<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2017:1156</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T12:42:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-06-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-06-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/02996</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#artikel81ROzaken">Artikel 81 RO-zaken</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2017:416" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#gevolgd">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:416, Gevolgd</dcterms:relation>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHAMS:2016:634" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/cassatie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#bekrachtiging/bevestiging">In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2016:634, Bekrachtiging/bevestiging</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2017/728</rdf:li>
          <rdf:li>RAV 2017/84</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2017/3314</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2017:1156">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2017:1156</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-06-22T16:35:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-06-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2017:1156 Hoge Raad , 23-06-2017 / 16/02996</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2017:1156:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Art. 81 lid 1 RO. Verzekeringsrecht. Samenloop gebouwenverzekering en CAR-verzekering. Is schade na verbouwing ziekenhuis die onder de gebouwenverzekering is vergoed, tevens gedekt door de CAR-verzekering? Is een onderhoudstermijn overeengekomen?</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2017:1156:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>23 juni 2017</para>
    <para>Eerste Kamer</para>
    <para>16/02996</para>
    <para>RM/AR</para>
    <para> </para>
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Arrest</para>
    <para> </para>
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. de vennootschap naar buitenlands recht  CHUBB INSURANCE COMPANY OF EUROPE S.E.,<?linebreak?>gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,</para>
      <para />
      <para>2. de vennootschap naar buitenlands recht ALLIANZ BENELUX N.V. (voorheen Allianz Nederland Schadeverzekering N.V.), <?linebreak?>gevestigd te Brussel, België,</para>
      <para />
      <para>3. HDI-GERLING VERZEKERINGEN N.V.,<?linebreak?>gevestigd te Rotterdam, </para>
      <para />
      <para>4. de vennootschap naar buitenlands recht AIG EUROPE LIMITED (voorheen AIG Europe Netherlands N.V),<?linebreak?>gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,<?linebreak?></para>
      <para />
      <para>5. de vennootschap naar buitenlands recht ACE EUROPEAN GROUP LIMITED,<?linebreak?>gevestigd te London, Verenigd Koninkrijk,<?linebreak?></para>
      <para />
      <para>6. NATIONALE-NEDERLANDEN SCHADEVERZEKERING MAATSCHAPPIJ N.V.,<?linebreak?>gevestigd te ’s-Gravenhage, </para>
      <para />
      <para>7. DELTA LLOYD SCHADEVERZEKERING N.V.,<?linebreak?>gevestigd te Amsterdam, <?linebreak?></para>
      <para />
      <para>8. ACHMEA SCHADEVERZEKERINGEN N.V.,</para>
      <para>gevestigd te Apeldoorn,</para>
      <para />
      <para>EISERESSEN tot cassatie,</para>
      <para />
      <para>advocaat: mr. K. Teuben,</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>		t e g e n</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>1. AMLIN EUROPE N.V. (voorheen Amlin Corporate Insurance N.V.),<?linebreak?>gevestigd te Amstelveen, </para>
      <para />
      <para>2. DELTA LLOYD SCHADEVERZEKERINGEN N.V. (als rechtsopvolgster van Praevenio Technische Verzekeringen B.V.),<?linebreak?>gevestigd te Amsterdam, </para>
      <para />
      <para>3. HDI-GERLING VERZEKERINGEN N.V. (voorheen Nassau Verzekering Maatschappij N.V.),<?linebreak?>gevestigd te Rotterdam, </para>
      <para />
      <para>4. de vennootschap naar buitenlands recht ACE EUROPEAN GROUP LIMITED (voorheen Ace Insurance N.V.),<?linebreak?>gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,</para>
      <para />
      <para>5. de vennootschap naar buitenlands recht ALLIANZ BENELUX N.V. (voorheen Allianz Nederland Schadeverzekering N.V.),<?linebreak?>gevestigd te Brussel, België,</para>
      <para />
      <para>6. HDI-GERLING VERZEKERINGEN N.V.,<?linebreak?>gevestigd te Rotterdam, </para>
      <para />
      <para>7. ACHMEA SCHADEVERZEKERINGEN N.V.,</para>
      <para>  gevestigd te Apeldoorn,</para>
      <para />
      <para>8. SOMPO JAPAN CANOPIUS B.V. (voorheen genaamd Sompo Japan Nipponkoa Nederland B.V., respectievelijk KSA Verzekeringen B.V., respectievelijk Nateus Nederland B.V.,</para>
      <para>gevestigd te Amsterdam, </para>
      <para />
      <para>VERWEERDERS in cassatie,</para>
      <para />
      <para>advocaten: mr. D. Rijpma en mr. C.J.A. Seinen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Chubb c.s. en Amlin c.s.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in feitelijke instanties</title>
    <para>	Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: </para>
    <para>a.	de vonnissen in de zaak C/13/445308 / HA ZA 09-3916 van de rechtbank Amsterdam van 9 juni 2010, 11 januari 2012, 12 september 2012 en 27 augustus 2014;</para>
    <para>b.	het arrest in de zaak 200.161.268/01 van het gerechtshof Amsterdam van 23 februari 2016. </para>
    <para>	Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in cassatie</title>
    <parablock>
      <para>	Tegen het arrest van het hof hebben Chubb c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>	Amlin c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.</para>
      <para>	De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor Chubb c.s. mede door mr. K.J.O. Jansen.	De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.</para>
      <para>	De advocaat van Chubb c.s. heeft bij brief van 19 mei 2017 op die conclusie gereageerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling van het middel</title>
    <para>De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <parablock>
      <para>	De Hoge Raad:</para>
      <para>	verwerpt het beroep;</para>
      <para>	veroordeelt Chubb c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Amlin c.s. begroot op € 6.590,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op <emphasis role="underline">23 juni 2017</emphasis>.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>