<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2017:3237</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-04T09:35:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-12-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/03270</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#artikel81ROzaken">Artikel 81 RO-zaken</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHAMS:2016:2635" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/cassatie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2016:2635</dcterms:relation>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005537&amp;artikel=8:75">Algemene wet bestuursrecht 8:75</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005806&amp;artikel=9">Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 9</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005806&amp;artikel=10">Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 10</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>V-N Vandaag 2017/3044</rdf:li>
          <rdf:li>NTFR 2018/42</rdf:li>
          <rdf:li>FutD 2018-0016</rdf:li>
          <rdf:li>Viditax (FutD) 2017122204</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2017:3237">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2017:3237</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-12-21T11:00:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2017:3237 Hoge Raad , 22-12-2017 / 16/03270</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2017:3237:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>HR: 81.1 RO.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2017:3237:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>22 december 2017</para>
    <para>Nr. 16/03270</para>
    <para />
    <para>Arrest</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>gewezen op het beroep in cassatie van <emphasis role="underline">B.V. [X] </emphasis>te <emphasis role="underline">[Z]</emphasis> (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het <emphasis role="underline">Gerechtshof Amsterdam</emphasis> van 10 mei 2016, nr. 14/00803, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nr. AWB 12/3563) betreffende een aan belanghebbende opgelegde naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Geding in cassatie</title>
    <parablock>
      <para>Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal middelen voorgesteld.</para>
      <para>Zowel de Staatssecretaris van Financiën als de Minister van Veiligheid en Justitie heeft een verweerschrift ingediend.</para>
      <para>Belanghebbende heeft twee conclusies van repliek ingediend.</para>
      <para>De Minister van Veiligheid en Justitie heeft een conclusie van dupliek ingediend.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling van de middelen</title>
    <para>De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Proceskosten</title>
    <para>De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.</para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <para>De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren E.N. Punt en M.E. van Hilten, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 22 december 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>