<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2017:2967</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-22T10:53:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-11-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-09-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/01832</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2017:2967">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2017:2967</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-22T10:53:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-11-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2017:2967 Hoge Raad , 26-09-2017 / 16/01832</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2017:2967:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Rolbeslissing Tweede Enkelvoudige Kamer HR. Verzoeken tot cassatie in WAHV-zaken afkomstig van Hof Arnhem-Leeuwarden. Cassatieberoep op voorgeschreven wijze ingesteld en mogelijk? Uit de stukken van het geding kan niet blijken dat op de wijze a.b.i. art. 449 en 450 Sv beroep in cassatie is ingesteld. Het moet er derhalve voor worden gehouden dat geen, althans niet op bij WvSv voorgeschreven wijze, beroep in cassatie is ingesteld, zodat reeds om die reden de zaken niet in behandeling kunnen worden genomen. O.g.v. art. 78.1 en 3 Wet RO staat geen cassatieberoep open tegen handelingen en beslissingen van Rb en Hof Arnhem-Leeuwarden in zaken m.b.t. de WAHV. Verzoeken worden niet in behandeling genomen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2017:2967:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>26 september 2017</para>
    <para>Strafkamer</para>
    <para>Nr. S 16/01832</para>
    <para />
    <para> </para>
    <para> </para>
    <para> </para>
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Tweede Enkelvoudige Kamer</para>
    <para> </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">Rolbeslissing</emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para />
      <para>op het verzoek tot cassatie van arresten van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, in de zaken tegen:</para>
    </parablock>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">
          [betrokkene 1]
        </emphasis>, uitspraak 5 februari 2016, </para>
      <para>CJIB-nummers [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">
          [betrokkene 1]
        </emphasis>, uitspraak 11 november 2016, </para>
      <para>CJIB-nummers [nummer], [nummer] en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">
          [betrokkene 2]
        </emphasis>, uitspraak 31 maart 2017, </para>
      <para>CJIB-nummers [nummer] e.v., [nummer], [nummer], [nummer] en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">
          [betrokkene 3]
        </emphasis>, uitspraak 16 augustus 2017, </para>
      <para>WAHV 200.179.640 en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">
          [betrokkene 4]
        </emphasis>, uitspraak 5 februari 2016, </para>
      <para>CJIB-nummers [nummer], [nummer], [nummer].</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Geding in cassatie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de Hoge Raad zijn ingekomen namens de betrokkenen ingediende geschriften, telkens houdende een verzoek tot cassatie. Die geschriften zijn aan deze beslissing gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling van de verzoeken </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Uit de stukken van het geding kan niet blijken dat in voormelde zaken op de wijze als bedoeld in de art. 449 en 450 van het Wetboek van Strafvordering beroep in cassatie is ingesteld. Het moet er derhalve voor worden gehouden dat geen, althans niet op bij genoemd Wetboek voorgeschreven wijze, beroep in cassatie is ingesteld, zodat reeds om die reden de zaken niet in behandeling kunnen worden genomen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De verzoeken betreffen telkens een zaak waarin de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (hierna: WAHV) is toegepast.</para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>2.2.1.</nr>
        <parablock>
          <para>Sinds de inwerkingtreding van de Wet van 28 oktober 1999, Stb. 1999, 469, waarbij de WAHV is gewijzigd, staat tegen door de kantonrechter gegeven beslissingen in </para>
          <para>WAHV-zaken geen cassatieberoep meer open, maar enkel hoger beroep bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>2.2.2.</nr>
        <parablock>
          <para>Art. 78, eerste en derde lid, van de Wet op de rechtelijke organisatie luidt in dat kader, voor zover hier van belang:</para>
          <para>"1. De Hoge Raad neemt kennis van het beroep in cassatie tegen de handelingen, arresten, vonnissen en beschikkingen van de gerechtshoven en de rechtbanken (...)</para>
          <para>3. Het eerste lid is (...) niet van toepassing ten aanzien van de handelingen en beslissingen van de rechtbanken en van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in zaken met betrekking tot de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (...)"</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Nu beroep in cassatie niet openstaat, kunnen de betrokkenen niet worden ontvangen in hun verzoek en moet als volgt worden beslist. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Tweede Enkelvoudige Kamer van de Hoge Raad bepaalt dat de verzoeken tot cassatie niet in behandeling worden genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Deze rolbeslissing is gegeven door de rolraadsheer A.J.A. van Dorst, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker en uitgesproken ter openbare terechtzitting van<emphasis role="underline"> 26 september 2017</emphasis>. <?linebreak?></para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>