<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2015:3331</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-14T10:05:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-11-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-11-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">14/04586</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#artikel81ROzaken">Artikel 81 RO-zaken</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2015:1690" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#gevolgd">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:1690, Gevolgd</dcterms:relation>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHAMS:2014:2230" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/cassatie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#bekrachtiging/bevestiging">In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2014:2230, Bekrachtiging/bevestiging</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2015/390</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2015/2260</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2015/1273</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2016/31</rdf:li>
          <rdf:li>JONDR 2016/239</rdf:li>
          <rdf:li>OR-Updates.nl 2015-0397</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2015:3331">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2015:3331</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-19T14:15:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-11-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2015:3331 Hoge Raad , 20-11-2015 / 14/04586</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2015:3331:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure. Wanbeleid grootaandeelhouder wegens  blokkering van besluitvorming over financiering. Aan onderzoek en rapportage in enquêteprocedure te stellen eisen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2015:3331:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>20 november 2015</para>
    <para>Eerste Kamer</para>
    <para>14/04586</para>
    <para>LZ</para>
    <para />
    <para> </para>
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Beschikking</para>
    <para />
    <para> </para>
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [verzoeker] ,<?linebreak?>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>VERZOEKER tot cassatie, verweerder in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,</para>
      <para />
      <para>advocaat: mr. E.M. Tjon-En-Fa,</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>1. ERASMUS MC HOLDING B.V.,<?linebreak?>gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>VERWEERSTER in cassatie, verzoekster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,</para>
      <para>advocaat: mr. F.E. Vermeulen,</para>
      <para />
      <para>           e n   t e g e n</para>
      <para />
      <para />
      <para>2. [verweerder 1] ,<?linebreak?>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>3. [verweerder 2] ,<?linebreak?>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>VERWEERDERS in cassatie, verzoekers in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,</para>
      <para />
      <para>advocaat: mr. W.H. van Hemel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] , verweerder onder 1 als Erasmus Holding en verweerders onder 2 en 3 als [verweerders]</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in feitelijke instanties</title>
    <para>Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: </para>
    <orderedlist numeration="loweralpha">
      <listitem>
        <para>de beschikkingen in de zaak 200.111.214/01 OK van het gerechtshof Amsterdam van 18 oktober 2012, 22 oktober 2012, 3 december 2012, 4 december 2012, 27 juni 2013 en 16 juli 2013;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de beschikking met de zaaknummers 200.132.040/01 OK en 200.132.040/02 OK van het gerechtshof Amsterdam van 13 juni 2014. </para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para>	De beschikking van 13 juni 2014 is aan deze beschikking gehecht. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in cassatie</title>
    <parablock>
      <para>	Tegen de beschikkingen van het hof van 18 december 2012 en 13 juni 2014 heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Erasmus Holding en [verweerders] hebben ieder voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. <?linebreak?>Het cassatierekest en de verweerschriften tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.</para>
      <para>	Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep; Erasmus Holding en [verweerders] hebben de Hoge Raad tevens verzocht de zaak op de voet van art. 420 RV zelf af te doen.</para>
      <para>	De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling van het middel in het principale beroep </title>
    <parablock>
      <para>De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
      <para>	Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <parablock>
      <para>De Hoge Raad:</para>
      <para>verwerpt het principale beroep;</para>
      <para>veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Erasmus Holding begroot op € 815,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris en aan de zijde van [verweerders] begroot op € 387,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Deze beschikking is gegeven door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, G. Snijders, G. de Groot en V. van den Brink, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op <emphasis role="underline">20 november 2015</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>