<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:OGAACMB:2017:109</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-11-06T11:00:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerecht_in_Ambtenarenzaken_van_Aruba_Curacao_Sint_Maarten_en_van_Bonaire_Sint_Eustatius_en_Saba" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-10-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AUA201701053</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_ambtenarenrecht">Bestuursrecht; Ambtenarenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGAACMB:2017:109">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGAACMB:2017:109</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-11-06T11:00:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:OGAACMB:2017:109 Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba , 30-10-2017 / AUA201701053</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:OGAACMB:2017:109:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Bevel als bedoeld in artikel 83 van de Landsverordening ambtenarenrechtspraak.</para>
        <para>Het gerecht ziet aanleiding om het onderzoek te heropenen ten einde getuige ter zitting te horen . Het onderzoek ter zitting zal daartoe worden hervat.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:OGAACMB:2017:109:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>Bevel van 30 oktober 2017	</para>
    <para>AUA201701053</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">HET GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN ARUBA</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bevel als bedoeld in artikel 83 van de Landsverordening ambtenarenrechtspraak</para>
      <para>inzake het bezwaar van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">[klager]</emphasis>
      </para>
      <para>wonend te Aruba,</para>
      <para>KLAGER,</para>
      <para>gemachtigde: de advocaat mr. H.F. Falconi, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">de Gouverneur van Aruba</emphasis>,</para>
      <para>zetelend te Aruba,</para>
      <para>VERWEERDER, </para>
      <para>gemachtigde: mr. C.P. Wever (DWJZ).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>PROCESVERLOOP</title>
    <para>Bij landsbesluit van 5 mei 2017, no. 1, door klager ontvangen op 23 mei 2017, heeft verweerder klager met ingang van de dag na dagtekening van dit landsbesluit de disciplinaire straf van terugzetting in rang met vermindering van de bezoldiging voor het bedrag van de laatste periodieke verhoging van bezoldiging (schaal 8, dienstjaar 7) voor de duur van een jaar opgelegd. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daartegen heeft klager op 6 juni 2017 bezwaar ingesteld bij dit gerecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is behandeld ter zitting van 23 oktober 2017, alwaar zijn verschenen klager, bijgestaan door zijn gemachtigde voornoemd, en verweerder bij zijn gemachtigde voornoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitspraak is nader bepaald op heden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>OVERWEGINGEN </title>
    <parablock>
      <para>In raadkamer is gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest. Het gerecht komt tot die conclusie nu klager uitdrukkelijk de juistheid betwist van de stelling van verweerder dat het hem bekend was dat aan de containers van het bedrijf Easy Cargo VBA de selectiecode rood was toegekend, hetgeen betekent dat bij het lossen van die containers de werkwijze dient te worden toegepast dat deze geheel onder douanetoezicht, derhalve met 100% controle, moeten worden gelost. Volgens klager wordt hem dan ook ten onrechte aangerekend dat hij toestemming heeft gegeven om een container van Easy Cargo VBA te openen en te lossen terwijl hij zelf daarbij niet aanwezig was. Verweerder heeft zich, nader toegelicht ter zitting, op het standpunt gesteld dat klager wist dat de containers van Easy Cargo VBA “op rood stonden.” In dit verband heeft verweerder verwezen naar een door de heer [X], Chef Douane Recherche en Informatie, bij mailbericht van 7 december 2016 gegeven toelichting (productie DWJZ no. 27) op het sinds maart 2014 toegepaste aangifteprogramma Asycuda World, in welk programma de controlediepgang van de verschillende aangevers met een selectiekleur wordt aangeduid. Verweerder heeft voorts een uitdraai uit dat programma overgelegd, waarop is vermeld dat aan de aangever Easy Cargo VBA met ingang van 28 augustus 2014 de code “DA001” is toegekend, op grond van het criterium “dubieuze aangever”, en dat bij deze aangever, kort gezegd, 100% controle dient te worden toegepast. Ter zitting heeft verweerder getuigenbewijs aangeboden voor zijn standpunt dat klager bekend was met de vereiste werkwijze bij het lossen van containers van Easy Cargo VBA, welke werkwijze bovendien uit voormeld aangifteprogramma valt af te leiden. </para>
      <para>Gelet op het voorgaande, ziet het gerecht aanleiding om het onderzoek te heropenen ten einde de heer [X], Chef Douane Recherche en Informatie, als getuige ter zitting te horen in verband met voormelde productie DWJZ no. 27. Het onderzoek ter zitting zal daartoe worden hervat op na te melden datum en tijdstip.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>DE BESLISSING</title>
    <para>De rechter in dit gerecht:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>heropent het onderzoek;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt dat het onderzoek ter zitting wordt hervat op <emphasis role="bold underline">maandag 27 november 2017 om 15.00 uur</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt de oproeping om alsdan als getuige te worden gehoord van:</para>
      <para> [X], Chef Douane Recherche en Informatie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit bevel is gegeven door mr. W.C.E. Winfield, rechter in ambtenarenzaken, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van maandag 30 oktober 2017, in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>