iemand die artikel 2:65 van het Wetboek van Strafrecht heeft overtreden waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak,</para>
      <para>strafbaar gesteld bij artikel 2:290 in samenhang met 2:289 onder b van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde is strafbaar, nu geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid ervan opheffen of uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Strafbaarheid van de verdachte </title>
    <para>De verdachte is strafbaar nu geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid opheffen of uitsluiten.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>Oplegging van straf of maatregel</title>
    <para>Gelet op de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, op de omstandigheden waaronder de verdachte zich daaraan schuldig heeft gemaakt en op de persoon van de verdachte, zoals van één en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht het gerecht na te noemen beslissing passend. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is iemands woning binnengedrongen en heeft zich daar schuldig gemaakt aan diefstal. Met dit handelen heeft verdachte niet alleen inbreuk gemaakt op het eigendomsrecht van de bewoners van die woning, maar ook hun privacy geschonden op de plaats waar zij zich het meest veilig behoren te voelen. Het gerecht rekent verdachte dit handelen zwaar aan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Oplegging van een vrijheidsontnemende straf is op zich geïndiceerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten nadele van verdachte geldt dat hij zeer recent nog is veroordeeld voor het plegen van gelijksoortige strafbare feiten. Verdachte is daarbij steeds hulp aangeboden om herhaling van zijn handelen te voorkomen, doch verdachte lijkt niet tot bezinning te komen en het laakbare van zijn handelen in te zien.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegende kan niet worden volstaan met een andere of lichtere straf dan een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Vordering tenuitvoerlegging voorwaardelijke straffen</title>
    <para>Bij onherroepelijk vonnis van 22 mei 2015, gewezen onder parketnummers P-2015/01329 en P-2014/15384, heeft het gerecht verdachte ter zake diefstal in een woning gepleegd door iemand die artikel 2:65 van het Wetboek van Strafrecht heeft overtreden, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van inklimming en ter zake verduistering veroordeeld tot – onder meer – voorwaardelijke jeugddetentie voor de duur van zes (6) maanden, met een proeftijd van twee (2) jaren. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij onherroepelijk vonnis van 25 september 2015, gewezen onder parketnummer <?linebreak?>P-2015/09925, heeft het gerecht verdachte ter zake diefstal in een woning door iemand die artikel 2:65 van het Wetboek van Strafrecht heeft overtreden veroordeeld tot <?linebreak?>– onder meer – jeugddetentie van honderddertien (113) dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee (2) jaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bij genoemde vonnissen vastgestelde proeftijd is ingegaan op, respectievelijk, <?linebreak?>25 mei 2015 en 25 september 2015, die ten tijde van het indienen van de vordering door de officier van justitie geen van beide nog waren geëindigd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie vordert thans dat die voorwaardelijke straffen alsnog ten uitvoer zullen worden gelegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gerecht heeft bij het onderzoek ter terechtzitting bevonden dat het bevoegd is over de vordering te oordelen en de officier van justitie daarin ontvankelijk is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gerecht is van oordeel dat de vordering dient te worden toegewezen, nu uit de inhoud van dit vonnis blijkt dat verdachte de voorwaarde dat hij zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan enig strafbaar feit, niet heeft nageleefd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para>De op te leggen straf is behalve op de reeds eerder genoemde wettelijke bepalingen mede gegrond op de artikelen 1:13, 1:21, 1:26, 1:62, 1:157, 1:163, 1:164, 1:165 en 1:186 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>11</nr>Beslissing</title>
    <para>Het gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde feit zoals hierboven bewezen geacht heeft begaan; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en de verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>kwalificeert het bewezenverklaarde als hierboven omschreven;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte tot <emphasis role="bold">jeugddetentie</emphasis> voor de duur van <?linebreak?><emphasis role="bold">drie (3) maanden</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde jeugddetentie in mindering wordt gebracht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst toe de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van de strafvonnissen in de zaken met parketnummers P-2015/01329, P-2014/15384 en P-2015/09925 en gelast de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke jeugddetentie van <emphasis role="bold">zes (6) maanden</emphasis> opgelegd bij vonnis van 22 mei 2015 en de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke jeugddetentie van <emphasis role="bold">honderddertien (113) dagen</emphasis> opgelegd bij vonnis van 25 september 2015. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. W.C.E. Winfield en uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit gerecht op 20 november 2015, in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>