<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGEAA:2015:229</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T10:40:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-08-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/GEA Aruba" scheme="psi.rechtspraak">Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-08-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">A.R. 2350 van 2014</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2015:229">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2015:229</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-08-25T11:44:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-08-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGEAA:2015:229 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 19-08-2015 / A.R. 2350 van 2014</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGEAA:2015:229:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>betaling schuld</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGEAA:2015:229:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Vonnis van 19 augustus 2015.</para>
    <para>Behorend bij A.R. 2350 van 2014.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>VONNIS in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap </para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">SERVICIO DI TELECOMUNICACION DI ARUBA (SETAR) N.V.</emphasis>,</para>
      <para>te Aruba, </para>
      <para>hierna ook te noemen: Setar,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. M.M.M.C. Ecury,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">B</emphasis>, </para>
      <para>wonende te Aruba, </para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DE PROCEDURE</title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:<?linebreak?></para>
    <para>- het verzoekschrift;</para>
    <para>- de mondelinge conclusie van antwoord waarvan proces-verbaal is opgemaakt;</para>
    <para>- de conclusie van repliek;</para>
    <para>- de akte niet dienen voor dupliek. </para>
    <para>De zaak werd vervolgens verwezen naar de rol voor vonnis. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>DE BEOORDELING</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Setar stelt sinds 2007 opeisbaar te vorderen te hebben van gedaagde Afl. 4.213,37 ter zake onbetaald gebleven telecomdiensten. Gedaagde heeft deze schuld volgens Setar erkend door ondertekening van een schuldbekentenis. Setar vordert veroordeling van gedaagde tot betaling van voornoemd bedrag, te vermeerderen met overeengekomen 15% buitengerechtelijke incassokosten, met de kosten van het opmaken van de schuldbekentenis en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 4 maart 2008, zijnde de datum van ingebrekestelling, kosten rechtens.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Gedaagde heeft verweer gevoerd. Hij geeft aan – samengevat - dat in feite niet hij maar zijn broer de kosten heeft veroorzaakt door te bellen met gedaagdes telefoon. Gedaagde verzoekt clementie. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>In de kern heeft gedaagde de vordering onweersproken gelaten. Setar geeft bij repliek aan dat gedaagde nog nooit eerder heeft aangegeven dat in wezen zijn broer de kosten heeft gemaakt. Het gerecht merkt op dat de vraag wie de telefoon heeft gebruikt, voor de betalingsverplichting van gedaagde geen verschil maakt. Welke andere persoon uit zijn omgeving zijn telefoon heeft gebruikt, het blijft voor zijn rekening. De vordering zal dus worden toegewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Setar heeft onderbouwd en onweersproken gesteld dat de vordering al vanaf 2007 open staat en dat zij incassokosten heeft moeten maken. Ook in zoverre zal de vordering worden toegewezen, echter met uitzondering van de gevraagde vergoeding voor het opmaken van de schuldbekentenis. Die kosten worden geacht te vallen onder de 15% buitengerechtelijke incassokosten. Als in het ongelijk te stellen partij zal gedaagde de proceskosten moeten vergoeden. <?linebreak?></para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>DE UITSPRAAK</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechter in dit gerecht, recht doende:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt gedaagde tot betaling aan Setar van een bedrag van Afl. 4.213,37, te vermeerderen met overeengekomen 15% buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over deze hoofdsom vanaf 4 maart 2008;<?linebreak?></para>
      <para>veroordeelt gedaagde in de kosten van de procedure, welke kosten tot op heden aan de zijde van Setar worden begroot op Afl. 450, aan griffierecht, Afl. 209,-- aan explootkosten en AWG. 500,- aan salaris van de gemachtigde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. P.A.H. Lemaire, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 19 augustus 2015 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>