<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2016:454</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T12:17:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-03-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">15/01064</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#artikel81ROzaken">Artikel 81 RO-zaken</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2015:2429" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#gevolgd">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:2429, Gevolgd</dcterms:relation>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHAMS:2014:5509" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/cassatie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#bekrachtiging/bevestiging">In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2014:5509, Bekrachtiging/bevestiging</dcterms:relation>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003045">Burgerlijk Wetboek Boek 2</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003045&amp;artikel=346">Burgerlijk Wetboek Boek 2 346</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2016/118</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2016/798</rdf:li>
          <rdf:li>RN 2016/52</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2016/412</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2016/51</rdf:li>
          <rdf:li>JONDR 2016/561</rdf:li>
          <rdf:li>JOR 2016/190</rdf:li>
          <rdf:li>OR-Updates.nl 2016-0090</rdf:li>
          <rdf:li>ERF-Updates.nl 2016-0077</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2016:454">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2016:454</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-18T10:27:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2016:454 Hoge Raad , 18-03-2016 / 15/01064</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2016:454:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure bij Ondernemingskamer inzake vennootschappen waarvan de aandelen tot een nalatenschap behoren. Bevoegdheid vereffenaar nalatenschap q.q. om enquêteverzoek in te dienen: is een van de erven ontvangen procesvolmacht toereikend?</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2016:454:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>18 maart 2016</para>
    <para>Eerste Kamer</para>
    <para>15/01064</para>
    <para>EE/LZ</para>
    <para />
    <para> </para>
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Beschikking</para>
    <para />
    <para> </para>
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. [verzoekster 1] ,<?linebreak?>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>2. [verzoeker 2] ,<?linebreak?>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>3. LAPIDUS HOLDING B.V.,<?linebreak?>gevestigd te Amsterdam,</para>
      <para>VERZOEKERS tot cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. F.E. Vermeulen,</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>	t e g e n</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>1. [verweerder 1] ,</para>
      <para>2. [verweerder 2] ,</para>
      <para>3. [verweerster 3] ,</para>
      <para>4. [verweerder 4] ,</para>
      <para>5. [verweerster 5] ,</para>
      <para>6. mr. Antonie VAN HEES, in zijn hoedanigheid van vereffenaar van de nalatenschap van [betrokkene 1] ,<?linebreak?>kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
      <para>VERWEERDERS in cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. W.H. van Hemel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] c.s. en de erven en Van Hees.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in feitelijke instantie</title>
    <parablock>
      <para>Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad de beschikking in de zaken 200.149.410/01 OK tot en met 200.149.410/04 OK van de Ondernemingskamer van 23 december 2014. </para>
      <para>	De beschikking van de Ondernemingskamer is aan deze beschikking gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in cassatie</title>
    <parablock>
      <para>	Tegen de beschikking van de Ondernemingskamer hebben [verzoeker] c.s. beroep in cassatie ingesteld. <?linebreak?>Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>	De erven en Van Hees hebben verzocht het beroep te verwerpen.</para>
      <para>	De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.</para>
      <para>De advocaat van [verzoeker] c.s. heeft bij brief van 8 januari 2016 op die conclusie gereageerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling van het middel</title>
    <para>De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <parablock>
      <para>	De Hoge Raad:</para>
      <para>	verwerpt het beroep;</para>
      <para>	veroordeelt [verzoeker] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de erven en Van Hees begroot op € 393,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op <emphasis role="underline">18 maart 2016</emphasis>.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>